Corona blog

Maandag 14 september

Gisteren zag ik als titel bij m.hln.be: ‘Stoere mannen met een klein hartje! Tom Waes en ex-Special Forces Stijn Swijns babbelen over hun angsten: “Kaalheid, daar heb ik het moeilijk mee”.

Als dat de existentiële angst is die beide heren overvalt, dan valt het met de wereldproblemen best mee. Dan moeten wij ons geen grote zorgen maken.Daar kan onze lichte ongerustheid over het stijgen van de coronacijfers natuurlijk niet tegen op. Er is blijkbaar een grote gelatenheid over ons neergedaald. Deze week zitten wij gegarandeerd terug aan meer dan 1000 besmettingen per dag, maar ‘who cares’: ‘Zolang mijn haar maar in de juiste plooi blijft vallen’.
Ik zie overal coronamoeheid. De mensen zijn het beu en willen kost wat kost terug hun gewone leven oppikken. Noodzakelijke maatregelen worden door ‘iedereen’ naar eigen hand gezet. Onze volksaard ‘we doen wat we willen en leggen de regels naast ons neer zolang er geen bestraffende instantie in de buurt is’ laait weer volop op. We leven nu eenmaal in een land van ‘Je m’en foutisten’!

Moest Brel nog leven, dan zou hij er een prachtige protestsong van maken en zou de verontwaardiging bij de Belgen groot zijn. Laat het ons gewoon toegeven: echt veel burgerzin hebben wij, Belgen, niet. De opmaak van een Vlaamse canon zal ons ook niet verder helpen. Ik zou begot niet weten wat onze Vlaamse identiteit is en we kunnen dat potje misschien beter bedekt laten.Na 6 maanden tellen wij nog steeds geen besmettingen in Oostrem, maar dat zal zo niet blijven. Dat klinkt zeer alarmistisch, maar daar ben ik rotsvast van overtuigd. 

Vandaar mijn oproep om de regels goed na te volgen en verslapte aandacht terug aan te scherpen. De kernboodschap blijft social dinstancing (de 1,5 m aub), handhygiëne, mondmaskers, kleine bubbels, wegblijven uit oranje/rode vakantiezones, en bij lichte symptomen dadelijk de dokter raadplegen.Zolang er geen vaccin is, leven wij op een mijnenveld.

Woensdag 9 september

De voorbije weken kleuren rood in de geschiedenis van Oostrem.Nathan, een jonge collega (26 jaar), twee jaar in dienst in de leefgroep Bijlok, is niet meer.

Blijkbaar kan de dood soms lichter zijn dan de zwaarte van het leven. En dat bleek voor Nathan het geval.Zo jong, zo graag gezien door bewoners en collega’s, … er zijn geen woorden voor. Of misschien toch wel. Céline wou dat haar band met Nathan niet zo goed geweest was. Dan zou ze nu niet zo boos zijn omwille van het grote gemis.

Nathan, een jonge onconventionele gast voor wie gewoon doen al bijzonder genoeg was. No nonsense, geen blablabla, maar wel veel Engels in zijn dagelijks taalgebruik.
Nathan, met zijn droge humor en zijn onnozelheden; nog even mee in bed kruipen bij Carlo of op de schoot van Jeanine. Telkens opnieuw bezig met de sfeer te verlichten, collega’s en bewoners op te beuren.Licht, lichter, lichtst!

Nathan met zijn enorme inlevingsvermogen, een ongeziene empathie.Een rustbrenger in Oostrem, zijn tweede thuis. Eén zaak mag zeker zijn: hij was graag gezien in Oostrem en hij zag de bewoners ongelooflijk graag. Pas na het overlijden van Nathan leerde ik deze jonge man een beetje beter kennen via verhalen van zijn familie, vrienden en directe collega’s. 

Er rest de herinnering aan een eenvoudige, eerlijke, zorgzame en liefdevolle mens die ongelooflijke veel betekent voor zovelen.

Een schat van een jongen!

Mario

Zondag 6 september

In volle coronaperiode vindt de directie van het woonzorgcentrum Arendonk het nodig om het personeel te schofferen. De directie heeft zelfs niet de moed om dat onder eigen naam te doen, maar schreef een brief naar alle werknemers onder de fictieve naam van een bewoner.

Dom, dommer, domst! Zulke handelswijze kan op geen enkele manier goedgepraat worden. Als het de bedoeling was om in gesprek te gaan met het personeel over de visie op zorg voor de bewoners, dan moet dit intern gebeuren, in een serene sfeer van vertrouwen.

Niet dus. Het aantal ziektemeldingen en burnouts zullen de volgende dagen de pan uit rijzen. Is dat nu het resultaat dat de directie beoogt in deze coronatijden?

Gelukkig zijn er andere voorbeelden. Het woonzorgcentrum op de site van het Heilig Hartinstituut Heverlee heeft een zeer sterk project uitgewerkt rond duurzaamheid en mens, Sociopolis. In het woonzorgcentrum verblijven ook internationale studenten en kwetsbare jonge mensen die zich vrijwillig inzetten in ruil voor een sterk verlaagde huur. Daarmee zorgen zij voor een ongekende dynamiek. Ik heb het geluk om dit project in de zijlijn te mogen opvolgen. De toekomst ligt in geïntegreerde woonprojecten met een gezonde mix van verschillende bewonersprofielen.

Het project dat ik beschrijf, werd genomineerd. Je kan er, tot vandaag, steun/stem aan geven. 

Stemmen kan door je te registreren en op een duimpje te klikken: https://leuvenmaakhetmee.be/nl-BE/ideas/sociopolis-annunciaten-heverlee

Dinsdag 1 september

Gisterenavond ging ik voor de eerste keer in maanden terug naar een cultureel evenement. Het ging om een optreden van Trivial Muffins die een korte operavoorstelling ‘Cox and Box’ brachten. Deze voorstelling kaderde in de anderhalvemetersessies op de binnenplaats van bibliotheek Tweebronnen, Leuven.

Wat een luxe! Heel even van de gewone wereld weg en kort meegezogen worden in een parallel universum. Dat is de plaats die cultuur voor mij inneemt. Dat is het elixir (geneeskrachtig en magisch drankje) dat ik van tijd tot tijd nodig heb.

Heel even weg van het politieke gekrakeel, het geheugenverlies of het zeer korte termijngeheugen van onze Vlaamse minister-president, wielrenners die ‘niet-negatief’ testten (ipv positief of negatief), van elk jaar dezelfde terugkerende problemen in het onderwijs (los van corona), van Vivaldi tot Arizona, de dagelijkse beslommeringen, …

Sinds corona wordt de stilstand, het gebrek aan bestuurlijk inzicht en staatsmanschap in ons landje pijnlijk zichtbaar. Dan rest er alleen nog maar de schoonheid van cultuur.

Dinsdag 25 augustus

Gisterenavond liep het bericht binnen dat Robbe De Hert, cineast, op 77 jarige leeftijd overleed. Je vraagt je waarschijnlijk af wat dit nu in godsnaam met Oostrem te maken heeft. Een aantal bewoners zullen jullie dat met graagte vertellen. In 1989 bracht Robbe ‘Blueberry Hill’ uit. Deze film kende een mega succes en kreeg een vervolg met 'Brylcream Boulevard' (1995). Daarin figureerden verschillende bewoners van Oostrem. We trokken toen met een busje naar het kasteel van Ecaussinnes-Lalaing in de rol van ‘goed doel’ waarvoor een galabal georganiseerd werd. Het werd vooral een dag van lang wachten en het besef groeide dat film maken vooral hard labeur is.

We waren toch een beetje fier dat wij aan een echte film meegewerkt hadden.

Dat was weer eens een ervaring die wij van ons bucket lijstje konden schrappen.

https://www.demorgen.be/tv-cultuur/regisseur-robbe-de-hert-77-overleden~bf450487/

Regisseur Robbe De Hert (77) overleden

DEMORGEN.BERegisseur Robbe De Hert (77) overledenRobbe De Hert is vandaag op 77-jarige leeftijd overleden. De regisseu

Maandag 24 augustus

Dit weekend verscheen een opiniestuk van Mieke Vogels met als titel ‘De manier waarop met bewoners van woonzorgcentra en hun familie wordt omgegaan, is mensonterend – nog steeds’. Er zijn de pakkende getuigenissen van bewoners en familieleden; bewoners die zonder bezoek van hun geliefde weken op hun kamer moesten blijven. Partners die zestig jaar samen zijn, werden van elkaar gescheiden. Mensen leden honger, werden onvoldoende verzorgd omdat een deel van het personeel ziek werd… Mensen stierven door angst en eenzaamheid.

Deze harde conclusies zorgden voor de vaststelling dat het tijdens een tweede golf anders moet. Voortaan moet er in alle omstandigheden minstens één vaste bezoeker per bewoner worden toegelaten. De praktijk leert echter dat bij de minste besmetting woonzorgcentra terug de deuren sluiten en liever een beroep doen op medewerkers van de civiele bescherming, het Rode Kruis en het leger dan op de mantelzorgers (de familie) van het eerste uur.

Persoonlijk pleit ik er voor om de nodige mildheid aan de dag te leggen voor de manier waarop woonzorgcentra en andere residentiële settings corona tijdens de eerste maanden het hoofd geboden hebben. We mogen niet vergeten dat de zorginstellingen ongewapend de strijd moesten aangaan tegen een onbekend en verwoestend virus. Intussen zijn we beter gewapend en zijn we verplicht om naast een zuiver medische benadering een ethische benadering te hanteren. In principe had dit al vanaf de eerste dag moeten gebeuren, maar de paniek stond de rede soms in de weg.

In een publicatie van Jan Steyaert, Herlinde Dely en Leentje De Wachter lees ik dat organisaties die al jaren investeerden in ethische reflectie en visievorming daar tijdens de coronacrisis vruchten van plukten: de neuzen staan meestal in dezelfde richting, er is solidariteit, blijvende aandacht voor kwaliteit van zorg, wonen en leven, presentie en verantwoordelijkheid. Dat volg ik helemaal en dat is misschien één van de redenen waarom voorzieningen voor personen met een beperking minder in beeld kwamen. Deze sector, die tot op heden nog niet gedreven wordt door winstbejag en commerciële belangen, lijkt de storm beter te doorstaan. In deze sector neemt het medische een plaats in, maar pedagogische en ethische principes nemen er de bovenhand.

Algemene richtlijnen kunnen een houvast bieden, maar moeten telkens vertaald worden naar de concrete zorgpraktijk. Er wordt dan gesproken over discretionaire ruimte: de ruimte die professionals krijgen om binnen de grenzen van de wet zinvolle handelingen te stellen. Vanuit ethisch oogpunt moeten wij ons steeds de vraag afvragen vanuit welke waarden keuzes gemaakt worden, welk ethisch kompas wij gebruiken en wie betrokken wordt? De stem van de cliënt, patiënt of bewoner is daarbij van cruciaal belang. Laat dat nu de stem zijn waar de laatste maanden vaak het minst naar geluisterd werd.

In het zoeken naar een balans tussen veiligheid en kwaliteit van leven neemt men berekende risico’s. Het gaat om een voortdurend evalueren van proportionaliteit, psychosociaal welzijn van de cliënt/bewoner en zijn naasten, gezondheid, veiligheid.Een collega vertelde mij vandaag dat het woonzorgcentra waar zijn moeder verblijft, dit weekend besliste om al het bezoek te weren omdat 1 bewoner op 120 bewoners positief testte. Dan is alle proportionaliteit verloren.

Vraag aan familieleden dat ze zich laten testen en schakel hen in om de bewoners de warmte en liefde te geven die ze deze kwetsbare mensen al jaren geven. Wat moet er in het hoofd van een kwetsbare demenerende oudere omgaan als er plots mannen in legeruniformen de kamer binnen komen? Ontneem bewoners van een woonzorgcentrum en van andere settings hun basisrechten niet. Het kan niet zijn dat wij de klok 50 jaar terug draaien en iedereen die tot een kwetsbare groep behoort ineens op alle levensdomeinen het statuut van onvermogende krijgt. Dan kan men even goed het statuut van ‘verlengde minderjarigheid’ terug van onder het stof halen.

Ethiek moet in tijden van corona het hart blijven uitmaken van de zorg!

Maandag 17 augustus

Neen, een echt vakantiegevoel heb ik de afgelopen maanden niet gekend. Tussendoor een weekje verlof inlassen en aan staycation doen, zorgen er niet voor dat de zinnen verzet raken. Mylène, mijn echtgenote, kan dat gevoel het best verwoorden. Vakantie betekent voor ons letterlijk de Belgische deur dicht trekken en even staten-loos zijn in een ander land. Af en toe wordt er dan nog wel gelezen wat er in ons landje aan de hand is, maar dat gebeurt dan even als een verre toeschouwer. De nood aan escapisme overkomt ons wel eens meer en, eerlijk gezegd, de laatste jaren meer en meer. 

Thuis blijven in coronatijd geeft ons nog meer tijd om met het nieuws bezig te zijn. Wat ons de laatste maanden (jaren) gepresenteerd wordt, oogt niet fraai. Dit weekend was er het gezanik over de dagjestoeristen die de weg naar de kust niet meer vonden, terwijl alle lokale burgemeesters en de (waarnemend) gouverneur vooraf in koor zongen dat zij het best wegbleven! Geen extra treinen meer, controle op weg naar zee met het risico terug gestuurd te worden en dan achteraf klagen dat de horeca lijdt. Dat zag het kleinste kind aankomen, maar onze gezagsdragers duidelijk niet. En dan is er nog de farce van de regeringsvorming. Het lukt maar niet. Elke poging loopt vast door een teveel aan ego’s, profileringsdrang, stemmingmakerij, drukdoenerij en incompetentie. Shame on you! 

Enkele jaren geleden kregen wij van minister Vandeurzen richtlijnen om onze voorziening te toetsen op deugdelijk beleid. De overheid ging er vanuit dat heel wat zorginstellingen op een amateuristische manier bestuurd werden. Wij maakten een doorlichting en bleken er wonderwel goed uit te komen. Toen al maakten wij ons de bedenking dat de overheid zelf beter even deze oefening kon doen vooraleer anderen eraan te onderwerpen.

Misschien moeten wij het standpunt van het VBO bijtreden en aan een onafhankelijk expert vragen om de regeringsvorming op gang te trekken. Misschien kan een expertenkabinet ook, want blijkbaar zijn er geen verkozenen meer die deze klus kunnen klaren. En dan maar wenen omdat de antipolitiek zich meer en meer vertaalt in extreem stemgedrag. Ik heb het er even mee gehad. Gelukkig behoor ik nog tot de gelukkigen die met graagte naar het werk afzakken en daar, buiten alle drukdoenerij, gewoon kan doen wat er van mij verwacht wordt.

In afwachting van een massale tweede golf (vanaf september komt die eraan!) trek ik mij daar aan op.

Donderdag 13 augustus

Draag zorg voor jezelf en je omgeving

Begin maart kregen wij het bericht dat Roland Verbeek, één van de vaste deelnemers van de sponsoracties van Oostrem, opgenomen werd in UZ Gasthuisberg. Hij vocht bijna een maand, op de afdeling intensieve zorg tegen het coronavirus. In Visie, het ledenblad van ACV, ACW en CM legde hij een moedige getuigenis af. Ik ben zo vrij om er een aantal stukjes uit de distilleren:
‘Ik herinner mij enkel flarden van mijn overbrenging naar het ziekenhuis. Via mijn vrouw kwam ik nadien te weten dat ik een longontsteking en een bacteriële infectie had opgelopen en een paar keer naar de nierdialyse moest. Het is ongelooflijk hoe het virus je leegzuigt’.
Wanneer Roland na 26 dagen naar de speciale corona-afdeling verhuist, kan hij maar weinig zelfstandig. ‘Ik was ongelooflijk verward. Z o dacht ik dat mijn vrouw overleden was en dat ik naar de begrafenis moest. Blijkbaar zijn zulke waanbeelden niet abnormaal na een kunstmatige coma. Mijn geheugen en concentratievermogen waren zo verzwakt dat ik bang was om dement te worden’.
Per week op intensieve zorg voorspelt men grofweg een maand revalidatie. Bij Roland verloopt dat vooralsnog voorspoediger dan gehoopt. Toen hij uit het ziekenhuis ontslagen werd, kon hij amper met een rollator stappen. Intussen gaat het al heel wat beter.
Lieve vrienden van Oostrem, blijf goed zorg dragen zolang er geen afdoend vaccin op de markt is. Het verhaal van Roland is zo beklijvend dat wij hopen dat het niemand van jullie overkomt.

Afbeelding kan het volgende bevatten: 1 persoon, de tekst 'Zwarerevalidatiena 'Van de periode op intensieve zorg herinner ik me helemaal niets' Lange tijdzag maanc opde afdeling intensieve ofikerdoor komen. Roland Verbeek, een egnhet coronavirus huisdokter voorgeschre- wordthij ele ongelooflijk geheuger gestudeerd evermogen grofwegeen ongelooflijkh leegzuigt' virus weliswaar gewoonlijk. gewoo revalidatiea verlopen.''

Woensdag 12 augustus

De commotie rond het kusttoerisme ging gisteren nog verder. De Crem werd gevorderd om toelichting te geven en denkt aan een stadion/kustverbod voor hooligans vanaf volgende zomer. In Terzake werd hier verder op doorgegaan. Meryame Kitir stelde zich heel flinks op. Zou er dan toch een federale regering aankomen waarbij de socialisten, in ruil voor het in stand houden van de sociale zekerheid, belangrijke toegiften hebben gedaan aan de NVA? Gaan we naar een lik-op-stukbeleid waarbij jonge amokmakers hard worden aangepakt? Laat er geen misverstand over bestaan: problemen en overlast moeten benoemd en aangepakt worden, maar er moet aandacht blijven gaan naar de achterliggende oorzaken: slechte en krappe huisvesting, ongelijke kansen binnen onderwijs en op de arbeidsmarkt, ontwrichte gezinssituaties, ongelijkheid op basis van religie en huidskleur, … Alleen de symptomen aanpakken, is te gemakkelijk en te populistisch.
Ik heb wel een voorstel om de problemen aan de zee voor eens en altijd op te lossen. Breidt Plopsa Land De Panne uit over de ganse kuststrook. Zet overeen hekjes waar je alleen met een (dag)pasje binnen kan. Zet heel dit grote pretpark onder de bevoegdheid van dé burgemeester van Samson en Gert, nl. Walter De Donder. Dan haalt die arme man toch ook nog een troostprijs binnen nadat hij het voorzitterschap van CD&V aan zijn neus zag voorbij gaan.
‘Aan allen die gekomen zijn: proficiat! Aan allen die niet gekomen zijn, nog een veel dikkere proficiat!’
Op die manier kan hij, gezeten op een super drone, alle bezoekers verwelkomen.

11 augustus 2020

Vorige week nam ik een weekje verlof. Ik annuleerde mijn verblijf aan zee, want ik wou de voorspelde drukte vermijden en het vooruitzicht om constant met een mondmasker rond te lopen, schrikte mij af.
Dan maar liever thuis, genieten van de tuin, het provinciaal domein, de kleinkinderen. Echt ontspannen lukte niet, want het nieuws was nooit veraf. Meer nog, de verbijstering sloeg toe.
Tot voor kort dacht ik dat het lokale niveau het enige niveau was dat corona daadkrachtig het hoofd bood. De situatie aan de kust tartte echter alle verbeelding. Dagjestoeristen werden mondjesmaat toegelaten, nadat zij vooraf hun plaatsje op het strand reserveerden. Alleen bleek er bij het aantal beschikbare plaatsen geen rekening gehouden te zijn met de getijden. Plots werd het drummen als de zee opkwam. Volgens mij zijn eb en vloed nochtans geen nieuw fenomeen.
Vijftig relschoppers zorgden er voor dat de burgemeesters zich ontpopten tot echte demagogen. Zelfs de meest libertijnse burgemeester sprak over het inzetten van de bottinekes. Een ander burgemeester zag zijn kans schoon om eindelijk komaf te maken met de frigoboxtoerist. De toegangswegen werden bewaakt en dagjesmensen aangemaand rechtsomkeer te maken. De NMBS werd met tegenstrijdige berichten om de oren geslagen.
De drie aangehouden herrieschoppers werden in zwembroek voorgeleid voor de onderzoeksrechter. Het was immers niet aan de politie om een t-shirt te voorzien. Een dekentje tot daar aan toe, maar daar bleef het bij. Amokmakers moeten gestraft worden, maar vernedering hoort daar niet bij. Vernedering leidt tot ontmenselijking en tot haat. Haat leidt dan weer bij bepaalde bevolkingsgroepen tot radicalisering.
Voor mij was de voorbije week een wake-up call. Ik ga onze samenleving en de verdere evoluties die corona te weeg brengt nauwlettend in de gaten houden. De laatste maanden zie ik ons landje meer en meer afglijden naar een bananenrepubliek. Ons politiek bestel hangt in de touwen. Alleen minister Beke durft nog in de spiegel kijken en mijmeren dat het nog niet zo slecht gaat. Andere ministers kruipen door het venster naar buiten. Ministers De Block en De Crem geven al een week niet thuis. Wie neemt het roer in handen?

Dinsdag 28 juli

Verwarring alom na de Nationale Veiligheidsraad van gisteren; Premier Wilmes legde nog maar uit wat de sociale lockdown van de volgende vier weken inhield en daar kwamen Jan Jambon en Maggie De Block al aandraven met hun eigen interpretatie. Gelukkig waren de journalisten zo verstandig om Pieter De Crem niet aan het woord te laten of er zou nog een ander verhaal opgedist worden.
Dan maar een hele avond van het ene nieuws naar het andere gezapt om toch de juiste inhoud van het akkoord te kennen. Volgens mij mag ik mijn gezinsbubbel met vijf personen uitbreiden en met deze mensen nauw contact hebben. Deze groep engageert zich naar mekaar toe voor de volgende vier weken. Ik beperk mij tot het zien van maximaal 10 personen buitenshuis waarbij ik de algemene veiligheidsmaatregelen respecteer. Ik mag dus met andere mensen gaan wandelen of fietsen, maar zakenlunches horen daar niet bij.
Deze ochtend zet ik nog maar één voet binnen in Oostrem of de discussie over de maatregelen begint al. Al snel ontaardt mijn gesprek met een aantal directe collega’s in een welles-nietes gesprek met het bewijzen van het eigen gelijk.
Dat kan en mag de bedoeling toch niet zijn. Het is aan de overheid om de volgende uren een heel eenvoudig schema uit te zenden dat voor geen enkele interpretatie vatbaar is. Dan weten wij waar we ons moeten aan houden en dan doen we dat voor de volgende weken zo. Geen achterpoortjes, geen grijze zone meer, maar een eenduidig kader waar we ons nu even aanhouden.
Aub?


Woensdag 22 juli

Vandaag verscheen een opiniestuk in sociaal.net en een vrije tribune in knack.be. Daarin reageren Luc Deneffe (De Wissel), Bieke Verlinden (schepen van welzijn Leuven) en ik (Oostrem) op de beslissing van de VRT om de succesformule van de Warmste Week drastisch te veranderen. Net op het ogenblik dat heel wat initiatieven meer en meer financiële middelen zien wegvloeien door corona en door besparingen van overheidswege, beslist de VRT om nog enkel vrijwilligerswerk tijdens de Warmste Week te promoten. Dat is de zoveelste streep door de rekening.

Als ik de balans opmaak van de laatste maanden dan overvalt een gevoel van moedeloosheid mij meer en meer. Wij moeten een gevecht aangaan tegen heel wat demonen en elke minuut van de dag op onze “qui-vive” blijven. Het lijkt alsof de hele samenleving op losse schroeven staat en dat het “iedereen voor zich” is en blijft. Sommigen zijn hoopvol en verwachten dat de huidige crisis een ander samenlevingsmodel zal opleveren, maar die hoop heb ik voorlopig niet. Ik zie van regeringswege te weinig signalen dat de “sense of urgency” doordringt. Het gaat de verkeerde richting uit en enkel lokale spelers kunnen, hier en daar, het verschil maken.

Beste beleidsmakers, er vallen heel wat C-attesten uit te delen.

Vrijdag 10 juli

Mijn aandacht werd getrokken door een opiniestuk op sociaal.net: ‘Plots zat mijn dochter zonder ondersteuning, toch kwam de rekening’. Het gaat over een schrijnend verhaal van een dochter met een beperking die zelfstandig woont en de hulp van haar persoonlijke begeleidster, van de ene dag op de andere dag, zag wegvallen door corona. De persoonlijke ervaring van de moeder doet haar besluiten dat “Het recht op ondersteuning voor mensen met een handicap niet ernstig wordt genomen. Voorzieningen blijven de touwtjes in handen hebben;”
Daar loopt het fout. Kan je een hele sector afmeten en wegzetten op basis van een individueel verhaal? Zorgt dit gebrek aan nuance er niet mee voor dat de ‘betere’ voorzieningen (en die zijn er heus wel) en hun medewerkers gedemotiveerd raken? Zorgen zulke verhalen er niet mee voor dat voorzieningen telkens minder middelen toegewezen krijgen en de zorg achteruit gaat?
Waarom put deze moeder niet eerst haar rechten volledig uit vooraleer gram te halen? Elke gebruiker van een voorziening kan een klacht indienen. De voorziening moet binnen de 30 dagen op deze klacht reageren. Indien de persoon in kwestie niet akkoord gaat met het antwoord of de voorgestelde oplossing, kan er bemiddeling gevraagd worden van de klachtencommissie. De klacht kan ook opgenomen worden door het VAPH en de zorginspectie gaat dan aan het werk.
Als dat geen resultaat oplevert, dan heeft deze moeder het grootste recht om boos te zijn op de voorziening die haar dochter begeleidt, … maar niet op ALLE voorzieningen.
Mijn vraag aan de media zoals Sociaal.net is dan ook op zulke opiniestukken maar toe te laten wanneer paard en kar genoemd worden: ‘Christiane Robbroeckx is mama van en haar dochter wordt begeleid door …’

Donderdag 9 juli 

Laat mij toe om even een zijsprongetje te maken naar de woonzorgcentra, met dank aan Jan Hertogen, socioloog. Jan Hertogen was jarenlang directeur van Eigen Thuis Grimbergen (VAPH), maar verwierf vooral naam en faam voor zijn gedegen onderzoek. Vaak haalde hij premisses van de overheid onderuit. Telkens opnieuw toetste hij uitspraken en zogenaamde evidenties aan de wetenschap. Vaak moest men hem tandenknarsend gelijk geven of werd zijn onderzoek weggeduwd. Ik leerde hem vooral kennen als een vooraanstaand onderzoeker tijdens de eerste Witte Woede Golf.
Zo haalde hij vakkundig de stelling onderuit dat zorgpersoneel de overheid alleen maar geld kost zonder dat de overheid de toegevoegde waarde voor een samenleving en economie duidde.
Vandaag lees ik in een artikel van Jan Hertogen dat de gemiddelde verblijfsduur in een woonzorgcentrum ernstig onderschat wordt. Hij refereert naar een onderzoek van de socialistische mutualiteit.
Telkens wordt er gesproken over 1,5 jaar. Margot Cloet reduceerde in Terzake, 31/06/2020, de gemiddelde verblijfsduur zelfs tot 1 tot 1,5 jaar.
In feite verblijft een ‘rusthuisbewoner’ 2,9 jaar in een woonzorgcentrum: 2,8 jaar in het Vlaams gewest, 3,3 jaar in Brussel, 3,0 in Wallonië; vrouwen 3,4 jaar en mannen 2 jaar.
Voortgaande op de gemiddelde verblijfsduur kan het gemiddeld aantal overlijdens berekend worden per dag van bewoners in een woonzorgcentrum: 147 553 plaatsen (Vlaams gewest 809 WZC – Brussels gewest 145 WZC, Waals gewest 593 WZC), gemiddelde vervanging door overlijden op 2,9 jaar = 147 553 (2,9 x 365) = 134 bewoners per dag in het totaal van 1 547 homes in België.
Of 1 bewoner per 10 dagen, tussen 2 à 3 op maandbasis in een woonzorgcentrum van gemiddeld 100 bewoners. De oversterfte van 6 000 bewoners in de woonzorgcentra komt overeen met gemiddeld 1,5 bijkomend overlijden op maandbasis in elk woonzorgcentrum.
Zo boeiend kan statistiek zijn. Spijtig genoeg besefte ik dat niet terwijl ik nog school liep. Belangrijk is dat de oversterfte gemakkelijk in kaart kan gebracht worden en dat zelfs de vergelijking kan getrokken worden tussen kleinschalige en grootschalige initiatieven, tussen de publieke, de private en de winstgedreven (de commerciële) spelers. Ik kijk uit naar het vervolg.

Woensdag 8 juli

Ik ben blij dat de politici mijn blog volgen en dat dit intussen leidde tot een historisch akkoord op federaal niveau :-). De federale overheid trekt 1 miljard euro uit, waarvan 500 miljoen voor loonsverhogingen, 100 miljoen voor betere arbeidsvoorwaarden en de overige 400 miljoen om minstens 4000 extra verpleegkundigen aan te werven. Vlaanderen kan niet anders dan volgen, anders dreigt er een massale uitstroom van Vlaams personeel naar de federale sectoren. De euforie overheerst bij velen, maar ik blijf toch met een dubbel gevoel zitten.
Moesten er zovele doden vallen vooraleer onze bewindvoerders er van overtuigd raakten (of geven zij enkel schoorvoetend toe uit vrees voor een tweede coronagolf?) dat een samenleving enkel kan gebouwd worden op een grondlaag van sociale rechtvaardigheid?
Moet er telkens opnieuw strijd gevoerd worden om werknemers het recht toe te kennen op een aanvaardbaar loon en correcte werkomstandigheden?
Gaat er nu ook geld uitgetrokken worden voor de 20 000 wachtenden, op zorg en ondersteuning in de gehandicaptensector, die al jaren in lockdown geplaatst worden?
Blijven wij met een verkokerd landschap waar alle niveaus tegen elkaar opboksen en het ene gewest of stad een socialer gelaat heeft dan het andere?
Vandaar mijn moedeloosheid; Het is nu het moment om over alle beleidsdomeinen en sectoren heen een groot sociaal pact uit te werken. Het werd de laatste maanden al zo vaak gezegd. Het beschavingsniveau van een samenleving meet zich af aan de aandacht voor de sociaal zwakkeren.
Als België met al zijn gewesten en gemeenschappen die handschoen opneemt, dan staan we klaar om daar onze schouders om te zetten. Dan zet de huidige moedeloosheid zich van de ene dag op de andere om in de goesting om de zaken mee aan te pakken.
Dan worden wij binnenkort allemaal wakker in een beter land!


Dinsdag 7 juli

Op 13 maart 2020 besliste de Vlaamse Regering om residentiële voorzieningen in Vlaanderen in quarantaine te plaatsen. Dat betekende voor de gebruikers van de VAPH- zorgaanbieders (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap) dat de gebruikers verplicht werden om ofwel thuis te blijven ofwel 7 dagen op 7 bij de zorgaanbieder moesten verblijven. Het VAPH volgt sedert 30 maart de situatie bij de zorgaanbieders op via een bevraging. Daaruit blijkt dat er aanvankelijk een kleine 14 000 personen residentieel opgevangen werden. Intussen loopt dit aantal op tot iets meer dan 15 000 personen (waarvan meer dan 12 000 volwassenen). Dat betekent ook dat ongeveer 20 000 tot 21 000 van de mensen, die door het VAPH ondersteund worden, momenteel thuis verblijven.
Uit de cijfers die beschikbaar gesteld werden vanaf 11 april tot en met 19 juni leer ik dat er in de residentiële voorzieningen 394 overlijdens te betreuren vielen. Het gaat dan om overlijdens van gebruikers met een vermoeden van of een vastgestelde COVI-19 besmetting die zowel in de voorziening zelf als in het ziekenhuis overleden.
Dit cijfer kan de tragiek van al deze overlijdens niet verbergen. Daarnaast is er de vaststelling dat de VAPH-zorgaanbieders er blijkbaar in slaagden om, vaak ongewapend en gespeend van de nodige kennis, de strijd tegen COVID-19 goed aan te gaan. En dan rijst de vraag die ons de volgende maanden zal bezighouden: ‘Waarom’ of ‘Hoe komt dat’ en vooral ‘Wat leren wij daaruit’?
In Oostrem kenden wij tot nu toe geen overlijdens. De vraag stelt zich of dat ook zo zou geweest zijn als de besparingsdrift van deze Vlaamse Regering al volledig in voege was. Oostrem kijkt de volgende jaren aan tegen een jaarlijkse besparing van 500 000 €. Er wordt zowel geknot in de persoonsvolgende rugzakjes van onze gebruikers als in de organisatiegebonden middelen. Waar ligt de grens van ‘Met minder middelen meer’? Moet er in onze sector eerst ook een slagveld plaats vinden zoals in de woonzorgcentra vooraleer wij terug een plaatsje verdienen op de politieke agenda?

Maandag 6 juli

We waren de vorige dagen weer toeschouwer van een treurig spektakel. De federale overheid vond er niets beter op dan gouverneur Lodewijk De Witte (de man mag maar niet op pensioen) te belasten met de opmaak van een risico-analyse. Het initiatief van Leuvens burgemeester Mohamed Ridouani om mondmaskers te verplichten op de grote markten werd niet gesmaakt. Daar moet dan maar een rondje pesten op volgen. De gouverneur een beetje kennende, is deze man gelukkig wijs genoeg om te weten wat hij met deze opdracht aanvangt. En dan te zeggen dat het lokale niveau de afgelopen maanden snel bij de corona-les was en het enige niveau bleek te zijn dat accuraat en helder optrad. Ik weet niet hoe het met de andere steden gesteld is, maar Leuven valt niets te verwijten.

Op Vlaams en op federaal niveau blijft het immers miserie troef. De federale ministers nemen geen beslissingen meer en formuleren hooguit nog één of andere vage aanbeveling. Intussen strijken zij de experten alsmaar meer tegen de haren in. Ineens mag er weer gedanst worden op huwelijksfeesten, zijn er mits enkele spitsvondigheden mogelijkheden om zeer grote vakantiewoningen te huren en blijft een deftig standpunt over toeristen die uit besmette gebieden terugkeren, uit.

Hoeveel mondmaskers zouden er reeds afgehaald zijn bij de apothekers: too little too late en van een bedenkelijke kwaliteit! En wat met de beloofde filters? Iemand nog iets van gehoord?

Op Vlaams niveau is het al niet beter. Meer en meer gaat het bericht op dat minister Beke een zeer groot gebrek aan daadkracht en empathie heeft.

Ik geef jullie nog een staaltje van onvermogen mee. Vorige maand kregen wij het bericht dat vanaf juli elke werkgever zelf moet voorzien in het nodige beschermingsmateriaal. Laat ons duidelijk zijn: buiten handgel en chirurgische mondmaskers ontvingen wij geen andere materalen. Ik heb het dan over de noodzakelijke FFP-2 maskers, de faceshields en de beschermingsschorten. Nadat wij op onze eigen verantwoordelijkheid werden gewezen, volgde het bericht dat wij toch terug een levering ontvangen van 2 300 chirurgische mondmaskers. Had ik toch net niet, holder-de-bolder, een aankoop gedaan van 4 000 maskers! Gelukkig groeit het geld tegenwoordig aan de bomen.


Woensdag 1 juli

Ik heb de gewoonte om aansluitend op de raad van Bestuur en de Algemene vergadering van juni, steevast de derde woensdag, een tiental dagen onder de radar te verdwijnen. Op deze belangrijke vergadering worden de jaarcijfers van het voorbije werkjaar bekeken en het jaarverslag overlopen. Dit jaar werden ook de gewijzigde statuten volgens de nieuwe Wet op Vennootschappen en Verenigingen besproken en de belangrijkste actiepunten voor de tweede jaarhelft toegelicht. En dan mag heel even, zelfs in coronatijd, het licht uit.

Mijn oorspronkelijke vakantieplannen werden coronagewijs bijgesteld. Ik opteerde voor een kort/kortbij-verblijf aan de Moezel, in een klein gerieflijk appartementje aan het water; alle comfort verzekerd in een uiterst veilige setting. Het viel mij op hoe de lokale bevolking zeer plichtsbewust een mondmasker opzette tijdens het bezoek aan het warenhuis. Telkens wij een terrasje aandeden, stond de ontsmettingsspray al klaar. Wij moesten even wachten, met mondmasker, tot wij naar ons tafeltje begeleid werden. Daar kregen wij direct een contacttracing-papiertje, met bijhorende stylo, om onze gegevens in te vullen. Nadien werden wij door een zeer vriendelijke ober, met mondmasker, bediend. Als wij onze tafel verlieten, deden wij net zoals iedereen terug even ons mondmasker aan.

Geen discussie over draagvlak, … iedereen deed dit gewoon even. Als ik dan hoorde dat minister De Block, tegen de adviezen van de experten in, weigert om het gebruik van mondmaskers te veralgemenen in de winkels, omdat daar zogezegd geen DRAAGVLAK voor is, dan steiger ik. Is het niet aan onze politici om over belangrijke thema’s een draagvlak te creëren in plaats van de kiezers, welke kiezers overigens, achterna te lopen? En dan hoor ik vandaag dat de goede intenties van de burgemeester van Deinze weggewuifd werden door minister De Crem. De burgemeester heeft niet de bevoegdheid om zijn inwoners te verplichten tot het dragen van een mondmasker in de lokale winkels.

Telkens ik tijdens mijn vakantie even het nieuws probeerde te volgen, was er wel een bericht dat ongeloof opwekte. Het ging dan over de 300 € federale premie voor de zorgverstrekkers, het bericht dat minister Beke even ontslag overwoog (welke minister doet dat de dag van vandaag ook nog eens effectief?), de drie koningen die met goede moed een regering op de been willen brengen, de massale uittocht naar de kust, de lockdownfeestjes,… Vanuit die frustratie zie ik het als mijn plicht om toch af en toe een vervolg te breien aan deze blog. Als daar een DRAAGVLAK voor is natuurlijk!

Mag ik in afwachting vragen om toch dat mondmaskertje dicht in de buurt te houden aub? Als je het zelf niet nodig vindt, doe het dan voor de zorgverstrekkers die het nog elke werkdag dragen. Aan hen wordt niet de vraag gesteld of zij dat wel wenselijk achten.


Donderdag 11 juni

Wij ontvingen een nieuwe nota van het VAPH met als titel: Terugkeer naar het ‘nieuwe normaal’. Daarin wordt het principe gehuldigd dat alles is toegestaan, uitgezonderd de ‘activiteiten die specifiek worden uitgesloten’. De nota gaat zowel over de bezoekregeling, begeleid werken, de dagcentra, de homes, kortopvang, het vakantieaanbod, het collectieve vervoer.
Wel moeten alle richtlijnen van een veilige omgang, hygiëne en social distancing gerespecteerd blijven en moet er alertheid blijven indien ziektesymptomen opduiken.

We zullen ons beleid verder uitwerken op basis van deze richtlijnen. De overheid geeft aan dat elke individuele organisatie zelf de afweging maakt hoe en tegen wanneer het nieuwe normaal zal gerealiseerd worden.

Dat zal soms voor twijfel zorgen, pittige discussies opleveren, meningsverschillen doen ontstaan. Belangrijk blijft dat wij alle beslissingen die wij op niveau van Oostrem uitwerken, grondig motiveren naar zowel de gebruikers, de ouders, het personeel en hun vertegenwoordigers en het bestuur.

Persoonlijk vind ik dat het nu wel allemaal heel snel gaat. Ik had liever even gekeken wat de gevolgen zijn van de algemene versoepeling van de maatregelen. Als binnen enkele weken blijkt dat er terug meer besmettingen en ziekenhuisopnames zijn, dan is het terug naar af. Het zal bijzonder pijnlijk zijn voor onze gebruikers en hun families als wij dan alles moeten terugschroeven.

Het wordt nog een uitdagende periode.


Dinsdag 9 juni

https://scontent-amt2-1.xx.fbcdn.net/v/t1.0-9/103087407_10157126750926990_4001521260719827335_n.jpg?_nc_cat=104&_nc_sid=8bfeb9&_nc_ohc=kfwqK65mDo0AX8_OgCz&_nc_ht=scontent-amt2-1.xx&oh=f90494faa7b6bbcf5f383dbc06ea21e1&oe=5F052668

Bovenstaande cartoon geeft perfect het antwoord weer van de zorgsector op de massale opkomst tijdens de betogingen tegen racisme. Oostrem dankt Leuvens burgemeester Mohamed Ridouani om geen goedkeuring te geven voor een manifestatie. Hij verklaart: “De strijd tegen racisme en discriminatie is belangrijk en iets wat ons allemaal aanbelangt, maar we zitten nog steeds in de gevarenzone van corona. Het virus is niet weg. We moeten absoluut vermijden dat er een opflakkering van het virus komt; dat zou al onze inspanningen van de voorbije maanden teniet doen. Ik sta open voor alternatieve manieren om je stem te laten horen, zonder fysieke samenscholing.

Oostrem zorgt dagelijks voor een alternatief. Wij weigeren nooit personen, noch gebruikers noch medewerkers, omwille van hun huidskleur, hun geaardheid of hun geloofsovertuiging. Wij zetten ons pluralistisch gedachtengoed al sinds ons ontstaan, meer dan 50 jaar geleden, elke dag om in de praktijk.


Zaterdag 6 juni

Er zijn van die momenten in het leven die je nooit vergeet. Als kind herinner ik mij nog de landing op de maan (1969) en de boksmatch van Muhammed Ali tegen Joe Frazier (1971); twee gebeurtenissen waarbij ik ’s nachts uit mijn bed gelicht werd om mee naar de zwartwit televisie te kijken. De autoloze zondagen, naar aanleiding van de oliecrisis (1973 – 1974) en meer recent natuurlijk ook Nine Eleven ( ik was aan het zappen met een ziek kind thuis en zag alles in real time gebeuren), de bankencrisis en de terroristische aanslagen (CCC – IS) zijn ook van die blijvers. Bij corona had ik hetzelfde gevoel. Dit virus zal een enorme impact kennen. Vandaar dat ik bijna onbewust mijn blog startte, gezien de impact op onze eigen organisatie.

Vandaag heb ik het gevoel dat ik alles geschreven heb wat ik wou schrijven. Ik zal de blog blijven gebruiken om nieuwe maatregelen van Oostrem toe te lichten, maar ik wil geen politieke (en cynische) commentator worden. ik zie vooral veel gemiste kansen en dat stemt mij weinig hoopvol. Echte positieve signalen voor een nieuw maatschappelijk project vang ik nauwelijks op. We zullen met ons kleine landje nog wel jaren in een stellingenoorlog verwikkeld blijven, ieder met zijn eigen grote gelijk. Genoeg dus, want anders ga ik mij eindeloos herhalen.

Gelukkig is er de geboorte van Tippi. Voor de tweede keer ben ik opa geworden; eerst van een prachtige kleinzoon, Jerom (2,5 jaar geleden) en nu dus van een wolk van een kleindochter. Het zal nog wel enkele dagen duren vooral wij, coronagewijs, deze kleine meid in onze armen kunnen houden, maar wij hebben haar alvast in ons hart gesloten.

Voilà! Daarmee zijn jullie volledig mee en ken ik mezelf een beetje me-time (wat een draak van een woord) toe. Blijf Oostrem volgen via facebook! Het is aangenaam gezelschap om bij te vertoeven.

Vrijdag 5 juni

Voorbij het applaus!

Jullie konden op onze facebookpagina een oproep zien om deel te nemen aan een social profit actiedag op 18 juni. De personeelsleden van heel wat verschillende sectoren bereiden zeer lokale acties voor waarvan de foto’s via de platforms van de vakbonden en via de sociale media zichtbaar gemaakt worden. Het wordt dus een virtuele en een zeer veilige actie, maar het belang mag niet onderschat worden. Al meer dan 30 jaar zijn de eisen hetzelfde: meer middelen, meer collega’s, betere werkomstandigheden en meer waardering. Elke dag applaudisseren duizenden mensen, zonder misschien echt benul te hebben van de torenhoge verantwoordelijkheden die elke zorgverlener dagelijks draagt. Zelfs buiten coronatijden hebben heel wat mensen hun leven te danken aan de alertheid, het correcte inschattingsvermogen en de juiste handelingen van een onderbelichte beroepsgroep. Uit een loonstudie van hr-specialist Hudson blijkt dat het gemiddelde loon van een bediende in de zorgsector met 2 382 € bruto een pak lager ligt dan het gemiddelde Belgische bediendenloon van 2 790 €, elke maand gemiddeld 400 € lager voor de uitoefening van een essentieel en intussen een hoogst gewaardeerd beroep. De oproep van een aantal politici om een eenmalige gevaren- of een applauspremie van hooguit € 750 toe te kennen, valt op een koude steen.

De directie van Oostrem schaart zich achter de eisen van het personeel. Nadat wij elke dag opnieuw proberen perspectief te bieden aan de gebruikers en hun families is het nu de hoogste tijd om perspectief te bieden aan de zorgverleners. ‘Loon naar werk, met meer aan het werk!’ Kan je je voorstellen dat de hulpverleners, in het najaar, het werk massaal neerleggen wanneer een tweede coronagolf de kop opsteekt? Ik durf er niet aan te denken!

Is het nu echt ondenkbaar dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen? Mag er echt geen bijdrage verwacht worden van personen die meer dan 4 500 € netto per maand verdienen? Moeten mensen die het zich kunnen permitteren om bedrijven in moeilijkheden financieel te ondersteunen terug een fiscaal voordeel krijgen? Moeten bedrijven en multinationals niet meer op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid gewezen worden in plaats van oogluikend toe te laten dat zij hun winsten naar een belastingparadijs draineren? Is dat nu echt linkse, onverteerbare praat of een oproep voor een meer rechtvaardige samenleving?


Donderdag 4 juni

Gisteren kwam de Nationale Veiligheidsraad samen en volgde de verlossende boodschap ‘Vrijheid Blijheid’. Alles mag terug, tenzij anders aangegeven wordt. Gelukkig zijn er experten zoals Erika Vlieghe en Pierre Van Damme die het voorzichtigheidsprincipe blijven huldigen: ‘Uit uw kot, maar niet te zot’. Dat is de boodschap die wij ook willen meegeven, nl. om een zekere terughoudendheid aan de dag te blijven leggen en de basisregels te blijven hanteren: een goede handhygiëne, gebruik van mondmaskers, de contactbubbels niet te veel uitbreiden en afstand bewaren.

Zolang het COVID-19 hoofdstuk niet volledig kan afgesloten worden, zullen wij ons bedachtzaam moeten opstellen. In het journaal werd er nogmaals op gewezen hoeveel schade de kleine bloedvaten in de longen oplopen, tot 9 keer meer verstopt en geklonterd raken bij COVID-19 dan bij een ernstige griep. Het lijkt mij nog altijd een spookbeeld om met corona op intensieve zorgen terecht te komen en wekenlang beademd te worden. Roland, een van onze vaste deelnemers van de sponsoracties, kan er over getuigen. Na een lange ziekenhuisopname is hij terug thuis en zal hij nog lang moeten revalideren. Hij kroop letterlijk door het oog van de naald.

Oostrem blijft in haar beleid stappen vooruit zetten. Dat beloven wij, maar binnen de richtlijnen voor onze sector. We beslisten dat alle consultaties terug kunnen doorgaan en dat de kappers, de logopedisten, de medische pedicures terug hun gewone werkzaamheden mogen hervatten. Waar het kan, laten wij deze activiteiten buiten doorgaan. Voorlopig gaan wij de leefgroepen nog niet beginnen te mixen, maar dat wordt van week tot week bekeken. Binnenkort is de ene bewoner die er voor koos om naar huis te gaan welkom in de leefgroep. En vanaf volgende week kunnen de bewoners ook al terug een weekendje naar huis.

Woensdag 3 juni

Wanneer ik toekwam in Oostrem, stond er een prachtige bus te pronken op onze parking; onderaan afgewerkt met gras en bovenaan met mooie wolkjes. ‘Knappe bus, dacht ik.’ ‘Van wie zou die wel zijn?’ en ‘Wie wordt er opgehaald en door welke firma?’.

Iets later viel mijn spreekwoordelijke euro dat Oostrem deze bus aankocht en dat ik daar zelf de toelating voor gaf. Dat geeft maar aan hoe corona heel ons denken en handelen bepaalde en, in grote mate, nog altijd bepaalt. Nog elke dag moeten er beslissingen genomen, gewikt en gewogen worden. Corona heeft zich echt wel in onze hoofden genesteld en nagenoeg heel ons doen en laten overgenomen. We zijn nog steeds uit onze ‘gewone doen’.

Ondanks het feit dat onze voorziening de afgelopen maanden voor een onmetelijke opdracht stond, slaagden wij er toch nog in om een zeker ‘normaal’ te behouden. Zo lieten wij vorige maand toch al terug een, gedeeltelijk virtuele, raad van bestuur doorgaan, werkten wij aan het jaarverslag, de jaarrekening en de herwerking van de statuten volgens de nieuwe vennootschaps- en verenigingswetgeving. Ook het driemaandelijkse Oostremnieuws viel in de bussen. De Algemene Vergadering van juni vindt plaats. Ik dacht dat dat alles zou uitgesteld worden naar het najaar, maar dat bleek gelukkig niet het geval.

De aankoop van dit tweedehandse busje is daar ook een mooi voorbeeld van. Vanaf 1 januari 2021 moeten de gebruikers zelf de reële woon- en leefkosten betalen en niet langer een wettelijk bepaald dagbedrag, met een gereserveerd vrij te besteden gedeelte. Het leven zal voor hen aanzienlijk duurder worden en hun tegemoetkoming, onder de armoedegrens, ontoereikend.

Mobiliteit is een zeer grote uitgavepost, waarvoor wij in de toekomst geen subsidies meer ontvangen. Onze gebruikers kunnen niet zomaar een abonnement nemen op De Lijn om van thuis naar het dagcenrum gevoerd te worden of interne verplaatsingen te doen. De onderhandelingen met een externe firma liepen spaak door de exuberante prijzen die gevraagd werden. Vandaar dat wij de beslissing namen om naar betaalbare alternatieven op zoek te gaan.

IMG_20200603_083050_resized_20200603_110536837

Dinsdag 2 juni

Op een mooie zomerse maandag ging mijn collega langs Het Molenveld Herent en stuurde de volgende foto door

IMG_20200601_190818

Toch leuk dat in coronatijden niet alles volledig stilligt. Het ziet er naar uit dat de bouw van het Molenhuis (9 studio’s Oostrem) en Het Zavelhuis (15 studio’s Zavelhuis) eindelijk start. Dat wordt dan het zesde kleinschalige woonproject van Oostrem, naast de Bijlok Herent (15 bewoners), De Wilg Herent (12 bewoners), Wilsele 1 (12 bewoners), Wilsele 2 (8 bewoners) en Be-Home Wespelaar (8 bewoners)


Maandag 31 mei

Misschien stelden jullie zich al de vraag waarom ik zo vaak onaangekondigd en ongevraagd (en soms ongepast) een mening vertolk. Dat heeft alles te maken met mijn passage in Oikonde, waar ik stage liep en vrijwilligerswerk verrichte (1979 – 1982). Ook mij voorganger, Eddie Gijbels, en Jan Damen, diensthoofd Werkburo, komen uit de Oikondestal. Het was een inspirerende stal waar het aangenaam vertoeven was.

Enkele jaren gelden werd ik gevraagd deel te maken van een impactgroep, die haar ontstaan vindt in deze organisatie. Ik voelde mij wat ‘bleu’, maar mijn ijdelheid werd gestreeld en ik zegde toe.

Oikonde werd in 1969 opgericht als vrijwilligersorganisatie die ijverde en concrete initiatieven nam voor de integratie van thuislozen. Het woord oikonde is Grieks voor ‘op weg naar huis’. Voor thuislozen en kansarme medemensen een ‘thuis’ maken als middel naar integratie, naar heil en heling… Daar ging het voor de stichters over. Er kwamen Oikonde-huizen voor thuislozen en ex-gevangenen, voor ex-psychiatrische patiënten en mensen met een beperking; later ook een Crisisopvangcentrum en een werking met pleeggezinnen en steungezinnen. De therapeutische kracht van Oikonde Leuven schuilde altijd in het intense en respectvolle samenspel tussen de ‘gast’ als kwetsbare mens, de beroepskracht en de vrijwilliger.

Na enkele Vlaamse decreten werd de zorgverlening van Oikonde overgeheveld naar de Centra voor Algemeen Welzijnswerk (1994) en Pleegzorg Vlaams Brabant en Brussel (2014). De vzw Oikonde Leuven zelf is niet opgeheven en biedt zo een kans en een kader om de geest-drift van Oikonde levend te houden en blijvend door te geven.

Binnen deze vzw groeide de idee om een denktank, een impactgroep op te richten.

I Have a Dream’ was de titel van Martin Luther King’s rede in 1963. De woorden van King inspireerden niet alleen de toehoorders ter plekke, maar ook elders in de wereld en in latere tijden. In diezelfde geest vatten wij de visie van de leden van de impactgroep in enkele zinnen samen:

Wij dromen van een samenleving, een ‘nieuwe polis’ die hoop en zin verleent. Een zorgzame, solidaire samenleving waarin zorg voor het welzijn terug zijn authentieke invulling krijgt: als betrachting van het ‘goede leven’. Het is een samenleving waar kwaliteit van leven voor elke burger de eerste prioriteit is. Waar zowel goede zorg als zorg voor het goede samenleven gekoesterd wordt en waar ieder kan bijdragen, meebouwen aan dat goede (samen)leven.

Als ambitie kan het tellen, maar moeten wij niet allemaal, in het belang van onze kinderen en kleinkinderen, de ambitie koesteren om van onze samenleving een betere plek te maken? Als wij die hoop opgeven, rest er alleen nog maar het eigen belang.


Zondag 31 mei

Enkele jaren geleden was Rutger Bregman te gast bij ‘Vangils’. Hij voerde toen reeds een debat over de noodzakelijke opwaardering van essentiële beroepen. Intussen weet iedereen wat essentiële beroepen zijn. Pieter-Paul Verhaeghe, professor sociologie VUB, gaat hier verder op door. Waarom verdienen vermogensbeheerders en managers meer dan vuilnisophalers en verpleegkundigen? De ongelijkheid tussen deze beroepen valt nog moeilijk te rijmen. Allereerst zouden beroepen die belangrijk zijn voor het functioneren van een maatschappij beter moeten worden verloond. Vervolgens dient men ook de aard van het werk in rekening te nemen: hoe minder mensen bekwaam en/of bereid zijn om een beroep uit te voeren, hoe hoger de verloning.

Aan het begin van de crisis publiceerde de overheid een lijst met essentiële beroepen, nl. bedrijven en diensten die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de vitale belangen van de Natie en de behoeften van de bevolking. Op deze lijst staan heel wat sectoren die niet bepaald bekend staan om er veel te kunnen verdienen: het onderwijs, de zorg, voedingszaken, de afvalophaling, de medische instellingen, de politie, de kinderdagverblijven, … Opvallend (Is het zo opvallend?) zijn het vaak knelpuntberoepen. Intussen beginnen meer en meer mensen te beseffen dat de mensen die deze knelpuntberoepen uitoefenen recht hebben op meer respect, betere werkomstandigheden en een hoger loon. ‘We vinden ze niet!’, declameren minister Beke en minister De Block luidkeels, de armen opgestoken. Misschien volstaat het om even na te denken over de achterliggende redenen. Dat kan natuurlijk een beetje hoofdpijn opleveren (Mario, niet te sarcastisch en te cynisch worden).

De impact van de coronacrisis werd al vaak vergeleken met deze van de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog werden de fundamenten van de sociale zekerheid gelegd. Misschien ontstaat er nu terug een momentum om de sociale ongelijkheid en de ongelijke verloning van essentiële en minder essentiële sectoren aan te pakken.


Zaterdag 30 mei

Hoe zou het nog gesteld zijn met de filters voor de mondmaskers die minister Geens bestelde? Hoe zit het nu met de bestelling van 15 miljoen maskers die minister Goffin bij een postbusbedrijfje in Luxemburg plaatste? Laat ons hopen dat deze maskers ons land bereiken vooraleer er een vaccin is. Zouden wij deze bestellingen niet beter annuleren? Intussen hebben de lokale overheden al maskertjes gepost, zijn er duizenden naai(st)ers in actie geschoten en is er een lucratief handeltje opgezet van luxemaskertjes voor de fashionista’s onder ons. Je vindt ze intussen overal.

Intussen kennen wij een periode van extreme droogte. Dat is niet de eerste keer en komt vooral de laatste jaren meer en meer voor. Volgens minister Demir moeten wij ons geen zorgen maken. Met wat geluk blijft er water uit onze kranen stromen als wij ons verantwoord gedragen. Intussen probeert zij geld te vinden om oude, lekkende leidingen te herstellen.

Met wat geluk komt er terug een warme winter aan zodat de energiebevoorrading niet in het gedrang komt. Anders zullen wij toch een aantal zones tijdelijk moeten afschakelen.

En zo kunnen wij spijtig genoeg nog een tijdje doorgaan.

Jonathan Holslag schrijft op facebook dat België, Vlaanderen incluis, het zinkgat in het hart van Europa is en steeds meer begint te lijken op een ontwikkelingsland.

Hij vreest dat er geen verandering komt. Hoe meer de crisis zich doorzet, hoe meer het elk voor zich wordt, elk zijn eigen gelijk. Het is typisch voor een rijke samenleving die verteerd wordt door zelfgenoegzaamheid, individualisme en wereldvreemdheid. Volgens hem word het nog veel erger. Jonathan Holslag is hoogleraar internationale betrekkingen aan de VUB, politicoloog en auteur van verschillende boeken.

Laat ons er maar van uitgaan dat hij ongelijk heeft, net zoals de Paul De Grauwes, de Michel Mausjes en zoveel vooraanstaande stemmen in ons kleine landje, met maar iets meer inwoners dan een stad als Londen. Meer dan 1 jaar na de verkiezingen is het nog altijd geduldig wachten op een volwaardige regering. Wordt dat dan een regering die het verschil zal maken? Laat het anders maar, net zoals de bestelling van de maskertjes.

Geloof het of geloof het niet. Ondanks al deze negativiteit ben ik goed gezind opgestaan. Het zonnetje schijnt uitbundig en er kwam water uit de kraan.

Vrijdag 29 mei

Opzij, opzij, opzij,
Maak plaats, maak plaats, maak plaats
We hebben een ongelofelijke haast
We moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan
En weer doorgaan, …

Dit liedje (Herman Van Veen) vat goed samen wat er momenteel gebeurt. Van de ene dag op de andere spat het hele bubbelgegeven uit elkaar. Het is niet meer nodig om de volgende Nationale Veiligheidsraad af te wachten, want iedereen drumt zich naar voren om het eigenbelang af te dwingen.

De profileringsdrang (sorry minister Weyts, ik had je even het voordeel van de twijfel gegeven) wint het van het gezond verstand. Van de ene op de andere dag mag de 4 m² per leerling losgelaten worden, mogen kinderen terug in hun klasbubbel spelen. Leerlingen uit het middelbare onderwijs moeten geen mondmasker meer aan. Zolang de leerkrachten zich maar beschermen met een maskertje. Daar dienen de gewone mondmaskers niet voor. Zij vermijden alleen dat de eigen partikels zich minder verspreiden, maar beletten niet dat je zelf besmet kan raken. Daarvoor dienen de aangepaste kledij en handschoenen, de FFP-2 maskers en de faceshields.

Broers en zussen in verschillende klassen vormen samen een mix van bubbels. Hun ouders die terug buitenshuis aan het werk gaan, maken deel uit van professionele bubbels. Af en toe een vergadering met externen geeft weer een andere bubbel. Nadien gaan we nog even langs bij vrienden of familie die wij aan onze eigen bubbel toevoegden. En zo lopen alle bubbels, bijna van de ene op de andere dag, in elkaar over. De vraag is of wij dit ongestraft doen.

Laat ons dan maar komaf maken met het hele bubbelgegeven en enkel nog focussen op de basis veiligheidsvoorwaarden. Bubbels zorgden vroeger ook al vaak voor hoofdpijn, na het drinken van een ongedefinieerd en goedkoop drankje.

In Oostrem werden de afgelopen twee weken alle medewerkers opgeleid voor het moment dat de eerste COVID besmetting in onze voorziening vastgesteld wordt. Van één zaak ben ik zeker. We gaan het niet buitenhouden als de rust en het gezond verstand niet terugkeert.

Ook de weg van de geleidelijkheid, stap voor stap, is een weg vooruit.


Donderdag 28 mei

Deze week wuiven wij twee sterkhouders van onze organisatie uit. Zowel Leen als Fre zoeken nieuwe horizonten op. Wij kunnen hen niet vieren zoals dat enkel in Oostrem kan. Corona steekt daar weer een stokje voor. Leen liep in 1983 -1984 stage en startte in 1987 de eerste leefgroepwerking mee op. Na een aantal jaren werd zij diensthoofd. Zij deed dit met enorm veel overgave. Zij zet de stap naar De Wingerd, waar zij als ortho een aantal leefgroepwerkingen zal ondersteunen. De Wingerd haalt er een klassebak mee binnen en wij zijn toch een beetje blij dat zij naar een bevriende organisatie gaat.

Fre werd vanaf 2004 één van de vaste waarden in het home in Wilsele. Nadien combineerde hij de functie van begeleider met de job van preventieadviseur en PTV trainer (Persoons- en Teamgerichte Veiligheidstechnieken). Het was, van bij aanvang al, een medewerker met pit en een vat vol kennis. Hij trekt voor de liefde naar Italië. Daar kunnen wij met alle rationele argumenten om toch maar te blijven, niet tegen op.

Oostrem stuurt zijn dochters en zonen uit, zelfs over de landsgrenzen heen, maar wij zullen hun 50 jaar ervaring die zij beiden in Oostrem binnenbrachten, missen.

Woensdag 27 mei

Ageism: Ouderen zijn slachtoffer van discriminatie, stereotypen en vooroordelen. Ageism is een sociale constructie die de oudere systematisch op een stereotype en negatieve manier portretteert. Het werd in 1969 voor het eerst beschreven door Robert Butler. Er bestaat nog geen Nederlands woord voor. En als er geen woord voor is, bestaat het dan wel? (sociaal.net)

Even deze intro om een vervolg te maken op mijn blog van gisteren (dochters die hun moeder niet in haar serviceflat mogen bezoeken). Eén zaak werd intussen opgehelderd. Personen die in een assistentiewoning of serviceflat wonen, in een apart gebouw los van een woonzorgcentrum, vallen onder dezelfde coronarechten en –plichten als andere burgers. Zij hebben dus ook het recht om bezoek van één andere bubbel te ontvangen. Dat staat in een omzendbrief van 14 mei.

Het heeft misschien met mijn eigen leeftijd te maken (ik word dit jaar 60) dat ik gevoelig ben voor de veralgemeende manier waarop er naar ouderen gekeken wordt (jong genoeg om nog jaren te werken, maar misschien al te oud om mijn zieke kleinzoon op te vangen). Misschien heeft het er ook mee te maken dat personen met een beperking al van bij hun geboorte te kampen krijgen met stereotypen en vooroordelen. Deze vooroordelen worden vaak, goed bedoeld en ongewild, ook nog eens versterkt door een aantal televisieprogramma’s. Telkens wordt voorbij gegaan aan het unieke van elke mens. Wat is er waardevoller dan een ontmoeting met een unieke mens? Hokjesmensen zijn domme mensen.

De gebruikers van Oostrem weten dat ik gemakkelijk inga op hun vragen (en heel wat van mijn collega’s doen dat ook). Eén van mijn boutades is: ‘Als één van de gebruikers mij iets vraagt, dan zeg ik automatisch ja. Als één van de begeleiders mij iets vraagt, dan hangt het ervan af’. Ik laat mij telkens uitdagen door hun vragen: ‘Bedankt voor het mooie aanbod in Oostrem, maar ik zou graag echt werk willen doen’, ‘Bedankt voor het semi-industriële werk, maar ik zou graag buitenhuis gaan werken’, Bedankt voor Begeleid Werken, maar nu zou ik ook graag wat zelfstandiger willen wonen’, ‘Ik ga mee met Oostrem op vakantie, maar ik zou graag bij mijn lief slapen’, ‘Ik ben homo, maar mijn ouders beseffen dat nog niet. Kan er iemand helpen om voorzichtig mee het pad te effenen?’, ‘Het is niet omdat ik gehandicapt ben, dan ik geen seksuele behoeften heb? Zou ik aan mijn trekken kunnen komen?’. ‘Mag ik vanavond met mijn vrienden afspreken op café, maar zonder begeleiding’. ‘Voor mij hoeft het allemaal niet meer. Als ik niet meer gewoon kan eten, dan hoef ik geen voedingssonde’.

Dat is de manier waarop wij in Oostrem willen dat de gebruikers (onze werkgevers) benaderd worden. Met respect, met de nodige luisterbereidheid en liever met een ja dan met een neen. En wees maar gerust. Doorheen de jaren zijn heel wat gebruikers zo geëvolueerd en geëmancipeerd dat zij een doodgewone neen, zonder gegronde argumentatie niet meer aanvaarden.

Nu is het nog enkel kwestie om de rest van de samenleving te emanciperen.

P.S. Ik heb ook nog een aantal andere boutades zoals ‘Iedereen heeft recht op een verslaving’ en ‘Iedereen heeft recht op een trauma’. Sta je dan stom dat Oostrem nogal een eigengereid imago heeft?

Dinsdag 26 mei

Ken je dat? Zo’n zinnetje of een stemmetje dat elke keer opnieuw door je hoofd schiet en zich vastzet. ‘Onder de knoet van Cloet’, ‘Onder de knoet van Cloet’, … Echt vervelend en ik probeer er vanaf te raken door het op te schrijven.

Hoe het begon …

Ik ben een goeie slaper. Ik val meestal comateus in slaap om dan bij het ochtendgloren, omstreeks 6 uur, spontaan wakker te worden. ik probeer soms nog even de slaap terug te vinden, maar meestal schakel ik direct over naar radio 1 en begin ik de ochtendcommentaren van de nieuwsbladen te lezen. Deze ochtend viel mijn oog op een opiniestuk van Mieke Vogels in knack.be ‘Laat bewoners van woonzorgcentra zelf beslissen of zij bezoek wensen’. Gisteren sprak Bram, mijn schoonzoon, mij over hetzelfde aan. Zijn oma woont in een serviceflat annex woonzorgcentrum. Aanvankelijk had zijn oma alle begrip voor de lockdownmaatregelen van het centrum. Nu vertaalt haar toegenomen verontwaardiging over het raambezoek en gebrek aan perspectief zich in totale apathie. Er wordt opgemerkt dat zij de hele dag slaapt. Haar drie dochters maken zich enorm veel zorgen, maar kunnen haar letterlijk niet bereiken. Bram volgt mijn blog en vraagt of ik één of andere suggestie heb. Hij heeft de indruk dat wij het toch anders aanpakken. Ik snap het ook allemaal niet meer. Ouderen die kiezen voor een serviceflat zijn nog steeds wilsbekwame volwassenen. Zij kiezen voor autonomie, maar ook voor de nabijheid van een aantal diensten. Hetzelfde geldt voor heel wat bewoners van woonzorgcentra. Het is niet omdat iemand op een bepaald moment hulpafhankelijk wordt dat hij geen stem meer heeft. En als de stem wegvalt, bijvoorbeeld door dementie, dan is er nog altijd de lichaamstaal.’ Luisteren naar fluisteren’, zoals dat in onze sector genoemd wordt. Is het nu echt Margot Cloet, Zorgnet Icuro, die goedbedoeld de totale sector van de woonzorgcentra onder de knoet houdt? Is haar impact op minister Beke zo groot dat hij haar maar laat begaan?

Ik kan alleen maar beamend knikken als ik de analyse van Ann Peuteman, Knack, lees. Door de coronacrisis staan tachtigplussers al weken in het middelpunt van de belangstelling. Hun lichaam toch, want voor hun geest hebben we nog altijd even weinig aandacht. ‘Zolang dat niet verandert, zal zelfs een verdubbeling van het budget voor ouderenzorg amper verschil maken’.

Ik ga zelf niet op bezoek bij mijn vader die eveneens in een woonzorgcentrum verblijft. Ik wil hem niet achter een plexiglazen wand spreken en zijn gevoel van detentie aanwakkeren. Ik wil op een veilige afstand met hem een trappist kunnen drinken en echt contact. Ik ga hem echt niet doodknuffelen, want dat heb ik nooit gedaan.Een tafel van twee meter en wat vertrouwen van het personeel volstaan. Zou dat zijn leven inkorten? So what!

Maandag 25 mei

Dat hadden jullie niet verwacht, hé? Dat ik vandaag al terug zou verschijnen. De reden is dat wij ons deze voormiddag gebogen hebben over twee nota’s van het VAPH (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap). De ene nota gaat over ‘Doorstart van ambulante/mobiele begeleiding en collectieve dagondersteuning’. De andere heeft betrekking op het ‘Versoepelen van de overstap tussen de thuissituatie en de voorziening’. De overheid verwacht dat wij zowel voor de dagwerking als voor het op weekend gaan thuis een doorstartscenario opmaken met inachtneming van de veiligheidsmaatregelen, en rekening houdend met de eigen context van onze voorziening.

Wat de dagcentrumwerking betreft, hebben wij al enkele stappen gezet. De eerste gebruikers zijn reeds aan het werk in Dé Werkplaats. Vanaf vandaag gaan de bewoners van Be-Home op maandag en dinsdag naar het dagcentrum Wijgmaal. Een aantal bewoners van Wilsele 1 zullen dat doen op woensdag, donderdag en vrijdag. Intussen worden alle andere dagcentrumgebruikers bevraagd en zullen vanaf 8 juni/15 juni terug meerdere dagcentrumgebruikers aan het ‘werk’ kunnen. Ook een aantal Begeleidwerkers startten reeds terug op.

Vanaf 8 juni voorzien wij dat bewoners, één weekend op vier, terug naar huis kunnen. Voor bewoners die niet de mogelijkheid hebben om op weekend te gaan, wordt naar alternatieven gezocht. Zo kan een familielid een broer of zus uitnodigen om een dagje bij hen thuis te komen. Het moet wel telkens over dezelfde familieleden gaan, die deel uitmaken van eenzelfde bubbel. We willen de garantie dat bubbels zich niet, ongezien, beginnen uit te breiden. Er worden strikte regels uitgewerkt. Goede afspraken, maken goede vrienden.

Het zijn allemaal maar muizenstapjes, maar ze gaan wel allemaal de goede richting uit. In vergelijking met een aantal andere sectoren lijkt het zelfs alsof wij een sprint hebben ingezet. De keerzijde van de medaille blijft dat alle versoepelingen teruggeschroefd worden als er een besmetting optreedt.

Deze voorstellen werden vanochtend besproken met directie, sociale dienst, diensthoofden en ortho's. De families worden de volgende dagen gecontacteerd en concreet bevraagd.


Zondag 24 mei

Vandaag lever ik mijn 60ste bijdrage aan het coronablog van Oostrem. Sinds 12 maart kom ik elke dag ongevraagd bij jullie langs. Ik neem mij plechtig voor om nog geregeld een stukje neer te pennen, maar ik wil niet dat het schrijven aanvoelt als een zelf opgelegd keurslijf, als een verplicht nummertje. Ik zie wel wat er aangewaaid komt en zal schrijven als ik er de nood toe voel. Het zal dus wat minder worden.

Oef! Ik voel mij instant wat bevrijd. Vandaar dat ik vandaag wat gratis complimenten wil uitdelen.

De eerste complimenten gaan richting Leuven. De stad bereidt verschillende kleine zomerevenementen voor omdat zij de Leuvenaar terug wat perspectief wil bieden. Eindelijk valt er binnenkort terug wat te beleven. Daarnaast nam 30 CC het initiatief om de vele kunstenaars die hun productie op één van de podia in Leuven verloren zagen gaan toch gedeeltelijk te vergoeden. Sommige lezers weten dat ik jaren geleden ‘en stoemelings’ voorzitter en nadien bestuurder werd van de Koninklijke harmonie Volharding Kessel-Lo. Vanuit die hoedanigheid werd ik voorzitter van de deelraad amateurkunsten en lid van zowel de Cultuurkoepel als 30 CC. Cultuur ligt mij enorm aan het hart en ik vind het geweldig wat Leuven nu doet.

Er mag wat neerbuigend gekeken zijn naar mevrouw Wilmes, die eveneens ‘en stoemelings’ premier van ons land werd. Ik heb bewondering voor het parcours dat zij de laatste maanden aflegde. In het begin leek zij onzichtbaar en kreeg zij de coronamaatregelen nauwelijks uitgelegd. Vorige week draaide het verplegend personeel van een Brussels ziekenhuis haar nog de rug toe. Maatregelen die kwaad bloed zetten, werden teruggeschroefd. Gisteren bezocht zij, op eigen vraag, het Jessa ziekenhuis om uitgebreid in gesprek te gaan met de artsen en verpleegkundigen die in de frontlinie stonden. Zij had de boodschap begrepen en het beleid bijgesteld. Zij brengt empathie op en luistert naar de noden van de sector. Voor mij mag zij in een volgend kabinet gerust de nieuwe minister van Volksgezondheid worden.

Tot slot wil ik alle moslims, waaronder medewerkers van Oostrem, een prettig suikerfeest wensen. Is het jullie ook opgevallen op welke serene wijze zij de afgelopen maand de ramadan, in besloten kring, beleefd hebben? Het valt toch moeilijk te begrijpen dat een rechtse anti-islampartij er tijdens de laatste peiling nog op vooruitgaat, terwijl er heel wat andere thema’s (gezondheidszorg – de aanhoudende droogte en watertekort – het klimaat – de energiebevoorrading - …) op tafel liggen.

Daarvoor is mijn verstand te klein.

Zaterdag 23 mei

Ik wil mij er voor verontschuldigen dat ik af en toe afdwaal en het in deze blog niet altijd over de situatie in Oostrem heb. Op zich is dat een zeer goed teken. Dat betekent dat de situatie op het werk nog steeds onder controle is en dat wij met man en macht hout vasthouden en nog steeds alle maatregelen uitwerken om dat zo te houden.

Ik ben geboren en getogen in Leuven. Tijdens mijn eerste levensjaren woonde ik op de Lei (links van het Mexicaans restaurant) met zicht op de Dijle en het conservatorium. Nadien verkaste ik met mijn ouders, broer en zus, naar Kessel-Lo. Ik liep school in de Sint-Pietersschool in Blauwput en ging vanaf het vierde leerjaar naar het Kot (Sint-Pieterscollege). Na mijn studies aan de sociale hogeschool Heverlee woonde ik in de Kardinaalstraat, waar ik mijn echtgenote leerde kennen, om nadien terug naar Kessel-Lo te trekken. Onze kinderen groeiden er op met het Provinciaal Domein als grote achtertuin. Ik deed stage en vrijwilligerswerk in Oikonde, ging aan de slag in Oostrem (Schapenstraat). Ik engageerde mij in organisaties en verenigingen zoals de KSA, dagcentrum De Trommel, Hejmen, Panal, Wonen & Werken, de Koninklijke Harmonie Volharding, … Een echte wereldburger zal ik nooit worden. Daarvoor zit Leuven te veel in mijn binnenzak. Het is de stad waaraan ik verknocht ben, die me vermaakt en die mij doet vloeken. Ik heb er de horeca mee rijk gemaakt en mij in menig debat gemoeid. Nu ligt mijn stad er maar doods bij en mis ik er mijn vrienden. Gelukkig bracht Luc Vanheerentals (Belga-correspondent Vlaams-Brabant) net op tijd het boek ‘De Leuvense wereldverbeteraars’ uit. Daarmee haal ik toch een aantal vrienden en kennissen terug in huis. Er zijn portretten van Magda Peeters (Maakbar), Jos Vandikkelen (Velo), Luc Deneffe (De Wissel), Ramon Kenis (Leuvens Historisch Genootschap), Karin Nelissen en Lieven Verlinde (’t Lampeke), Didi De Paris (dichter) en zovele anderen die allemaal proberen van Leuven een doorleefde stad te maken. Soms gebeurt dat in de beste verhouding met de beleidsmakers; op andere momenten zijn ze de horzels in de pels. Zo ijvert Ramon Kenis voor het behoud van de verpleegsterschool op Kapucijnenvoer, tegen de belangen van een grote projectontwikkelaar in, en dat zal hem niet alleen applaus opleveren. Leuven mag fier zijn op al die wereldverbeteraars die voet aan wal zetten in Leuven. Samen maken zij immers de stad.
Bedankt Luc (Vanheerentals) om deze mensen even in mijn woonkamer te brengen.

Hoe meer in mijn kot, hoe meer ik wegdroom naar lang en kort vervlogen tijden. Ik mis zelfs café Gambrinus (Grote Markt) waar men zelden vriendelijk is, de klanten soms gedoogt en de tafels al binnengezet worden als het terras nog halfvol zit. Maar dé Stella is er ongewoon lekker.


Vrijdag 22 mei

Door de coronacrisis kwamen heel wat werknemers in tijdelijke werkloosheid terecht. Winkels sloten hun deuren en bedrijven staakten hun activiteiten of draaiden op beperkte kracht. Op het hoogtepunt van de crisis waren meer dan 1 miljoen mensen (even) werkloos. Er werden heel wat steunmaatregelen opgezet om er voor te zorgen dat zelfstandigen en bedrijven het hoofd boven water kunnen houden. Hoeveel van de getroffen personen zouden gedacht hebben dat hen dat zou overkomen? Hoeveel mensen gaven vroeger aan dat wie wil werken altijd wel werk vindt? Waar zijn nu al die mensen die vinden dat de overheid de mensen pampert en hen een hangmat aanbiedt? Verstandige mensen hoeden zich voor grootspraak en stellen zich met hun mening bescheiden op. Je moet maar heel even pech hebben en de rest van het leven ziet er totaal anders uit. Op dat vlak loopt het in Oostrem vol ervaringsdeskundigen. Ouders moesten van de ene op de andere dag hun leven volledig bijstellen omdat zij zich dag en nacht ontfermen over een zwaar gehandicapt kind. Iemand anders ziet zijn levensdroom volledig onderuit gaan omdat hij getroffen werd door een degeneratieve aandoening zoals multiple sclerose. Een ander raakt na een zwaar hersentrauma, ten gevolge van een ongeval, niet alleen zijn gezondheid maar ook zijn vrouw en kinderen kwijt. Mensen die goed hun boterham verdienden, leven nu van een federale tegemoetkoming of van een arbeidsongevallenverzekering. Vroeger zouden deze mensen alleen maar overgeleverd zijn aan liefdadigheid. Het was de Kerk die de gelovigen opriep om de hulpbehoevenden bij te staan in hun nood, zonder de oorzaken aan te passen. De fabrieksdirecteur kon met een zuiver geweten zijn gang gaan zolang hij maar wekelijks naar de mis ging en een mooi bedrag in de collectiebus stopte. Met de encycliek Rerum Novarum riep paus Leo XIII op tot structurele rechtvaardigheid zoals een rechtvaardig loon, veilige werkomstandigheden, vrije tijd, een verbod op kinderarbeid, … Hij kende aan zowel de overheid als de vakbonden een rol toe in het nastreven van deze structurele rechtvaardigheid. Het is uiteindelijk de arbeidersbeweging die er voor zorgde dat rechten, die wij evident vinden, doorheen de laatste 130 jaar afgedwongen werden. Daar staat de sociale zekerheid nu voor. De laatste jaren wordt er heel veel aan deze rechten getornd. Het verhaal ‘Eigen schuld dikke bult’ wint meer en meer aan gewicht. Subsidies en tegemoetkomingen worden afgebouwd en het belang van liefdadigheid neemt steeds meer toe. Maatschappelijke organisaties leggen terug contacten met de betere fabrieksdirecteurs om op steun te rekenen. Crowdfunding is een begrip geworden dat iedereen kent en gebruikt. Vroeger was ik hulpverlener, terwijl ik nu vooral fondsenwerver ben en de Public Relations van mijn organisatie verzorg.

Hopelijk leren wij allemaal iets uit deze crisis en stellen we ons allemaal bescheidener en minder grootsprakerig op. Ineens moeten zoveel meer mensen hun hand openhouden en zijn zij blij dat zij kunnen rekenen op een werkloosheidsuitkering en een premie om de energiekosten te helpen dekken. En dan zijn er nog zovelen die zelfs nu tussen de mazen van het net vallen.

Donderdag 21 mei

Aan de vooravond van Rerum Novarum, het feest van de Christelijke Arbeidersbeweging, zou het nieuws moeten gedomineerd worden door brandend actuele thema’s zoals sociale rechtvaardigheid, solidariteit, de fiscale ongelijkheid, de massale werkloosheid en de toenemende armoede in ons land. Een land dat probeert recht te krabbelen na een ongeziene aanval waarvan de vijand nog altijd niet verslagen is. Met die verwachting repte ik mij gisterenavond, na de digitale Raad van Bestuur, naar huis. Ik nam ook nog een aantal boeken mee (Een jaar in de wereld van de ongelijkheid – De Leuvense Wereldverbeteraars) en een artikel (Honderdvijfentwintig jaar liefde en rechtvaardigheid – Via Ricoeur naar de betekenis van Rerum Novarum) om een zinvolle bijdrage via mijn blog te leveren.

Het nieuws, Terzake en De Afspraak werd echter gedomineerd door een veel belangrijker maatschappelijk thema, nl. de tweedeverblijvers. Deze achtergestelde groep kreeg na een korte, maar hevige strijd eindelijk genoegdoening. Zij mogen terug naar hun stulpje aan de kust of in de Ardennen. Versta mij niet verkeerd. Ik gun het deze mensen van harte. Zij hebben alle recht om na te gaan of hun eigendom nog in orde is en zij kunnen maar beter het beschimmelde beleg in hun ijskast weg kieperen. Voor de volksgezondheid zal hun tripje geen probleem geven. Ik begin mijn wenkbrauwen te fronsen als blijkt dat deze eigenaars ook bezoekers, gekoppeld aan hun bubbel, mogen ontvangen. Blijkbaar geldt dit als een essentiële verplaatsing. Boos word ik als burgemeester Lippens aangeeft dat besmette tweedeverblijvers best op tijd terugkeren naar hun ziekenhuis van afkomst. De lokale ziekenhuizen zijn er niet klaar voor. Woest word ik als ik er over nadenk dat de zwaarst getroffen sectoren, uiterst voorzichtig, doorstartscenario’s moeten opmaken aan de hand van een grondig uitgewerkt ethisch kompas. Elk stapje, richting perspectief, moet gewikt en gewogen worden.

Het ministerieel besluit over de tweedeverblijvers wordt op één dag, met één pennentrek, bezegeld tegen het advies van de gouverneur van West-Vlaanderen in.

Ontgoocheld ga ik naar mijn bed met de vaststelling dat na twee maanden van verbondenheid en solidariteit alles terug bij het oude is: ‘Eigen belang eerst’.

Voor mijn vaderdag vraag ik een megafoon. Want wie in dit landje het hardst toetert, wordt het eerst gehoord.


Woensdag 20 mei

Vanavond zou ik, normaal gezien, op de tribune gezeten hebben voor de openingsceremonie van Special Olympics Antwerpen. Dat blijft een jaarlijks hoogtepunt. Telkens treden tussen de 2000 à 3000 atleten aan om uit te blinken in hun sporttak. De olympische gedachte ‘Deelnemen is belangrijker dan winnen’ leeft hier meer dan elders, maar vergis je niet. Ook deze atleten zetten prestaties neer om ‘u’ tegen te zeggen. De sfeer op zulke Spelen valt niet te beschrijven. De atleten zitten op de top van hun kunnen, aangemoedigd door vrienden en familie en bijgestaan door duizenden vrijwilligers. Een bezoekje aan zulke Spelen is gratis en boost het geluksniveau van de aanwezigen. Daar kan geen enkele therapeut tegenop. Nadien worden de atleten vaak gehuldigd in hun eigen gemeente of stad, samen met andere professionele atleten die een medaille veroverden. Oostrem vaardigt elk jaar een veertiental atleten af, maar dit jaar niet. Ook dat zorgt voor heel wat ontgoocheling. Voor mij zijn zij alvast, de volgende vier dagen, de Helden van Oostrem.

Dinsdag 19 mei

Het zal intussen ongeveer 35 jaar geleden zijn dat ik gewapend met een kleine vragenlijst naar dokter Pillen trok. Dokter Pillen was een gekende neuroloog en gespecialiseerd in personen met een beperking. Ik had een afspraak om meer kennis te verwerven over epilepsie bij één van onze gebruikers. De epilepsie raakte maar niet onder controle. In die tijd hadden wij nog geen dokter of verpleegkundigen in huis. Er was alleen maar een grote bereidwilligheid om bij te leren. Ik herinner mij het gesprek alsof het gisteren was. Dat had alles te maken met de eerlijkheid waarmee de dokter op mijn vragen inspeelde. Verschillende keren antwoordde hij dat de wetenschap op bepaalde vragen nog geen antwoord had. Ik ging niet veel wijzer terug naar huis, maar had iemand ontmoet die ongelooflijk veel integriteit en eerlijkheid uitstraalde.

Vandaag heb ik het gevoel dat er over het COVID-19 virus nog maar zeer weinig gekend is. In deze gemediatiseerde wereld worden wij bestookt met heel veel informatie van nog meer experten. Het virus zou een verwoestend effect hebben op meerdere organen, het fijn stof in de lucht zou meehelpen het virus te verspreiden, kinderen zouden het virus nauwelijks overzetten, … Het lijkt alsof iedereen antwoorden wil geven, zonder er het fijne van te weten.

Dat maakt dat scholen dadelijk hun deuren sluiten wanneer een kind ziek aan de schoolpoort staat. Bij elk incident, bij elk kuchje of bij elke koortsopstoot slaat de paniek toe en gaat iedereen in een kramp. Dat is zeer goed te begrijpen. Er is nood aan enkele inzichten en richtlijnen die in alle omstandigheden overeind blijven.

Oostrem houdt zich voorlopig aan de volgende principes: social distancing of anderhalvemeteren, bezoek in de open lucht, bubbels maar beperkt uitbreiden, handen wassen tot in den treure en beschermingskledij en maskers waar nodig.

Hopelijk volgen de inzichten in het virus snel en wordt er hierrond eenduidig gecommuniceerd. Het geeft mij vertrouwen als men ook durft te benoemen wat men nog niet weet: Gisteren mochten wij wel terug aan het werk en naar school, maar nog niet naar de kust. Vandaag is het veiliger op het strand dan op kantoor. Pfff! Verwarrend allemaal!

En dan ligt er nu een omzendbrief op mijn bureau over de versoepeling van de overstap tussen de thuissituatie en de voorziening. We moeten plannen van opstart maken vertrekkend van onze eigen wijsheid. Wie heeft er wat wijsheid te koop?


Maandag 18 mei

Deze ochtend bespraken wij twee voorstellen: enerzijds het verder heropstarten van Dé Werkplaats en het dagcentrum Wijgmaal én anderzijds de uitbreiding van de bezoekregeling.

Vorige week startten de eerste dagcentrumgebruikers in Dé Werkplaats op. Het ging over drie personen waarvoor ‘anderhalvemeteren’ geen probleem is. Vanaf 25 mei komen daar nog één à twee deelnemers bij. Geleidelijk aan zal deze groep verder uitgebreid worden, met mondjesmaat en met alle noodzakelijke veiligheidsmaatregelen. Het gaat allemaal tergend langzaam, maar in vergelijking met heel wat andere organisaties binnen de gehandicaptenzorg lopen wij verder uit.

Vanaf 25 mei zullen de meeste bewoners van Be-Home twee dagen (maandag – dinsdag) per week naar het dagcentrum Wijgmaal gaan. De andere dagen van de week zijn de bewoners van Wilsele 1 aan de beurt. Dat zal aan de verschillende werkingen wat zuurstof geven.

Het tweede voorstel behelst de bezoekregeling. De richtlijnen hierover worden verder verfijnd. Strikt genomen mocht er tot nu toe maar 1 vaste bezoeker langskomen. Oostrem breidde deze richtlijn uit en liet twee bezoekers uit eenzelfde bubbel toe. Het Vlaams Agentschap bouwt hierop verder. De cliënt mag, conform de afspraken gemaakt door de nationale veiligheidsraad tijdens één bezoekmoment meerdere personen ontvangen, voor zover deze personen tot dezelfde contactbubbel behoren. Stelselmatig wordt er meer en meer perspectief ingebouwd.


Zaterdag 16 mei

Op de vraag hoe hij aankijkt tegen het inrichten van zomerscholen verzuchtte Lieven Boeve, topman van het katholiek onderwijs: ‘Daarvoor trekt de Vlaamse overheid 11 miljoen euro uit, maar wat met al de extra kosten die de scholen nu reeds gemaakt hebben?’. Die vraag stellen andere zorgsectoren zich ook. In aanloop van de Raad van Bestuur op 20 mei berekende onze financieel verantwoordelijke dat het kostenplaatje (aankopen beschermingsmateriaal) voor Oostrem oploopt tot 24 000 euro. Reken daarbij de minopbrengsten doordat er geen persoonlijke bijdragen van de dagcentrumgebruikers binnen komen, dan kom je op ongeveer 40 000 euro uit. Het gaat hierbij maar over een periode van een kleine drie maanden. Voorlopig ga ik er vanuit dat wij een deel van deze kosten kunnen inbrengen en recupereren, maar daar wordt nog niet over bericht.

Zowel tijdens de bankencrisis als tijdens deze pandemie trekt de overheid miljarden uit om de economie te redden. Dat is meer dan verdienstelijk. Blijft natuurlijk de vraag waarom er in gewone tijden zo weinig geld voorzien wordt om bijvoorbeeld personen met een handicap zorg te waarborgen. Daarvoor is mijn verstand te klein.

Iedereen staat nu in de wachtrij voor één of andere winkel, maar in onze sector staan er nog steeds 14 000 personen continu in de wachtrij voor een budget. Voor deze personen wordt er geen vangnet georganiseerd zoals het systeem van tijdelijke werkloosheid.

Nochtans zouden met een progressief financieringssysteem, de open-end financiering, heel wat meer personen kunnen geholpen worden zonder dat de begroting ontspoort. Hopelijk is deze crisisperiode de aanzet om op meerdere domeinen creatiever na te denken. Nu maar hopen dat dit virus de hersenen van al die verstandige koppen in al onze regeringen niet aantast.

Vrijdag 15 mei

Het had iets van het Eurovisiesongfestival. Gisteren wachtten wij de resultaten van de algemene test van personeel en bewoners af. ’s Morgens werd één van de collega’s door haar huisarts opgebeld met het positieve bericht dat zij negatief was, maar dan bleven verdere resultaten uit. Om 14u52 berichtte Bart, één van onze instellingsartsen dat de resultaten van 131 personeelsleden bekend waren en niemand testte positief. ’s Avonds kwam dan, om 20u17, het verlossende bericht dat ook de resultaten van de bewoners unaniem goed waren. Een diepe zucht van opluchting vertaalde zich in het uitschenken van een goeie Chimay. De paters Trappisten mochten bij mijn eenmansfeestje aanwezig zijn. Natuurlijk gaat het maar om een momentopname. De grootste omzichtigheid blijft geboden en alle veiligheidsmaatregelen moeten verder in acht genomen worden. Het is natuurlijk ook de bevestiging dat wij het de afgelopen twee maanden goed gedaan hebben en dat al onze medewerkers zeer veel discipline aan de dag legden.

Oostrem, twelve points … Oostrem, douze points … Oostrem, twaalf punten …
We hebben tot nu toe een goede portie geluk gehad. Op naar de volgende ronde.

Donderdag 14 mei

Het worden spannende dagen voor het onderwijs. Vanaf morgen starten enkele leerjaren terug fysiek op. Ik wil in deze kleine beschouwing vooral hulde brengen aan de leerkrachten van het basisonderwijs. Zij zullen al hun creativiteit moeten aanwenden om met kleine, opgesplitste klassen te werken, tegelijk aan preteaching te doen en opvang te organiseren. Zij zullen alles uit de kast moeten halen om er voor te zorgen dat alle leerlingen bij blijven, want hun job is hoogst essentieel. Met de kennis van het lager onderwijs kom je in het leven al erg ver: rekenen en schrijven, begrijpbaar lezen, percenten berekenen, logisch leren denken, de dt-regel, dat ‘daarom’ geen goed antwoord is op de ‘waarom’ vraag. Het komt er allemaal aan bod. En dan… is er ook nog de regel van drie.

De leerkrachten moeten ook fouten uit het recente verleden rechtzetten, nl. dat de regel van vier eigenlijk de regel van twee blijkt te zijn. Zelfs minister De Block raakte het Noorden kwijt. Zij dacht dat zij haar bubbel kon uitbreiden met zowel haar moeder als dochter, op voorwaarde dat deze personen dan verder voor elkaar kozen. Blijkbaar interpreteerde zij (maar ook ik) het verkeerd. Wij mogen enkel onze bubbel uitbreiden met maximaal vier personen die, samen tot één andere bubbel behoren. De vrijgezellen onder ons die denken dat zij drie vrienden kunnen uitnodigen, die op hun beurt ook weer drie andere vrienden kunnen uitnodigen, die dan ook weer drie andere vrienden kunnen uitnodigen, … het blijkt niet waar te zijn.

Als er een zaak is die ik de afgelopen maanden geleerd heb, is dat het voor heel wat gezagsdragers moeilijk is om een eenvoudige boodschap eenvoudig over te brengen. Een van onze bewoners deed ooit de illustere uitspraak: ‘Waarom gemakkelijk als moeilijk ook kan’. Ik stel voor dat wij deze bewoner, Johny genaamd, aan het hoofd zetten van de volgende regering. Het Wetstratees heeft hij al volledig onder de knie. Verwarring zaaien (sorry, Johny) kan hij soms ook heel goed, maar het is een ongelooflijke goeie en aangename gast.(À propos, wij zijn op zoek naar een vrijwilliger voor Johny. Hij is één van de weinige bewoners van Wilsele die geen bezoek krijgt – kandidaat? Mailtje naar herman.bellemans@oostrem.be).

Leerkrachten, veel succes en weinig frustratie morgen! De toekomst ligt in jullie handen.

Woensdag 13 mei

De eerste dagcentrumgebruikers zijn sinds maandag terug aan het werk. Letterlijk aan het werk, want zij verzetten bedrijfsopdrachten in het semi-industriële atelier, Dé Werkplaats. Zij werken momenteel aan de assemblage van contactdozen voor de bouw, de verwerking van ziekenhuismateriaal (afvalverwerkingsproject) en voor een lokale drukkerij.. Ondanks corona heeft de productie in Dé Werkplaats nooit stil gelegen. De opdrachten werden over de verschillende woonhuizen verdeeld zodat de daginvulling zinvol en gestructureerd bleef. Oostrem heeft er altijd voor gekozen een leven aan te bieden dat zo gewoon mogelijk is: ‘Zo gewoon als mogelijk, zo gespecialiseerd als nodig’. Wij zijn kind van het normalisatie-, personalisatie- en integratieprincipe. Dat zijn drie begrippen die in de huidige pedagogiek als achterhaald worden beschouwd, maar voor mij blijven ze de basis: ‘Biedt de personen een zo gewoon mogelijk leven aan, ga niet voorbij aan de eigenheid van elk individu en zorg er voor dat het leven zo geïntegreerd mogelijk kan verlopen’. Begrippen zoals Kwaliteit van leven, inclusie, gelijkwaardigheid, emancipatie zijn meer eigentijds, maar zij zijn eigenlijk de afgeleiden van hetzelfde. Een ander principe waar wij ons handelen op afstemmen, is autonomie versus beschermwaardigheid: ‘Elke volwassen persoon heeft recht op maximale autonomie en het recht om eigen keuzes te maken, tenzij dat hij daardoor het leven van zichzelf of van anderen in het gevaar brengt’. Daarmee heb ik in enkele zinnen weergegeven wat de uitgangspunten van Oostrem zijn. Waarom het moeilijk maken als het ook eenvoudig kan! Soit, tot daar een korte theoretische omweg om te zeggen wat voor een leuk gevoel het was om in Dé Werkplaats drie glunderende gezichten terug te zien! Het doet zichtbaar deugd bij Liliane, Niels en Johan, maar dat doet het evengoed bij ons. We gaan verder op de ingeslagen weg om terug meer en meer personen, die nu noodgedwongen thuis zitten, te bereiken.

Dinsdag 12 mei

Deze ochtend kreeg ik bij het ochtendgloren al een wisser in mij neus. Voor ik het goed en wel besefte, was de afname achter de rug. Nagenoeg iedereen passeert vandaag de revue en de resultaten zullen binnen enkele dagen gekend zijn. Vandaag zijn we twee volle maanden in ‘lockdown’ en mag er gevierd worden. Mijn collega’s én bewoners kennende zullen zij deze kans niet onbenut laten. Ik wil, vanop afstand, iedereen bedanken voor de manier waarop er de vorige maanden gewerkt werd. Nog nooit was er zo weinig ziekte-uitval. Iedereen laat het beste van zichzelf zien en draagt zijn steen(tje) bij. Bewoners blijven er erg rustig onder, de begeleiders nemen er de rol van vervangouders bij, het bezoek houdt zich aan de afspraken. Iedereen is zich bewust van de situatie en er zijn gewoon geen incidenten. Als je vertrouwen geeft, dan krijg je vertrouwen terug!

Het ene leuke initiatief volgt het andere op. Vandaag komt Sammy Moore in Wilsele langs voor een gratis dagconcert. Ook dat gebeurt met alle veiligheidsmaatregelen in het achterhoofd.

Een speciale dank voor de twee huisartsen, dokter Leen en dokter Bart, die aan Oostrem verbonden zijn. Zij staan al maanden continu ter beschikking en vergaderen zich, eveneens gratis, te pletter. Zij leveren professioneel advies en bewaren mee de rust. Het lijkt alsof wij zelf twee virologen of specialisten in huis hebben. Vandaag is het trouwens de dag van de verpleegkundigen. Hilde, Els, Iris en Steven, hartelijk bedankt voor de strikte opvolging, de massa’s uitgewerkte richtlijnen en opleidingen.

En dan zijn er nog de vele ‘on’zichtbare medewerkers die alles desinfecteren en schoon maken, de was blijven doen, lekkere maaltijden bereiden, iedereen gezond proberen te houden, personeel blijven aanwerven, handelingsplannen bijsturen, het contact met de familie blijven onderhouden en er voor zorgen dat de rekeningen blijven kloppen. Chapeau allemaal!

Maandag 11 mei

Ik heb toch maar het nummer 02/214 19 19 in mijn gsm opgeslagen. Het is het enige nummer dat gebruikt wordt om contactonderzoek te doen. Contactonderzoek houdt in dat de overheid in kaart probeert te brengen met wie een besmet persoon in aanraking is geweest. Daarvoor werden contacttracers aangeworven.

De boodschap die ik deze ochtend via de radio meekreeg was na te gaan of de contacttracer betrouwbaar is en alert te blijven bij de informatie die opgevraagd wordt. We moeten ons hoeden voor malafide personen die ons voor minder nobele redenen bellen.

Vandaag gaan de meeste winkels open en meer en meer mensen werken terug buitenshuis. Datzelfde geldt ook voor de deur-aan-deurinbrekers en foefelaars die onze gegevens nodig hebben voor financieel gewin. Ook zij lijden onder de coronacrisis en willen de verliezen beperken. Stel je voor dat deze lucratieve business ook nog failliet zou gaan J.

In hetzelfde nieuws ging het weer over de mondmaskers. Dat wordt toch ook wel een echte vaudeville: mondmaskers die besteld worden, maar nooit aankomen; een bestelling van defensie (minister Goffin) waar de filters van justitie (minister Geens) niet in passen; mondmaskers die in België geproduceerd werden, maar uitgevoerd werden naar andere landen in nood terwijl wij er zelf te kort hadden. Ik probeer het allemaal niet te veel meer te volgen, want de lijn tussen echt en fake nieuws valt niet altijd te trekken.

Tot vandaag weten wij ons, in Oostrem, nog altijd verzekerd van regelmatige aanleveringen van de chirurgische mondmaskers. Daarmee kan het personeel er voor zorgen dat zij zelf de bewoners niet besmetten. Tot nu toe kregen wij van de overheid nog geen één FFP-2 masker geleverd. Dat type masker dient om de begeleiders te beschermen wanneer zij in contact komen met een besmette bewoner. Wij plaatsten zelf een grote hoeveelheid van deze maskers, 1000 in totaal, en deze bestelling kwam vorige vrijdag toe. Op wat verpleegschorten na hebben wij voorlopig alle beschermingsmateriaal in huis. De kosten lopen stilaan op tot € 25 000.

Zondag 10 mei

Eigengereid als ik ben, wil ik het vandaag over mijn vader hebben. Mijn moeder overleed eind 2018. In gedachten wens ik haar toch nog een gelukkige moederdag. Ergens ben ik blij dat zij heel dit coronagebeuren niet meer hoeft mee te maken. Ik vrees dat deze erg sociaal ingestelde en zelfstandige madam in een zeer groot isolement zou terecht gekomen zijn.

Mijn vader werd op 90-jarige leeftijd, halverwege februari, in een woonzorgcentrum opgenomen. Dit gebeurde na een aantal valincidenten. De vergeetachtigheid en toenemende verwardheid kreeg de naam dementie of Alzheimer. Vanuit een spoedopname in het ziekenhuis transfereerden wij hem naar een mooi rustoord, prachtig gelegen, met een toffe cafetaria en heel wat restaurants, cafés en groene plekken in de buurt. Het personeel slooft zich uit om hem goed op te vangen. Om de realiteit wat te verdoezelen, spreken wij consequent over een zorghotel, aangezien onze pa vooral tijdens zijn veelvuldige vakanties is Spanje, Bulgarije, … floreerde. Eén zaak maakt hij ons steevast duidelijk: ‘Ik wil hier niet zijn en ik wil terug naar mijn appartement’. Het moet je maar overkomen dat een maand later alles in lockdown gaat, met wekenlange kamerisolatie. Wat heb je aan face-timen als jij zeer sterk visueel beperkt bent (blind volgens de medische wereld)? Hoe onnozel voel ik mij als ik toch ga zwaaien en hij duidelijk te verstaan geeft dat hij mij letterlijk niet ziet staan.

‘Ben ik hier omdat ik gestraft ben’, liet hij zich kort geleden ontvallen? Dat is toch wel een opmerking die binnen komt. Wij troosten ons met de gedachte dat niemand van de bewoners besmet raakte en dat er een bezoekregeling uitgewerkt werd, al voor de officiële datum van 18 mei. Op afspraak kunnen wij individueel langs komen en een gesprek voeren achter plexiglas. Zou dat bij hem het gevoel wegnemen dat hij gestraft wordt?

Enkele dagen geleden zag ik radiocoryfee Lutgard Simoens op televisie. Als 91-jarige verblijft zij ook in een woonzorgcentrum. Zij oogt nog zeer pienter. Zou er iemand aan zulke bewoners vragen om mee na te denken over een zeer veilige, maar voor hen aanvaardbare bezoekregeling of worden alle beslissingen boven hun hoofden heen genomen? Laat ons vooral de competentie van ouderen, maar even goed van de bewoners van Oostrem, niet onderschatten. Zij kunnen heel veel voor elkaar en voor ons betekenen. Er ligt daar heel wat talent dat kan aangeboord worden.

Zaterdag 9 mei

Ik vroeg aan Nathalie, administratief medewerker, om na te gaan welke Blog berichten het meest aangeklikt werden. Deze berichten wil ik verwerken in het volgende Oostremnieuws. Eén van de berichten werd 23 071 keer bekeken, geliket, gedeeld of passeerde ergens; onze oproep naar mondmaskers zelfs meer dan 66 000. De meeste berichten worden tussen de 2000 à 3000 keer gelezen. Daarmee behoort ondergetekende ongewild tot de wereld van de influencers. Blijkbaar kan Oostrem bogen op een trouw publiek! Vanaf morgen maak ik dankbaar gebruik van het succes van deze facebookpagina om mijn favoriete merken aan te prijzen. Nu nog even laten uitzoeken (Nathalie? Lisa?) hoe ik daar voldoende mee kan verdienen om mijn oude dag veilig te stellen.

Alle gekheid op een stokje, door het hele COVID-19 gebeuren worden wij echt wel wakker in een andere wereld. We gebruiken Microsoft Teams als ultiem communicatiemiddel (ZOOM belandde in de digitale prullenmand), sluiten aan op Webinars, bannen de gewone bestellingen door online bestellingen, registreren via Google Docs, Doodlen er op los, …

Waar is de tijd dat het mechanische typmachine ingeruild werd voor het elektrische typmachine (mét correctielint!) en door de computer,
het stencilmachine en het karbonpapier door een kopieerapparaat,
de bakelieten telefoon door de gsm en smartphone,
de fax (het meest wonderlijke apparaat) door de printer met verzendfunctie,
de projector door de beamer en de smart TV,
de klassiek brief en het rechtstreekse gesprek door een email?

De technologische evolutie van de afgelopen decennia is ongezien.

Door het C- virus snakken wij nu vooral terug naar het gewone directe contact, een vergadering met mensen rond de tafel, even bij elkaar langs kunnen lopen, tijd nemen om ons rustig bij iemand te zetten. De evoluties zien er goed uit. Het virus zwakt verder af en de nieuwe maatregelen doen ons weer dromen van gewoon menselijk contact. Een beetje nostalgie naar (nog niet zo) lang vervlogen tijden. Nu nog die regel van vier onder de knie krijgen.

Als ‘influencer’ wil ik alle mama’s die deze blog volgen een mooie moederdag wensen.

Vrijdag 8 mei

Vandaag eigen ik mij een extra feestdag toe, een allereerste recuperatiedag sinds de start van de lockdown. Ik neem mij heilig voor om vandaag niet te werken en het aantal blikken op de berichten van de smartphone tot een minimum te beperken. Er zal wel gebeld worden als het echt nodig is. Vandaag, 8 mei, is bevrijdingsdag, de dag dat WOII 75 jaar geleden eindigde. Vanaf toen krabbelde de wereld terug recht en startte de wederopbouw. Zo’n heuglijke dag dreigt nu in alle stilte voorbij te gaan. Nochtans biedt de alom aanwezige pandemie de kans om de wereld terug te herdenken en globale problemen aan te pakken: virussen, vervuiling, klimaatverandering, …

We kijken de toekomst recht in de ogen. Ik hef de ochtendtas koffie op de bevrijding en ga terug over tot de orde van de dag.

Dinsdag 12 mei zijn we zo ver. Dan zal iedereen in Oostrem getest worden, zowel bewoners als werknemers. Op een ijltempo zullen 200 tests afgenomen worden door de huisartsen die aan Oostrem verbonden zijn en door dokter en verpleegkundigen van de arbeidsgeneeskundige dienst. Iedereen wordt opgeroepen, maar niemand verplicht. We willen zeker de bewoners niet dwingen of de afname onder dwang laten gebeuren. Dat zou tot heel wat ongewenste effecten leiden. Ik durf te hopen dat iedereen negatief test. In het geval dat wij begeleiders en bewoners hebben die positief testen, zonder symptomen te vertonen, liggen verschillende scenario’s klaar. We kunnen bewoners in quarantaine plaatsen of wij bouwen het dagcentrumgedeelte van de ‘Bijlok’ om tot een COVID-afdeling. Medewerkers om zo’n afdeling te bemannen, dienden zich vrijwillig aan en kregen de nodige opleiding. Personen met uitgesproken klachten worden sowieso naar het ziekenhuis verwezen. Ook daarover werden afspraken gemaakt. Ik hoop alleen dat het bij papieren scenario’s kan blijven.

Donderdag 7 mei

Het is altijd lachen als Jan Jambon in één of andere nieuwsstudio opduikt om toelichting te geven bij nieuwe maatregelen van de Nationale Veiligheidsraad. Spijtig genoeg heb ik Pieter De Crem gemist. Dan wordt het pas gieren. Deze heren slagen er als geen andere in om telkens een eigen(gereide) interpretatie te geven van de feiten, in dit geval de versoepeling van het bezoekrecht. Hun optredens kunnen rekenen op onze sympathie omdat zij appel doen op onze volksaard. Maatregelen zijn goed, maar wij, Belgen, gaan direct op zoek naar een creatieve invulling. Ik ben daarin niet heiliger dan de paus. Tot ik aan de ontbijttafel een interview las van Dirk Draulans met Peter Piot. Deze laatste kent wereldfaam als aids- en ebola-expert. Hij werd zelf slachtoffer van het coronavirus en ging in een Londens ziekenhuis door de hel. Nadat hij ontslagen werd, moet hij verder behandeld worden met hoge dosissen corticosteroïden. Hij zegt dat veel patiënten zullen achterblijven met chronische problemen aan het hart en de nieren. ‘Hoe meer we weten over het virus, hoe meer vragen er opduiken’. Dat was nu echt de wake-up call die ik nodig had.

Wij gaan het de volgende weken heel simpel houden. Onze jongste dochter vormt samen met haar man en zoontje één gezin. Als zij er mee akkoord gaan, dan breiden zij deze bubbel uit met onze oudste dochter en partner, mijn echtgenote en ikzelf. Dan houden wij ons keurig aan de regels en dan laten wij andere bezoekjes voor wat ze zijn. We zullen ons in de tuin zetten met de stoelen ver uit elkaar. Ander familie- en vriendenbezoek zal nog even moeten wachten. We zijn blij met de geboden kansen en zullen ons daaraan houden.

Woensdag 6 mei

Maandag open ik mijn blog met ‘Deze week staat in het teken van de hoop’. Dinsdag sla ik deze hoop aan diggelen door de sponsoractie 2020 uit te stellen. Goe bezig, Mario! Ik zal mij herpakken. Na contactname met de politie en de federale overheidsdienst, belast met de opvolging van het coronavirus, blijkt dat bewoners die onder eenzelfde dak wonen samen activiteiten mogen doen. Ik kreeg een zeer correct antwoord, terug te vinden op info-coronavirus.be: personen die onder hetzelfde dak wonen, daarmee worden bedoeld leefgroepen en hun begeleider uit voorzieningen die onder hetzelfde dak verblijven, mogen samen buitenhuisactiviteiten doen. Dat opent terug wat mogelijkheden. Zo kunnen bewoners van één van onze woonhuizen zich met het busje verplaatsen naar het dagcentrum Wijgmaal voor hun dagactiviteiten; zolang zij maar tot dezelfde bubbel behoren en de begeleider(s) alle veiligheidsmaatregelen in acht nemen. Op die manier kunnen wij de horizon van de bewoners wat verbreden. Eén van onze basisprincipes ‘maximale scheiding wonen – werken’ komt ook terug in het vizier. Wij willen toch (bijna) allemaal dat onze verschillende levensdomeinen (wonen – werken – ontspanning – vakantie) op verschillende locaties en met verschillende mensen plaats vinden. Anders maken wij allemaal hetzelfde mee en hebben we geen verhaal meer. En als het verhaal uitdooft, dan valt de levenslust ook meer en meer weg. Daar zijn wij heilig van overtuigd.

Dinsdag 5 mei

Na alle organisatoren van de tweejaarlijkse sponsoractie bevraagd te hebben, volgt de unanieme beslissing om de actie naar Blankenberge, eind augustus, uit te stellen naar 2021. Het duurt toch nog enkele dagen vooraleer ik dat bericht de wereld instuur. Ik heb de laatste weken al zo vaak een activiteit moeten annuleren en de delete-knop ingedrukt. Het is elke keer opnieuw een confrontatie.

In 2006 besloot Herman om samen met enkele vrienden de Mont Ventoux op te rijden. Hij wou daarmee wat centen inzamelen voor het nieuwbouwproject De Wilg. Eddie en ik besloten deze actie mee te ondersteunen. In augustus 2006 trokken 250 deelnemers naar Vaison-la-Romaine om de kale berg, al fietsend, wandelend en met de Joëlette, te bedwingen. Iedereen trok aan hetzelfde zeel. ROB-TV ging mee. Piet, onze voorzitter, sprak op de laatste avond de illustere woorden uit ‘Hier maken wij een traditie van’. Wie waren wij om hem tegen te spreken J?

In 2008 volgde opnieuw de Mont Ventoux, in 2010 Evolène en Alpe d’Huez, in 2012 La Bresse, in 2014 Kent, in 2016 Harzgebergte, in 2018 Mannheim en in 2020 niks. Telkens stonden deze acties in het teken van een nieuw project van Oostrem. Er vormde zich een groep van ongeveer 150 sympathisanten die er bewust voor kozen om onze organisatie op een aangename manier te ondersteunen. Ik keek er elke keer weer naar uit en maakte er mijn ambitie van om iedereen echt te leren kennen en iedereen als vriend te verwelkomen.

Vrijwilligers werden specialisten in het organiseren van het wandel- en fietsprogramma, het recreatieve luik en de logistieke onderbouw. Elke keer doken er weer nieuwe mensen op (of werden zij met lichte aandrang gevraagd) om nieuwe programma-onderdelen toe te voegen. Niet onbelangrijk, samen brachten al deze acties ongeveer 300 000 € op.

Deze keer regeert de wijsheid. Wij mogen de deelnemers, die vaak al tot een risicogroep behoren, niet ondergeschikt maken aan het financiële gewin. Daarvoor zijn zij ons te dierbaar. Wij verschuiven de actie in Duinse Polders naar vrijdag 27 augustus tot maandag 30 augustus 2021. Het wordt gegarandeerd een topeditie.

Maandag 4 mei

Deze week staat in het teken van de hoop. De uitgewerkte bezoekregeling ontvouwt zich en de eerste face-tot-face contacten tussen bewoner en familie worden geleidelijk aan hersteld. Dat zal de nodige emoties meebrengen, hier en daar wat frustratie doen ontstaan omdat er nog niet mag geknuffeld worden, maar onze topbegeleiders zullen deze contacten wel in goede banen leiden.
Over bezoek gesproken: Sinds de opstart van deze blog merk ik dat de facebookpagina van Oostrem druk bezocht wordt. Wat mij vooral deugd doet, is dat heel wat oud-collega’s benieuwd blijven naar het reilen en zeilen van hun voorziening. Ik zie duimpjes en hartjes van Jeanine, Myriam, Linda, Vera, Carmen, Elien, Eddie en zo veel meer. Dat kan toch alleen maar betekenen dat Oostrem toch wel een plaats in hun hart blijft innemen. Telkens als ik één van die namen zie opduiken, komen de verhalen. Jeanine die nog in de Schapenstraat gewerkt heeft, Martine en Linda die Oostrem inruilden voor de gevangenis (als cipier natuurlijk), Carmen die mij opvolgde op de sociale dienst, Vera met wie ik meer dan 30 jaar de bureau deelde en waarmee ik nooit ruzie gehad heb, Eddie met wie ik het ene project na het andere mocht uitwerken. En Myriam, waar zou die nu uithangen? Misschien moeten wij toch eens werk maken van een reünie, op een moment dat Corona een anekdote of een kantlijn in de geschiedenis is geworden.

In afwachting wil ik toch al een feestje laten voorbereiden in alle woonhuizen. Als wij tot 12 mei alle werkingen besmettingsvrij kunnen houden, dan zijn we net geteld twee maanden na de lockdown. Dan mogen de kurken knallen en de hapjes en versnaperingen aangerukt worden. Dan mag de druk effe van het vat, maar altijd met een mondmaskertje in de buurt! Sla al maar voorraden in en bezorg de rekeningen maar aan de boekhouding. Het mag wat kosten! En zet natuurlijk de foto’s op facebook!

Zondag 3 mei

‘Nu ga je niet flauw doen’. Dat kreeg ik als antwoord van mijn echtgenote wanneer ik opperde dat ik het tempo van mijn blog wou laten gelijkstromen met de perscommuniqués. Er werd beslist dat Steven Van Gucht en Co, niet meer elke dag de cijfers zullen presenteren, maar enkel op maandag, woensdag en vrijdag. Oef, dacht ik. Dan kan ik mijn schrijfsels ook geleidelijk aan beginnen af te bouwen. Niet dus of voorlopig niet dus. Grote Jan op het werk, maar thuis één en al onderdanigheid.

Vandaag deel ik wat virtuele meibloemetjes uit aan een aantal politici. Een eerste voor premier Wilmes die ruiterlijk toegaf dat de persconferentie van de Nationale Veiligheidsraad veel beter kon (want wie kritiek onderdrukt, ziet op lange termijn nog alleen zijn spiegelbeeld – dixit Raf De Rycke), aan Maggie De Block met haar legendarische uitspraak ‘Ge blijft in uw kot’! ‘Ik meen het! (ondanks het feit dat zij onze strategische reserve aan mondmaskers liet vernielen), aan Ben Weyts (Zondag Weytsdag) die zich omringt door onderwijsexperten en goed communiceert, aan Conner Rousseau die zich volgens Jan Segers (HlN) op 1 mei tot het hele land richtte, als een staatsman van 27. Er zijn nog een aantal ministers die nu echt uit de startblokken moeten schieten, maar als Margot Cloet minister Beke nog een kans geeft, … wie ben ik dan om dat in twijfel te trekken. Het is wel spijtig dat de bezoekregeling die hij goedkeurde voor de collectieve voorzieningen (buiten de woonzorgcentra) en die start op 4 mei zo weinig persaandacht kreeg.

Wij zouden het bijna vergeten, maar er is nog altijd geen volwaardige regering in de maak. Het is misschien toch wel de hoogste tijd dat er een regering wordt gevormd die de fouten uit het verleden rechtzet en ons een toekomstbeeld voorspiegelt waar wij met zijn allen achter kunnen staan. Misschien hebben we toch nog een aantal politici die deze klus kunnen klaren. Mijn echtgenote blijft herhalen dat wij de politici hebben die wij verdienen. Heus?

Zaterdag 2 mei

De laatste weken wordt er constant een beroep gedaan op ons gezond verstand. Jarenlang heb ik het zelf ook verkondigd: ‘Met gezond verstand kom je al heel ver’. Het was de boodschap die ik altijd aan startende stagiairs meegaf. ‘Probeer de gebruikers zo normaal mogelijk te benaderen en dan volgt de kennis en het inzicht van zelf wel’. Voor mij betekent dat onder meer dat de cliënten als werkgever benaderd worden (zij zijn het tenslotte die ons allemaal werk verschaffen), dat de omgang respectvol en bij aanvang zelf wat afstandelijk moet zijn, dat er niet over hun hoofden heen gepraat wordt, dat er toelating gevraagd wordt om de kamer te betreden, dat discretie altijd op zijn plaats is, dat volwassen benadering bovenaan staat en betutteling uit den boze is, , dat zij bij hun naam worden aangesproken tot de relatie zo uitgediept is dat een andere aanspreking kan (Mario werd voor sommigen ook Marioke of Maatje, schatteke of lieveke), dat je voorafgaand aan de stage eerst nagaat waar de voorziening zich lokaliseert, …

Doorheen de jaren heb ik geleerd dat er niets zo onevenwichtig verdeeld is als het gezond verstand en dat heeft niets met opleidingsniveau te maken. De ene heeft het en de andere toont er een ongelooflijk gebrek aan.

Dus dames en heren politici en virologen, laat het ons toch nog maar even bij goede afspraken en regels houden. Het gezond verstand volgt later wel.

Zou het kunnen dat de traktatie (smoutebollen) van Het Wit Madammeke er mee voor zorgde dat wij nog steeds geen melding van besmette bewoners en begeleiders kregen?

Vrijdag 1 mei

Feest van de Arbeid! Dat is elk jaar de dag dat ik mij ‘heilig’ voorneem om NIET te werken. Voor deze blog maak ik wel een kleine uitzondering. Ik wil deze dag in het licht stellen van de vele naai(st)ers die zich uit de naad stikken om ons van handgemaakte mondmaskers te voorzien. Zij doen dit volledig belangeloos en gratis. Zij deden dit al voordat de Nationale Naaiactie, de grootste mondmaskermaakactie ooit, aangekondigd werd. Zij hielpen ons zorgpersoneel door de moeilijkste periode waarin wij nauwelijks beschikten over chirurgische maskers.

Nu lijkt iedereen in actie te schieten. Meer nog, nu zijn er zelfs al heel wat personen die er een handeltje in zien en maskers tegen betaling aanbieden. Ik heb er alle begrip voor dat zelfstandigen, die proberen te overleven, mondmaskers verkopen, maar het kan toch niet de bedoeling zijn dat iedereen nu een lucratief handeltje opzet. Dat doet onrecht aan al diegenen die met de meest nobele bedoelingen achter hun naaimachine kropen.

Misschien kan deze feestdag voor enige bezinning zorgen.



Donderdag 12 maart

Oostrem beslist om vanaf vrijdag 13 maart in Lock Down te gaan. Dat betekent dat onze dagcentrumbezoekers thuis blijven en dat alle bewoners, op eentje na, in hun woonhuizen opgevangen worden. Wij clusteren personeel per werking om contaminatie zoveel mogelijk te vermijden. Stagiairs die al gestart zijn, mogen blijven. Nieuwe stages worden niet opgestart. Externe diensten zoals de thuisverpleegkundigen, verzorgend personeel van Ferm en de kinesisten worden verder ingeschakeld.

We stimuleren thuiswerk. De personeelsleden van de omkadering (sociale dienst – ortho’s – ergo – logo - …) worden eveneens aan de verschillende werkingen toegewezen. Zo bouwen wij een reserve op.

Vrijdag 13 maart

De eerste ongerustheden steken de kop op. Eén van onze bewoners wordt opgenomen in het ziekenhuis, maar test negatief. Personeelsleden proberen zich te organiseren, want zij moeten zowel het werk als privé op elkaar zien af te stemmen. In totaal zijn er 15 personeelsleden ziek (op ongeveer 120), maar zonder vermoeden van besmetting. Dat aantal mag niet te veel oplopen.

Maandag 16 maart

De ene na de andere afspraak en activiteit wordt afgezegd. Zo zal Special Olympics Antwerpen, eind mei, niet doorgaan. Begrijpelijk als je weet dat daar toch duizenden atleten, familieleden en vrijwilligers aanwezig zijn. We bekijken later wel of het vakantie-aanbod van mei en juni kan doorgaan.

Dinsdag 17 maart

Uit overleg met de medische dienst blijkt dat het beschermingsmateriaal slinkt. Wij maken ons zorgen over een tekort aan mondmaskers, afschermbrillen en beschermende schorten. Ook de alcogels gaan er vlot door. We merken dat er telkens gesproken wordt over de nood aan mondmaskers in ziekenhuizen en woonzorgcentra, maar onze sector komt niet aan bod.

Woensdag 18 maart

De raadgever gehandicaptenzorg van minister Beke reageert zeer alert op onze vraag naar mondmaskers. Hij belooft dat het agentschap (VAPH) navraag zal doen bij alle opvoedings- en huisvestingsinstellingen naar de acute nood aan maskers. ’s Avonds krijgen wij een invulformulier binnen. We geven aan dat wij toch een 200 maskers per dag nodig hebben.

Intussen lanceren wij ook een facebookbericht. Enkele mensen bieden aan om maskers te naaien. Anderen hebben nog maskers om te klussen, maar zullen die eveneens ter beschikking stellen. Alles helpt.

We proberen via facebook het leven van de bewoners van Oostrem naar buiten te brengen. Op die manier blijft er contact met hun familieleden die niet op bezoek mogen. We ontvangen zeer leuke reacties.

Elke dag lopen er enkele ziektemeldingen binnen van bewoners en personeel. Bewoners die ziek zijn, blijven op hun kamer en worden voorzichtig begeleid. Personeel ziekt thuis uit en kan hopelijk binnenkort weer aan de slag.

Eén van onze vrijwilligers ging vandaag de Paaschocolade ophalen. Nu maar hopen dat wij toch op één of andere manier de 900 pakjes aan de man krijgen. De prioriteiten van vele mensen ligt nu even anders, maar chocolade werkt heilzaam. Er mag dus zeker nog besteld worden en het ophalen is een korte wandeling waard. We zullen de chocolade op een veilige manier overhandigen.

Donderdag 19 maart

Vandaag wordt Jeanine, onze oudste bewoner van de leegroep Herent, 90 jaar. Normaal gezien gingen wij dat uitgebreid vieren en haar met al onze gelukwensen richting 100 jaar katapulteren. Nu blijven onze gelukwensen beperkt tot een telefonische overdracht en een virtuele knuffel. Deze knuffel geven we ook aan Carlo die eveneens verjaart en aan alle bewoners.

Gisteren kreeg ik (Mario) van mijn familieleden filmpjes doorgestuurd met een applaus voor al diegenen die in Oostrem het beste van zichzelf geven. Ik was er echt door ontroerd. In deze coronatijden en het #Metoo tijdperk geef ik op mijn beurt een virtuele knuffel aan al mijn collega’s.

Zij zorgen er voor dat de bewoners op een liefdevolle manier opgevangen worden en in hun leefgroep leuke activiteiten kunnen doen. Nu maar hopen dat de quarantaine zijn vruchten afwerpt en dat de schade beperkt blijft. Onze bewoners zelf worden correct geïnformeerd en de meesten reageren zeer sportief.

Tot vandaag werd nog niemand positief getest. Fingers crossed!

Vrijdag 20 maart

Ik was gisterenavond even helemaal de kluts kwijt. Ik kon mij echt niet herinneren welke dag van de week het was. Gelukkig zijn er hulpmiddelen die snel soelaas bieden. De oorzaak van deze Black-out is dat alle afspraken die een werkweek vorm geven, systematisch geannuleerd worden: maandagmiddag Ronde Tafel Arbeidszorg Brussel, maandagavond deelraad amateurkunsten (naast het werk zijn er ook nog privé afspraken), dinsdag twee afspraken met Durabrik (behouden), dinsdagavond Toontjeshuis Lubbeek, woensdagavond Raad van Bestuur Oostrem én GFT/PMD buiten zetten (gelukt!), vrijdagavond personeelsfeest, zaterdagnamiddag afspraak in Rotselaar om na te gaan hoe personen met een beperking, die enkel een budget op papier krijgen, toch verder kunnen geholpen worden; quasi alle afspraken weg en alles in teken van de Corona bestrijding.

Gisteren lieten wij weten aan de bevoegde autoriteit dat wij elke dag 200 mondmaskers nodig hebben. Er kwam vandaag een levering van 5 miljoen maskertjes in België toe. Nu maar hopen dat wij er ook krijgen.

Vandaag plaatsen wij een bestelling voor tablets. Dit laat toe dat bewoners vanaf volgende week kunnen skypen met de familie. Op die manier proberen wij het isolement van onze bewoners tegen te gaan.

Zaterdag 21 maart

Deze ochtend liep er een ziektemelding binnen van een bewoner van De Wilg. ‘Gelukkig’ bleek het een bacteriële infectie en geen corona. Hopelijk raakt het probleem snel onder controle met de juiste medicatie. Intussen zijn een aantal vrijwilligers bezig met mondmaskers te maken. We kregen daar ook al een foto van doorgestuurd. Mijn echtgenote vond dit zeer goed uitgewerkt patroon van ‘La Maison Victor’ en dat mag zeker gedeeld worden. Wie wil, kan dit bekomen door een mailtje te sturen naar mylene.vanpuyvelde@hotmail.com.

Leuk is dat deze blog door heel wat mensen gelezen wordt. We zien reacties van oud-collega’s, die al heel wat jaren uit dienst zijn, maar blijkbaar de band met Oostrem behielden. Oostrem is een voorziening die toch wel in het DNA van heel wat personen gekropen is.

Minder goed nieuws is dat een familielid van één van onze verpleegkundigen de strijd tegen corona verloor. Ook werd Roland, trouwe deelnemer van al onze grote sponsoracties, in het ziekenhuis opgenomen en in kunstmatige coma gehouden. We hopen dat hij snel en volledig hersteld.

Zondag 22 maart

Ouders en familieleden sturen mailtjes om de begeleiders te bedanken voor de goede zorgen. Via de mama van Pieter-Tom van Wilsele bereikte ons het volgende gedichtje. Dat vat datgene dat in het hoofd van veel van onze bewoners momenteel omgaat goed samen:

Chaos is het in mijn hoofd
In het weekend naar huis
Dat werd mij beloofd
Plots blijf ik in de leefgroep
Dat voor drie weken lang
En ook de opvoeders lijken erg bang
Enkel nog binnen in de leefgroep
Of snel een wandeling op ’t domein
Maar geen knuffel of high-five
Enkel nog een zwaai
Elke dag verandert er wat
En mijn probleem …
Is net dat

Bedankt aan de anonieme dichter, vermoedelijk een eersteklas opvoeder, die dit zo passend neerschreef.

Oef, tot vandaag, 14u00, geen ziektemeldingen binnen gekregen.

Maandag 23 maart

Vandaag kregen wij het bericht van ons Agentschap (VAPH) dat wij 900 mondmaskers aangeleverd krijgen. Daar kunnen wij een vijftal dagen mee verder. Raar dat zo’n berichtje toch een licht euforisch gevoel te weeg brengt. Wij worden als huisvestings- en opvoedingsinstelling niet vergeten!
Daarnaast is de stad Leuven mee op zoek naar oplossingen. Zo kunnen vrijwilligers hun hulp aanbieden via de website van leuven.be/corona-helpen. Er kan gezorgd worden voor kinderoppas aan huis, voor zorgpersoneel dat zelf geen opvang georganiseerd krijgt. En er zouden voorrangpasjes komen die toelaten dat overbevraagd personeel sneller boodschappen kan doen.
En dan is er nog hulp uit onverwachte hoek. We ontvingen gratis 5 liter navulzeep, brood en broodpudding van Delhaize Wilsele-Putkapel. De firma Wijnen uit Turnhout regelde 50% korting op de aankoop van een professionele poetsmachine. Dat is zeer goed nieuws, want we rekenen deze maand op een vermindering van inkomsten van meer dan € 5000.

Dinsdag 24 maart

Een wit laken hangt aan de voordeur van de papa van Piet-Tom. Hij doet dit voor alle hulpverleners in heel de zorgsector. En om 20u gaat hij keihard applaudisseren, ook voor alle hulpverleners in heel de zorgsector maar toch héééél speciaal voor alle hulpverleners van Oostrem.

Er zal echter meer nodig zijn om het virus onder controle te krijgen. Vandaag blijkt dat het aantal overledenen terug steeg. Het is dus zeer belangrijk dat iedereen de maatregelen van de overheid strikt opvolgt, hoe hard en hoe hartverscheurend die ook zijn. Voor mij betekende dat dat ik gisteren alleen boodschappen ging doen, de verjaardagen van mijn jongste dochter en schoonzoon via een facetime groepsgesprek vierde en dat wij met de ganse familie via het beeldscherm het glas heften. Mijn kleinzoon van twee jaar snapt er allemaal niet veel van, maar ik zal later wel uitleggen dat wij in het belang van de ganse bevolking toen wat afstand moesten nemen.

Er liepen professionele tips binnen voor het omgaan met de psychologische effecten bij mensen met een verstandelijke beperking en/of autisme van de maatregelen tegen de verspreiding va het coronavirus. Het gaat om een wetenschappelijk onderzoek, vertaald uit het Italiaans, dat enig houvast kan bieden. Onze orthoagogen gaan er mee aan de slag. De situatie blijft in Oostrem nog steeds onder controle.

Woensdag 25 maart

Vandaag kregen wij een omslag met voorrangsbewijsjes voor zorgpersoneel dat, de klok rond, ondersteuning biedt aan de bewoners. Daarmee bekomen zij voorrang in voedingswinkels en apotheken, op Leuvens grondgebied. Op die manier kan een begeleider nog snel voor of na het werk een boodschap doen. Reken maar dat de stad onze medewerkers daarmee een hart onder de riem steekt!

Gisteren kwam het bericht binnen dat deskundigen in de ouderenzorg er voor pleiten, gesteund door artsen in de ouderengeneeskunde, om bewoners in rusthuizen, die sterk verzwakt zijn door het C-virus, niet langer naar de ziekenhuizen over te brengen. Zij kunnen beter waardig en omringd door vertrouwde gezichten in het centrum overlijden.
Dit bericht miste nuance en zou ook voor verwarring in Oostrem kunnen zorgen. Het is uiteraard niet aan de directie van een voorziening om zulke ingrijpende beslissingen te nemen. Wilsbekwame bewoners kunnen vooraf in een wilsverklaring aangeven welke zorgen zij toegediend willen krijgen en welke behandelingen achterwege mogen blijven. Zo kan een bewoner bijvoorbeeld aangeven dat hij niet meer gereanimeerd wil worden als hij een harstilstand krijgt. Voor wilsonbekwame personen is er een strikt wettelijk kader voorzien waarin de bewoner en de directe familie of een bewindvoerder, vooraf afspraken kunnen maken. Zij worden daarin bijgestaan door de huisarts of de instellingsarts. Er moeten dus steeds afspraken gemaakt zijn in het kader van vroegtijdige zorgplanning.

Donderdag 26 maart

Wij balanceren tussen vertwijfeling en hoop. Gisteren leek het alsof het virus terug in alle hevigheid toesloeg; in de vergelijking met de buurlanden doen wij het nog steeds beter. De piek is achter nog niet bereikt en alle curves gaan nog steeds de hoogte in. Deze vertwijfeling voelen wij ook bij onze collega’s. Telkens een begeleider, of iemand uit zijn omgeving, zich ziek meldt, groeit de ongerustheid: ‘Wat als die persoon besmet is?’ ‘Ben ik nu zelf ook aangetast en geef ik op mijn beurt het virus door?’. We moeten op dit ogenblik proberen te leven met deze ‘Wat als’ vragen. Tot op heden kregen wij nog geen enkele melding van een effectieve besmetting binnen. De bewoners handhaven zich en er zijn niet meer ziektemeldingen bij het personeel dan in gewone omstandigheden. Intussen bevragen wij alle het dagcentrumpersoneel, de jobcoaches en omkaderingspersoneel (sociale dienst, ortho-agogen, …) naar hun inzetbaarheid. Als het er echt op aankomt, zal nagenoeg iedereen in de basiszorg ingeschakeld worden. Op dit ogenblik wordt iedereen vanuit deze zienswijze opgeleid. Iedereen wordt volledig uit zijn comfortzone gehaald. De meeste collega’s zijn ortho-agogisch geschoold en zijn geen verpleegkundigen. We staan voor een onmetelijke opdracht. Daarnaast zijn we ook bezorgd voor al diegenen die tot ons zeer uitgebreide netwerk behoren. Vele mantelzorgers en vrijwilligers behoren immers tot de kwetsbare groepen. Hopelijk houden zij ook stand.

Vrijdag 27 maart

Vanaf volgende week schakelen wij een versnelling hoger. Tot nu toe hebben wij nog steeds geen bewoners en begeleiders die positief getest werden, maar we gaan ons daar wel naar gedragen. We willen er op voorbereid zijn dat bewoners ziek worden en personeel uitvalt. Dat betekent concreet dat wij al onze dagcentrumbegeleiders, jobcoaches, ortho-agogen, maatschappelijk werkers, … bevraagd hebben naar hun inzetbaar. Vanaf volgende week worden zij versneld opgeleid om ook ochtend-, avond- en weekenddiensten te kunnen draaien. Tot nu toe versterken zij de homewerkingen vooral overdag of nemen zij nog hun reguliere taken op.

Telkens opnieuw wordt er in de media gesproken over de situatie in de ziekenhuizen en de woonzorgcentra. Daar zou het personeel en de patiënten/bewoners bij voorrang moeten getest worden bij vermoeden van besmetting.
Telkens opnieuw hebben wij het gevoel dat wij onze vinger moeten opsteken om niet vergeten te worden. Dat geldt ook als het gaat over het verkrijgen van beschermingsmateriaal.

Nochtans verblijven nog steeds 55 van de 56 bewoners in Oostrem.
Slechts 9 bewoners zijn jonger dan 40 jaar; 8 zijn jonger dan 50 jaar; 35 bewoners zijn jonger dan 70 jaar en 4 bewoners zijn ouder dan 70 jaar. Een aantal jongere bewoners hebben ernstige degeneratieve aandoeningen en zijn zeer kwetsbaar. Bijna alle bewoners hebben meervoudige beperkingen. 35 bewoners zijn volledig wees.
Beste minister Beke, vernoem ook de huisvestings- en opvoedingsinstellingen als het gaat om zorgdragers voor een zeer precaire doelgroep en plaats ze mee op de agenda!

Zaterdag 28 maart

Deze ochtend eerst naar Terzake en De Afspraak gekeken. In De Afspraak ging het over de volmachtenregering en de vorming van een volwaardige regering. Zouden de partijen momenteel oefeningen aan het maken zijn over hoe onze samenleving, na Corona, vorm moet krijgen? Gaan we terug over tot de orde van de dag, met nog meer gekissebis, of dient er zich een ander maatschappijmodel aan, waarbij de beleidsmakers zich nu echt met de grote thema’s zullen bezighouden. Als deze crisis nog lang aanhoudt, en daar ziet het er toch naar uit, zal ik het niet kunnen laten om mij af en toe in het debat te mengen. Wees gerust, ik beperk mij tot de sector waar ik iets van ken.

10u00: nog geen telefoontjes binnengekregen; ik ga ervanuit dat alle diensten nog steeds verzekerd zijn. Ik fiets even naar het centrum van Leuven, naar een lokale fruit- en groentewinkel. De lokale middenstand verdient onze steun en er zijn zowaar Belgische tomaten. Leve het kleine geluk!

Zondag 29 maart

Vrijdag nam ik contact met Bieke Verlinden, schepen van welzijn Leuven. Eén van onze verpleegkundigen kon niet aan het werk omdat zij geen opvang vond voor haar zoontje, dat verplicht thuis moet blijven. Gisteren liet Murielle Mattelaer, beleidsadviseur opvang en opvoeding, weten dat zij een oplossing heeft. Er wordt voor twee à drie dagen per week thuisoppas geregeld zodat onze collega terug aan het werk kan. Bieke en Murielle, ongelooflijk bedankt!

En dat is nog niet alles. Maandag start Steven D, oud-collega en eveneens verpleegkundige, terug in Oostrem. Daarmee hebben we vanaf maandag ineens terug vier verpleegkundigen in Oostrem!

Maandag 30 maart

Dit weekend hoopten waarschijnlijk vele mensen dat zij de klok ineens drie maanden i.p.v. 1 uur konden vooruit draaien. Ik las deze uitspraak en vond ze wel toepasselijk.

Gisteren werden wij geïnterviewd door ROB TV. We benadrukten dat onze sector zelden tot nooit vernoemd wordt. Nochtans maken vele begeleiders zich zorgen. De meeste bewoners zijn, na meer dan twee weken huisarrest, nog steeds in goede gezondheid. Begeleiders hebben schrik dat zij zelf de bron van besmetting kunnen zijn. Zij begeven zich immers tussen werk en privé. Zij voeren ongewapend de strijd om de bewoners zo goed mogelijk te omringen. De overheid vergeet dat wij pedagogische settings en geen medische voorzieningen zijn. Oostrem heeft nog het geluk te beschikken over vier verpleegkundigen, twee dokters, thuisverpleegkundigen en paramedici die hun kennis doorgeven, maar heel wat andere organisaties draaien quasi volledig op opvoedend personeel. Blind varen, noemt men zo’n situatie.

Dinsdag 31 maart

De jaarlijkse Paasactie ligt eveneens aan het infuus. Wij bestelden 900 pakjes om die via allerlei kanalen te verkopen. Corona gooide ‘virus’roet in het eten, waardoor wij nu proberen om deze chocolade op een alternatieve manier aan te bieden. Je kan ons helpen door de aangepaste flyer, via facebook, zo veel mogelijk te delen. Wij hebben zelfs een vrijwilliger om deze chocolade aan huis te leveren.

Jullie kunnen ons nog op een andere manier helpen. Wij zoeken veiligheidsbrillen én toiletstoelen. Misschien dat er nog iemand een WC-stoel ongebruikt heeft staan. Het lijkt een eigenaardige vraag, maar we kregen er zo al eentje binnen. Er zitten soms nog verborgen schatten op zolder.

Intussen kregen wij 20 FFP2 mondmaskers aangeboden. Onze vrienden van de Lions Club doen eveneens inspanningen om gecertificeerde maskers aan te kopen. Van overheidswege blijft het momenteel erg stil. We worden via verschillende kanalen bevraagd naar onze noden, maar daar blijft het ook bij.

Woensdag 1 april

We kregen de vraag hoe het gesteld is met de draagkracht van de bewoners en personeel. De bewoners doen het nog steeds wonderwel. Er wordt vaak gesteld dat personen met een beperking nood hebben aan een duidelijk kader en vaste begeleiders waar zij kunnen op terug vallen. Dat is ook zo (geldt dat trouwens niet voor ons allemaal?), maar zij leerden doorheen hun vele levensjaren dat kaders zijn wat ze zijn en dat begeleiders geen eeuwige trouw kunnen beloven. In vergelijking met ons zijn de meeste bewoners super flexibel en is hun aanpassingsvermogen super groot. Hoe langer deze ongewone situatie aanhoudt, hoe groter de kans op frustratie en conflict. Dat geldt even goed voor ons allemaal, maar verschillende bewoners kennen een grotere kwetsbaarheid.

Wij hebben uiteraard oog voor de draagkracht van de begeleiders. Zij werken momenteel allemaal in bijzonder moeilijke omstandigheden en proberen werk en privé zo goed mogelijk af te stemmen. Er is de reële angst dat zij zelf besmetting kunnen binnen brengen. Wij proberen de vinger aan de pols te houden. Daarnaast organiseren wij psychologische bijstand. Begin deze week vroegen wij aan onze arbeidsgeneeskundige dienst wat zij kunnen betekenen. Zij kunnen hierin een rol opnemen. Daarnaast zijn er ook verschillende online platforms waar medewerkers terecht kunnen. Op www.dezorgsamen.be staan er tips om goed voor jezelf te zorgen, veerkracht bij te tanken en je collega’s te ondersteunen.

Donderdag 2 april

Ik zie door het bos de bomen niet meer. Vorige week liet ik via het officiële kanaal van het FAGG (Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten) weten welke materialen wij dringend nodig hebben. Dat zou intussen genoegzaam moeten gekend zijn, nl. mondmaskers (liefst FFP2), spatbrillen, wegwerpschorten. Mijn vraag werd genoteerd, maar bleef tot heden zonder gevolg.

Ik luidde de alarmbel bij de raadgever van minister Beke. Daarop ontving ik een Google Document, Bevraging en monitoring COVID-18, van het VAPH. Ik gaf nogmaals de tekorten door.

Vandaag kreeg ik een digitale app toegestuurd m.b.t. de verificatie van beschikbaarheid in de strijd tegen COVID19 (apps.digital.belgium.be).

Moet ik dat formulier ook nog invullen of staan de verschillende platforms met elkaar in verbinding? Ik weet het even niet meer. Kafka?

Vrijdag 3 april

Corona bepaalt vandaag ons hele ‘zijn’. We staan er mee op en we gaan er mee slapen. Iedereen wordt stilaan expert en iedereen ventileert zijn mening. Wij proberen ons daar van weg te houden en onverdroten die maatregelen te nemen die wij nodig achten. Hoe het post corona tijdperk er zal uitzien, zien we later wel. Wij moeten deze periode overleven en onze bewoners, én begeleiders, door deze crisis heen loodsen.

We krijgen intussen heel wat steunbetuigingen van ouders en sympathisanten, maar ook van het eigen personeel. Gisteren liet een medewerkster weten dat iedereen voor elkaar op komt. Er is heel veel waardering van de begeleiders, die er elke dag staan, voor de logistieke medewerkers, de verzorgenden van Ferm, de kinesisten. Er is het fantastische medische team dat op één week tijd van twee naar vier verpleegkundigen uitgroeide. Er zijn de orthoagogen die de werkingen met raad en daad bijstaan. Er zijn de diensthoofden en de zorgdirecteur die vertrouwen en rust uitstralen. Er zijn de dokters die 24 uur op 24 uur, 7 dagen op 7, beschikbaar zijn. Er zin de stille werkers aan het onthaal, de administratie, de personeelsdienst die er mee voor zorgen dat de voorziening op de rails blijft. Ook ik deelde in haar complimenten, want bomen mooi laten groeien in harmonie, daar heb je een architect voor nodig. Als opsteker en als slaapmutsje konden die zeer mooie woorden wel tellen.

Zaterdag 4 april

Bieke Verlinden, zeer betrokken schepen van welzijn Leuven, en ik schreven een opiniestuk dat aangeboden werd aan De Standaard, Knack en Sociaal.Net. De hoofdredacteur van Sociaal.Net liet prompt weten dat dit stuk volgende week geplaatst wordt. Veerle Beel, De Standaard, nam contact op voor een interview.

Ik plaats dit stuk, opgedeeld, in mijn bijdrage van zaterdag 4 april en zondag 5 april.

Corona in de leefgroep: opvoeders zijn geen verpleegkundigen

Heel wat kinderen en volwassenen met een beperking verblijven ook nu, tijdens de coronacrisis, in een opvoedingsvoorziening of ‘leefgroep’. Met vaak meervoudige handicaps zijn zij een grote risicogroep voor het coronavirus. Maar hun opvoedingsvoorzieningen hebben, in volle coronacrisis, vaak geen enkele medische ondersteuning. De opvoeders worden vergeten in de maatregelen.

Vandaag heeft het Covid-19-spook de zorgvoorziening Oostrem overgenomen. In de verschillende nursing homes worden nog steeds 55 van de 56 bewoners opgevangen, stuk voor stuk mensen met meerdere handicaps. Dat is niet zo vreemd als je weet dat 35 van hen geen ouders meer hebben. De meesten hebben immers al een gezegende leeftijd - anders raak je sowieso niet van de wachtlijst.

In ijltempo evolueerde de pedagogische setting van Oostrem dus naar een medische entiteit. Begeleiders, meestal opvoeders, kregen plots het label verpleegkundige of verzorgende opgeplakt. Iedereen, ongeacht diploma, werd ingeschakeld in de basiszorg. En elke dag is een zoektocht naar mondmaskers, spatbrillen, wegwerpschorten, zuurstof, ontsmettingsproducten. En dan heeft Oostrem nog geluk. Gezien de extreem zware doelgroep zijn er enkele verpleegkundigen in dienst, en twee huisartsen die 7 dagen op 7 beschikbaar zijn op afroep. Heel wat andere voorzieningen, met een ogenschijnlijk ‘lichtere’ doelgroep, missen in deze crisis elke medische omkadering.

De woonhuizen, waar de mensen met een beperking verblijven, veranderden in kleine gesloten leefgemeenschappen met vaste begeleiders. Contaminatie wordt zo veel mogelijk uitgesloten, ieder in de eigen bubbel. Bezoek, vrijwilligers, stagiairs die nog moesten starten: ze worden allemaal geweerd. Menselijk contact wordt Facetime-contact. Het bange afwachten begint: op een allereerste besmetting, op het einde van de tunnel, op een normaler leven.

Oostrem probeert heel deze crisissituatie in goede banen te leiden. Richtlijnen worden gedistilleerd uit de vele omzendbrieven en in mensentaal omgezet. Filmpjes worden gemaakt om de begeleiders te leren hoe zij met een mondmasker moeten omgaan (dankzij de vele vrijwilligers die volleerde naai(st)ers blijken te zijn). Bevriende organisaties staan elkaar met raad en daad bij en wisselen tips uit. Personeel wordt over de voorzieningen heen ingezet. Directieoverleg is crisisoverleg geworden.

Drie verschillende vragenlijsten van drie verschillende overheidsinstanties vulde Oostrem al in om zijn nood aan materiaal kenbaar te maken. Eén levering van 900 mondmaskers arriveerde, sindsdien is het stil. De voorraad slinkt en er komen geen nieuwe leveringen meer. De begeleiders zijn terecht bang dat zij zelf drager zijn en op hun beurt bewoners kunnen besmetten. We moeten de bevoegde overheden bijna stalken met onze éne vraag: vergeet alsjeblief de opvoedingssector niet? Offer onze bewoners niet op?

Zondag 5 april (vervolg opiniestuk)

Helden van de zorg?

De opvoedingssector trok al meermaals aan de alarmbel – zonder resultaat. Na heel wat onbeantwoorde mails, kreeg minister Wouter Beke de vraag in het parlement voorgeschoteld door een parlementslid van Groen. Het voorstel van de minister om voor personen die medische verzorging nodig hebben, contact te zoeken met een dienst voor thuisverpleging en aan hen en de behandelende arts instructies te vragen, helpt ons echter weinig verder.

Alle gezondheidsmedewerkers, van zorgkundige tot arts, zijn immers al overbelast. Het is echt geen optie om het personeel van deze leefgroepen te vervangen door of aan te vullen met medische profielen. Die staan immers al broodnodig aan het bed van patiënten die momenteel voor hun leven vechten, bieden zorg aan huis bij zware hulpbehoevenden of staan met hun afdeling in quarantaine.

De opvoedingsvoorzieningen zijn dus niets met het antwoord van de minister. Ondertussen moeten ze dag in dag uit zorgen voor kinderen, jongeren en volwassenen met vaak zware beperkingen. Zij zijn extra kwetsbaar voor het coronavirus. En de opvoeders kunnen hen niet beschermen zoals zou moeten.

Wij vragen dan ook duidelijke richtlijnen voor personeel zonder medische scholing dat nu werkt met risicogroepen. Momenteel wordt er heel erg geïmproviseerd maar dit kan niet blijven duren. Er is klaarheid nodig. Daarom een warme oproep aan de overheid: neem personen met een beperking mee in rekening, en offer hun begeleiders niet op. Test, net zoals voor het personeel van woonzorgcentra, systematisch ook de opvoeders wanneer zij symptomen vertonen. Bescherm de opvoeders, zodat zij op hun beurt de kinderen, jongeren en volwassenen met een beperking waar zij iedere dag voor zorgen, kunnen beschermen.

Begeleiders en bewoners tonen zich van hun best kant. Iedereen springt voor elkaar in de bres. Zorgverleners worden uitgeroepen tot helden - maar voor hoe lang?

We will be heroes, just for one day (David Bowie)

Maandag 6 april

Vandaag verschenen er in De Standaard meerdere artikels over de situatie van personen met een handicap (PmH). Daaruit blijkt dat de federale en regionale overheden strikt de aanbevelingen volgen van de Risk Management Group in verband met de verdeling van beschermingsmateriaal en de uitrol van een verhoogde testcapaciteit. INSTELLINGEN VOOR PMH STAAN NIET OP DE LIJST MET PRIORITEITEN. Als het gaat over de triage van personen die opgenomen worden in het ziekenhuis en de keuze die er zal gemaakt worden (behandelen of niet behandelen), vrezen PmH (en hun netwerk) dat zij een vergeten groep zullen zijn. Minister De Block zegt begrip te hebben voor deze bekommernissen, maar verwijst door naar de artsen en de ethische commissie die een gelijke behandeling van patiënten moet verzekeren. Als PmH in heel deze coronacrisis over het hoofd gezien werden, dan boezemt zulke boodschap weinig vertrouwen in.

Ik kan het niet voldoende benadrukken. Wij willen empathie ervaren bij de ministers die door ons aangesteld werden en die er moeten voor zorgen dat zij de belangen behartigen van ALLE burgers!

Dinsdag 7 april

Vandaag werk ik van thuis uit. Dat belet niet om mij deze ochtend te laten informeren over het aantal zieken bij de bewoners en de begeleiders. Dat valt nog altijd ongelooflijk goed mee.

Gisterenochtend zaten wij met de directie samen om ons voor te bereiden op het moment dat de maatregelen kunnen versoepeld worden. Prioritair is het herstel van het familiecontact met de bewoners. Ik merk zelf hoe hard dit nodig is. Mijn vader verblijft ongeveer twee maanden in een woonzorgcentrum, waarvan drie volle weken in kamerisolatie. Elke keer opnieuw proberen wij telefonisch uit te leggen hoe dat komt, maar elke keer is hij het terug kwijt.

Mijn kleinzoon vertoont duidelijke symptomen van verlatingsangst. Hij mist de vriendjes van het kinderdagverblijf Toverhuis, de wekelijkse oppas van zijn mamy, de bezoekjes van opapark, zijn meter, tante en alle anderen. Hij is echt het Noorden kwijt. Hartverscheurend, maar wat moet dat niet zijn voor al die ouders, broers en zussen die hun familielid in Oostrem zo hard moeten missen.

We bekijken ook al op welke manier de dagcentrumbezoekers met mondjesmaat terug naar het dagcentrum kunnen komen. Datzelfde geldt voor de vele begeleidwerkers die zo graag terug hun werk willen hervatten.

Bij alle maatregelen die wij nemen, vertrekken wij van het voorzichtigheidsprincipe en de richtlijnen van de overheid. De eerste tekenen van een stabilisatie en het inperken van de impact van het virus kondigen zich aan, maar de gevolgen zullen nog verschillende maanden doorwerken.

Zolang de draad van het gewone leven maar terug, stapje per stapje, kan opgenomen worden!

Woensdag 8 april

Geloof het of geloof het niet, maar het is echt waar. Naar aanleiding van het opiniestuk dat Bieke Verlinden en ik plaatsten als opinie in Knack, werd Bieke hoogstpersoonlijk gebeld door … Koning Filip. Hij drukte zijn oprechte bezorgdheid uit naar al onze bewoners en medewerkers, én hun familie. Nadien kreeg zij de Secretaris-Generaal van het paleis aan de telefoon voor meer verduidelijking. Zij besprak uitvoerig de situatie in de Woonzorgcentra, maar ook in de residentiële settings voor personen met een beperking. Zij liet niet na om de interviews, die in De Standaard verschenen, naar het paleis door te mailen.

Ikzelf werd gecontacteerd door dhr. Kurt Asselman, raadgever van minister Beke. Hij nodigde mij uit om vandaag deel te nemen aan een videoconferentie met minister Beke, maar die werd uitgesteld omdat een interministeriële bespreking voorrang had. Er is mij beloofd dat uitstel geen afstel betekent. Ik heb dan maar al mijn vragen doorgemaild, want het is tijd voor concrete antwoorden.

Hebben jullie het filmpje gezien dat gisteren van de leefgroep Bijlok op facebook verscheen? Hilarisch gewoon! Wat ben ik fier op de begeleiders en de bewoners van Oostrem! Daar zijn geen woorden voor. Humor kan de wereld redden!

Donderdag 9 april

Bij mij thuis wordt er vaak gediscussieerd. Dat is altijd zo geweest. De kans bestaat dat mijn (vroegere = dochters) huisgenoten zullen zeggen dat ik nu ook niet moet overdrijven, waarop een volgende discussie ontstaat. Gewoon een mening verkondigen en automatisch op bijval rekenen, zit er ten huize Vanhaeren niet in. Er worden altijd wel argumenten aangedragen om te nuanceren, te weerleggen, of van een embryonaal meningske een volwassen mening te maken. Zulke discussies kunnen bij buitenstaanders misschien op geruzie lijken, maar huiselijk geweld komt er tot op de dag van vandaag nog niet aan te pas. Vaak werd er overeenstemming bereikt, soms droop een partij (vaak ik, gezien drie vrouwen in huis) verongelijkt af, mompelend (ik) ‘Je krijgt gelijk’. Na een nachtje slapen werd dat vaak ‘Je hebt (misschien toch een beetje) gelijk’.

De laatste weken ging het vaak over bestuurders die geen bestuurders (willen) zijn, boekhouders die geen boekhouders willen zijn, bubbels die lek zijn als je nooit van verzamelingenleer gehoord hebt, social distancing die bij het eerste zonnestraaltje een andere invulling krijgt, een partij die misschien veel te lang ‘Welzijn’ als bevoegdheid had, zin en onzin van de waardebons voor tweedeverblijvers, …

Misschien mag je dit lezen als een oproep om wat vaker in discussie te gaan. De gezondheidszorg en de zorgsector kunnen er maar wel bij varen. Snap je? Ben je akkoord? Wat heeft dat er nu mee te maken?

Misschien een startertje: ‘Heb je begrepen wat minister Beke gisteren in het Vlaams Parlement bedoelde met het verschil is tussen welzijn en volksgezondheid?’ Kan het één niet samengaan met het andere? Is er effectief sprake van een spagaat?

Vrijdag 10 april

Gisteren nam ik deel aan een videoconferentie met minister Beke. Hij legde kort zijn tienpuntenprogramma uit, luisterde aandachtig naar de vragen van de 10 uitgenodigden, gaf kort antwoord want hij moest vroegtijdig de conferentie verlaten. Gelukkig nam Kurt Asselman, raadgever gehandicaptenzorg, over en ontstond er een gesprek. Er was zeker grote luisterbereidheid en aandacht voor de eigenheid van voorzieningen voor personen met een beperking.

Belangrijk is dat alle maatregelen die uitgerold worden voor de woonzorgcentra ook voor onze sector gelden. Wij worden eindelijk op dezelfde hoogte geplaatst. Voor de rest zal het pas later duidelijk worden in welke mate onze bezorgdheden opgepikt werden.

Voor het eerst ontvingen wij ook cijfers over de gehandicaptensector:

13 residenten zijn overleden
280 personen hebben een ernstig vermoeden van Covid-19
53 voorzieningen huisvesten personen met (een vermoeden van) COVID-19
> 90 residenten werden opgenomen in het ziekenhuis.

Dat zijn pijnlijke cijfers en achter al die cijfers zitten personen in rouw, familieleden en begeleiders die zich ongelooflijk ongerust maken. We houden ons hart vast voor de volgende weken.

Oostrem liet gisteren een bewoner opnemen in het ziekenhuis. De dokters achten de kans zeer klein dat het om een besmetting gaat, maar we nemen het zekere voor het onzekere.

Doe het tijdens dit Paasweekend rustig aan en vermijd alle overbodige contacten. Alleen zo raken wij dit virus kwijt.

Zaterdag 11 april

‘Mannen maken plannen, politici lappen die aan hun laars, vrouwen zijn plantrekkers’. Dat kan je lezen in een artikel van Ewald Pironet, senior writer van Knack.

Ik beken. Ik ben een echte Knack-lezer, al meer dan 40 jaar. Elke week kijk ik reikhalzend uit naar het volgende nummer. Ik ken verschillende lezers die afhaakten omdat zij er te weinig hun eigen mening in terug vonden, maar dat vind ik net zo sterk. Met mijn eigen mening sta ik elke ochtend op en ga ik slapen. Geef mij maar opinies en visies waar ik mijn eigen mening moet tegenover zetten en bijstellen. De hoofdredacteur Bert Bultinck kan trouwens in mijn ogen niet veel verkeerd doen. Hij is de enige journalist die er in lukt om op een A-4 tje een correcte analyse te maken van de ‘Vermaatschappelijking van Zorg’.

‘Mannen maken plannen, politici lappen ze aan hun laars, vrouwen zijn plantrekkers’. Het artikel gaat over de strategische reserve aan mondmaskers die enkele jaren vernietigd werden en die om budgettaire redenen niet terug aangevuld werd. Besparingen gebeuren vaak op zaken die weinig weerstand oproepen bij de bevolking; zolang de stenen maar niet van bruggen beginnen te vallen, er niet te veel fietsers sterven in het verkeer door een gebrek aan fietspaden en er geen pandemie uitbreekt.

Door Covid-19 zitten zorg- en verpleegkundigen, opvoeders én logistieke medewerkers nu met een gebrek aan beschermend materiaal. Vandaag zijn het tienduizenden vrouwen, en ook een aantal allochtone kleermakers (in landen zoals Irak, Afghanistan zijn kleermakers meestal mannen), die hun naaimachine hebben bovengehaald om zelf mondmaskers te stikken. Zo ver zijn we gekomen.

De rekening voor het falend beleid zal op een dag moeten gepresenteerd worden. In afwachting blijven we blij met elk mondmasker dat binnengebracht wordt,
met een actie van Telenet om aan elk woonhuis een gratis smartphone te geven om de contacten met de families vlotter te laten verlopen,
met elke gift, zowel privé als die van de jongeren van Rotaract, … om verpleegschorten aan te kopen, …

Gisteren kwam er dan ook nog het aanbod van het Universitair Ziekenhuis Leuven om hun medewerkers, gespecialiseerd in ziekenhuishygiëne, naar Oostrem te laten komen. Zij kunnen ons helpen met instructies rond het juiste gebruik van materialen. We krijgen ook de goede adressen waar wij kwaliteitsvolle beschermmaterialen kunnen aankopen. Er wordt capaciteit in het ziekenhuis voorzien als er toch een uitbraak van corona zou komen.

Dat zijn toch allemaal Paasgeschenken.

Luister morgen zeker ook naar Radio Lockdown, een initiatief van Curieus. Wil je iemand bij Oostrem een hart onder de riem steken. Vraag dan zeker een plaatje aan.

Zondag 12 april 2020

Ik heb het voor alle zekerheid toch maar op voorhand nagekeken. De achtergrond van Heilige Feestdagen zijn niet direct mijn vakgebied, maar ik had gelijk. Pasen is de belangrijkste feestdag van alle christelijke feesten. Het is het feest van de verrijzenis, van de opstanding.

Sommige lezers fronsen nu al de wenkbrauwen en vragen zich af: ‘Wat krijgt hij nu?’

Ik wil dit vandaag aanbrengen als metafoor voor het achterlaten van het oude en het verwelkomen van het nieuwe.

Het coronavirus maakt pijnlijk en dodelijk duidelijk dat er in het verleden, tot vandaag toe, erg veel fout liep. Ondanks waarschuwingen van experten werden pandemieën lacherig weggezet als onzin. De strategische reserve aan mondmaskers werd in 2018 vernietigd zonder veel erg. De globalisering ging de wereld alleen maar benefits opleveren en de armoede drastisch doen verminderen. De klimaatopwarming werd weggezet als een complotverhaal van vervelende wetenschappers.
Wat experten ook mochten beweren, de politici hadden altijd gelijk. ‘En maatregelen kunnen natuurlijk maar genomen worden als er een draagvlak is bij de bevolking’. En daar staan al die politici nu met hun grote gelijk, met de billen bloot.

Niet dus! Heel wat politici hebben boter op het hoofd. Een hele generatie politici heeft afgedaan en er is nood aan een nieuwe politieke cultuur en een nieuwe visie op onze samenleving. En dan spreek ik niet over het petieterige Vlaanderen alleen. Ook wij zullen ons anders moeten gedragen (als zelfs een beetje afstand houden in een warenhuis of aan een ijskraam al niet kan) en andere prioriteiten stellen.

Misschien dat deze feestdag tot wat nieuwe inzichten leidt en het begin wordt van een betere wereld.

Dan pas kan het vandaag toch nog een beetje een fijne Pasen worden.

Maandag 13 april

Oef! Vandaag is het eindelijk wat minder goed weer. De temperatuur daalt met 10° C en er waait een schrale wind. Misschien houdt dat wat meer mensen tijdens dit Paasweekend binnen.

Laat ons eerlijk zijn. De Belg kan het niet, in zijn kot blijven en zijn gedrag zodanig aanpassen dat dit virus zo snel mogelijk kan bedwongen worden. En dan binnenkort allemaal mekkeren dat de grote uittocht tijdens de vakantiemaanden niet kan plaats vinden.

Je hebt het goed. Ik ben inderdaad boos. Als ik deze ochtend de beelden van het nieuws herbekijk en ik zie hoe ‘burgers’ samentroepen op de Scheldekaaien in Antwerpen, ‘burgers’ een partijtje voetbal spelen, ‘burgers’ een feestje organiseren in Aalter, ‘burgers’ winkelstraten laten vollopen in Hasselt..., dan keert mijn maag. Het zit blijkbaar in onze volksaard (waar we op de koop toe nog fier op zijn) dat wij ons alleen maar kunnen gedragen als er repressief opgetreden wordt. Ik pleit er dan ook voor om de maatregelen te verstrengen.

Ik wil namelijk dat de bewoners zo snel mogelijk terug in contact kunnen komen met hun naaste familie en dat kan maar door de maatregelen rigoureus op te volgen. Iedereen die gisteren naar Radio Lockdown luisterde en het gemis en de liefde door de boxen hoorde schallen, zal het met mij eens zijn. Het programma greep mij echt naar de keel; zoveel liefdebetuigingen op twee uur tijd, zo’n verlangen naar een gewoon leven zonder meer, naar het licht aan het einde van de tunnel, naar het kleine geluk kortom. Het gaat over ouders die hun kinderen willen terug zien, over kinderen die hun ouders (met een beperking) willen omhelzen, bewoners die terug in contact willen komen met de dagcentrumgebruikers, over vrienden die een uitgesteld verjaardagsfeestje willen organiseren.

Om dat te realiseren, mag het best wat strenger.

En als men vindt dat de mening van de directeur van Oostrem er niet toe doet, luister dan minstens naar specialisten zoals Van Ranst, Van Damme, Goossens, Meifroidt, Vlieghe, Van Gucht, Spileers (spoedarts AZ Diest en broer van Veerle, bewoner Be-Home), …

Godverdomme!

Dinsdag 14 april

Ik werd deze ochtend gewekt met het radiobericht dat de scholen naar alle waarschijnlijkheid nog tot de maand mei gesloten blijven. Dat maakt dat het afstandsonderwijs een versnelling hoger moet schakelen. De Vlaamse regering slaagde er in om al 11 000 laptops in te zamelen voor minder begoede leerlingen van het middelbaar onderwijs. Leerlingen van het lager onderwijs en het volwassenonderwijs vallen uit de boot. Gelukkig is er een samenwerking tussen Lalynn Wadera, schepen van onderwijs Leuven, en SOM (Leuvens Netwerk van Onderwijsondersteuners). Er werden reeds 400 laptops ingezameld, maar de vraag is groter.

Terwijl ik luisterde, maakte ik de bedenking dat ik op dit ogenblik een bestuursniveau mis. Vroeger zou de Provincie een rol opgenomen hebben bij de coördinatie van dergelijke acties. Door het wegvallen van de persoonsgebonden bevoegdheden van de provincie en de overheveling naar het lokale niveau is er een vacuüm ontstaan. Wij hebben het geluk dat de stad Leuven initiatief ontwikkelt, maar geldt dat voor alle andere gemeenten? Zijn zij in staat om zich even snel te organiseren in deze tijden van Corona? Werden de andere gemeenten, zoals Herent, Bertem, Lubbeek, Oud-Heverlee,… eveneens bevraagd terwijl de meeste jongeren school lopen in Leuven?

Het is maar een bedenking, maar heeft men de bestuurlijke bevoegdheden van de Provincie niet te snel afgebouwd zonder dat opvolging verzekerd werd? Moeten andere overheden zich niet eerst ten volle kunnen organiseren vooraleer men bevoegdheden op een ander niveau afschaft?

Is dat nu niet net hetzelfde waar wij in de gehandicaptenzorg, de woonzorgcentra en andere sectoren tegen aan lopen? Er is tot op heden geen sprake van een goede coördinatie op niveau van het arrondissement Leuven. Iedereen gaat zelf op zoek naar kennis, materiaal en ondersteuning.

Heb ik even pech dat de twee bevoegdheden van de Provincie, Welzijn (professioneel) en Cultuur (privé), net afgebouwd werden op het ogenblik dat ik hun hulp best kon gebruiken.

Wees gerust. Ik ga mij zeker niet mengen in het onderwijsdebat, maar… als jullie nog een oude laptop hebben liggen, … inzamelpunt ICT-HUB, Basisschool De Ark, Martelarenlaan 313, Kessel-Lo, 9u00 – 17u00.

Dat zal zeker gezien worden als een essentiële verplaatsing.

Woensdag 15 april

Gisterennacht kreeg ik de volgende getuigenis van één van onze begeleiders binnen, persoonlijk aan mij gericht. Ik wil er toch de essentie van weergeven, zonder namen te vermelden:

De laatste weken breekt mijn hart meermaals…

wanneer bewoner A vraagt ‘Mag ik nooit meer naar mama?’ ‘Jawel, je mag zeker nog naar mama.’ ‘Wanneer dan?’ ‘Het duurt zolang.’ En daar ga ik dan weer met mijn verhalen over de bazen van dit land die beslissen wanneer, of wanneer iedereen genezen is. Ik zie zo voor mijn ogen dat hij het niet begrijpt en triester wordt. Ik geniet alleen wanneer ik hem nog eens ‘echt’ zie lachen.

wanneer bewoner B steeds weer met zijn vinger de foto van zijn mama en papa aantikt en mij dan vragend aankijkt.

Wekenlang kunnen wij niet meer zeggen: ‘ja, vrijdag’ of ‘dit weekend komen zij zeker op bezoek’.

Je mag je werk niet mee naar huis nemen, maar in deze situatie lukt dat absoluut niet, ik lig wakker van hun verdriet en verlangen om hun ouders of andere geliefden terug te zien.

Ik wou je gewoon even zeggen waar ik mee zit… en eveneens dat onze bewoners de helden zijn van deze crisis, want zij doen het zo super en verdienen de aandacht van heel de wereld!!!

En daar sta ik dan, kapitein van een stuurloos schip, machteloos toekijkend hoe onze gidsen er niet in slagen om mijn schip veilig de haven binnen te loodsen.

En dan stel ik mij de vraag wanneer ik mijn schip maar beter terug in handen neem.

Deze namiddag komt de Veiligheidsraad van ons land bijeen om nieuwe maatregelen voor te stellen.

Ik beslis op dit eigenste moment dat ik deze beslissingen niet ga afwachten. Voor mij gaat het er niet om dat sommige handelszaken misschien terug open kunnen (zodat wij groenten en struikjes kunnen kopen om ons in onze tuin bezig te houden), de scholen de boodschap zullen krijgen dat zij zeker al tot 3 mei zullen gesloten blijven, dat de festivals deze zomermaanden niet zullen doorgaan of dat wij allen vakantie moeten nemen in eigen land.

Mijn verantwoordelijkheid is dat er terug een schittering komt in de blik van onze bewoners. Ik neem nu de beslissing dat wij bezoek vanaf 4 mei, met respect voor alle veiligheidsmaatregelen, zullen toestaan. Dat zal heel wat organisatietalent vragen, maar dat lukt ons wel.

Tegelijkertijd bekijk ik ook op welke manier dagcentrumbezoekers, met mondjesmaat, en met alle regels van social distancing, terug een aantal activiteiten kunnen hernemen.

Als de overheden er dan nog steeds niet in slagen om al onze gebruikers en begeleiders te testen, dan zullen wij op onze eigen intuïtie afgaan. Als er dan nog steeds geen beschermend materiaal kan aangeleverd worden, dan doen we het verder met onze handgemaakte maskertjes. In plaats van naar de overheid te kijken, zal ik beslissingen nemen in overleg met mijn directe medewerkers, bewoners en familieleden.

Zelfs frontsoldaten kregen het vooruitzicht dat zij af en toe achter de frontlinies konden verpozen.

A la guerre comme à la guerre!

Donderdag 16 april

Tijdens de persconferentie van de Nationale Veiligheidsraad voelde ik een lichte euforie. Bewoners mogen in bepaalde gevallen terug bezoek krijgen. Datzelfde recht wordt uitgebreid naar personen die alleen wonen met gevaar van sociaal isolement. De voorwaarde dat er slechts 1 vaste persoon, telkens dezelfde, op bezoek mag, is verdedigbaar. De veiligheid moet maximaal gewaarborgd worden.

Alleen spijtig dat de communicatie niet wat genuanceerd werd. Er zou heel wat discussie en gekrakeel vermeden zijn indien er gesproken werd van ‘onder voorbehoud’ en ‘na duidelijke instructies’.

Nu gaf men het beeld dat iedereen vanaf vandaag aan de voorziening kan aankloppen. Het is dan ook logisch dat de woonzorgcentra steigeren omdat zij nog volop werk maken van Covid-19 afdelingen en cohorte-afdelingen, alle zeilen bijzetten om aan beschermingsmateriaal te geraken, samenwerking met de ziekenhuizen op te zetten, gebruik maken van de medische reserve of defensie, …
Vaak laat de infrastructuur niet toe om bezoekers op een veilige manier toegang te verlenen.

De situatie van Oostrem is anders. Wij hebben vijf kleine woonentiteiten en er werden nog geen besmettingen vastgesteld. Wij kunnen nu, per werking, voorstellen uitwerken om dit bezoek te organiseren. We gaan dit met alle partijen goed voorbereiden en wij gaan van start vanaf maandag 4 mei. Vanaf dan zullen er, dag per dag, enkele bezoekers toegelaten worden na screening, strikte handhygiëne én met een mondmasker. Elke bewoner en elke situatie zal apart bekeken worden.

Gedurende de volgende twee weken kunnen enkel zwaaimomenten, maar het perspectief op echt bezoek is er nu.

Ook voor de dagcentrumgebruikers werken wij aan exit-scenario’s, maar die kunnen ook pas ten vroegste ingang vinden vanaf 4 mei.

Ik geef ook nog even mee dat Lions Club Leuven en Kortenberg gisteren een Godsgeschenk kwamen afgeven in de vorm van 50 chirurgische en 135 FFP-2 mondmaskers. Het zijn de eerste FFP-2 maskers die wij binnenkregen.

Vrijdag 17 april

Na de pantomime van de afgelopen dagen (bezoek ja – bezoek nee) ontbreekt mij even de kracht om een sterk verhaaltje te schrijven. Vandaar dat ik mij beperk tot een stukje uit een interview met Carl Devos, Knack. Hij laat noteren:

Terwijl wij nood hebben aan duidelijke communicatie geeft zowel de federale als de Vlaamse regering een bijzonder chaotische indruk. De onduidelijkheid over de woonzorgcentra en de massa-evenementen, de complete stilte over de eventuele heropstart van de verschillende economische sectoren, de aanslepende kwestie van de mondmaskers … ik begrijp dat het in deze tijden niet evident is om alles onder controle te krijgen, zeker nu de maatschappelijke druk toeneemt om maatregelen te versoepelen. Maar de manier waarop er wordt gecommuniceerd is beneden alle peil en schaadt het vertrouwen in de politiek.

Koen Geens (CD&V) juicht de maatregel over de woonzorgcentra toe, partijgenoot en minister Beke houdt die vervolgens tegen. Minister-president Jan Jambon (N-VA) keurt de beslissing mee goed, terwijl Zuhal Demir (N-VA) verbolgen reageert.

Er is te weinig overleg tussen de regeringspartijen, te weinig tussen de verschillende niveaus. Het lijkt alsof iedereen vastzit in de bubbel van de eigen taskforce. Dan hoeft het niet te verbazen dat het vroeg of laat misgaat.

En dat is dus nu in alle scherpte gebeurd rond het bezoek. Wij blijven ons voorbereiden op een bezoekregeling vanaf maandag 4 mei. Wij zullen onze regelingen voorleggen aan de bevoegde overheidsinstanties en zullen aantonen dat een werkbare regeling mogelijk is. Intussen kunnen onze overheden alsnog proberen om orde op zaken te stellen. Het is ronduit een beschamend spektakel. Als het een theatervoorstelling was, dan verliet ik vroegtijdig de voorstelling of vroeg ik mijn geld terug.

Zaterdag 18 april

Vandaag belooft een topdag te worden. De tuincentra en de doe-het-zelvers openen terug hun deuren. Iedereen kan naar hartenlust al die vervelende klusjes aanpakken of zichzelf wijs maken dat hij groene vingers heeft. Ik wacht nog even af tot de Ijsheiligen (15 mei) gepasseerd zijn. Daaraan herkent men de echte hoveniers met verstand van zaken J.

Intussen blijf ik in mijn kot, onder vrijwillig huisarrest. Het lijkt alsof wij ons alleen nog maar mogen verplaatsen met een enkelband. Een kleine overtreding of een niet-essentiële verplaatsing kan ons duur te staan komen. Met wat verbeelding kunnen wij ons voorstellen hoe het leven in een gevangenis er moet uit zien. Niet dus!

Eén van onze bestuurders reed de afgelopen dagen rond om de laatste paaschocolade aan huis te bestellen. Niets vermoedend reed hij naar de Geldenaaksevest 64,Leuven, meer bepaald naar Leuven Centraal; de gevangenis voor mannelijke correctioneel veroordeelden met een lange straf.

M. had 9 pakjes besteld. Vermoedelijk wou hij een aantal pakjes voor zichzelf houden en de andere pakjes uitdelen aan mede-gevangenen of aan cipiers. Deze laatsten behoren immers ook tot de helden van de zorg. Een gevangenis is even goed een collectieve residentiële voorziening, net zoals gehandicaptenvoorzieningen en woonzorgcentra. Misschien zijn daar besmettingen aanwezig en riskeren de cipiers hun gezondheid. Misschien vallen daar overlijdens te ‘betreuren’. In de statistieken komen gevangenen alvast nog niet voor.

De chocolade werd aan de ingang geweigerd. Gevangenen mogen geen snoepgoed ontvangen. Wij hebben dan maar de € 60 terug gestort, maar ik wou er toch het fijne van weten.

Na een telefoontje blijkt dat gevangenen NOOIT geschenkjes of bestellingen mogen ontvangen, noch van buitenstaanders noch van familieleden of vrienden. Zelfs een boek toesturen, mag niet. NOOIT. Ik krijg vandaag een boek toe van Standaard boekhandel. Ik leg het uit solidariteit van M. even aan de kant.

Volgende week stuur ik M. een bedankkaartje, met mijn excuses. Ik vraag dan ook even hoe het met hem gaat. Naar mijn weten worden kaartjes nog wel bezorgd. Ik doe het kaartje alleszins virusvrij op de post.

Zondag 19 april

Deze ochtend ben ik even naar www.depanne.be gesurft (heb je hem?) om te kijken of ik al, voor dag en dauw, een toeristenpasje kan aanvragen; net zoals bij de festivals – eerst is eerst. Eerlijk is eerlijk.

Ik heb namelijk, via een collega, begin augustus een kort verblijf bij een tweedeverblijver geboekt. Niet verstandig natuurlijk, want de kans is groot dat ik daar op een ogenblik ben dat iedereen daar ook wil zijn. De zonnegoden zijn mij namelijk vaak goed gezind als ik kustwaarts trek.

Ik wou toch al even kijken of er al een timeslot ingesteld werd en ik op voorhand moet aangeven wanneer ik het strand wens te betreden.

Maar er viel nog geen informatie te rapen. Dan maar even het interview met Bart Tommelein herbeluisterd.. Elke kustburgemeester is baas op eigen strand en zal een lokaal actieplan voor zijn gemeente uitwerken. Dat kan dan wel uitmonden in een globaal kustplan, maar de gemeenten en de stranden vallen moeilijk te vergelijken. De ene gemeente heeft vooral tweedeverblijvers; een andere vooral hotels en het ene strand wordt meer bevolkt dan het andere. Om over de toeloop van de frigoboxtoeristen nog maar te zwijgen. Die kiezen steevast voor de plekken die gemakkelijk met de trein bereikbaar zijn.

Ik biedt graag een helpende hand. Dat heb je nu eenmaal met maatschappelijk werkers.

Vandaar dat ik toch al een aantal principes voorop stel:

  • een verschillend tarief voor sta- zit- en ligplaatsen. Staplaatsen zijn natuurlijk het goedkoopst (ik ben een wandelaar) als je belooft van te blijven bewegen
  • een verschillend tarief bij hoog- en laagwaterstanden: hoe breder het strand, hoe goedkoper uiteraard
  • een extra toeslag voor leden van de Gezinsbond, het vroegere Bond van ‘Grote’ gezinnen
  • een extra korting voor 10u00 en na 20u00

Dagjestoeristen komen natuurlijk als laatste aan de beurt. Wie belastingen betaalt, krijgt absolute voorrang. Extra treinen inleggen, is sowieso geen goed idee.

Misschien kan er voor hen, de afgewezen dagjestoeristen, wel een waardebon van af als zij plechtig beloven om de ganse zomer in eigen gemeente door te brengen. Deze bon kan verzilverd worden in een doe-het-zelver-zaak.

Heerlijk toch om inwoner te zijn van een surrealistisch land als Vlaanderen, euh … België!

(n.v.d.r. als ik mij mijn gedachten laat dwalen over andere belangrijke thema’s des vaderlands, dan betekent dat er nog geen bewoners positief testten. Blijven duimen maar.)

Maandag 19 april

Als ik af en toe een luchtig of humoristisch tekstje schrijf, dan probeer ik daarmee mijn eigen ongerustheden even de kop in te drukken. Weekdagen lopen over in weekenddagen, zonder onderscheid tussen werken en ontspanning. De directie van Oostrem, aangevuld met het hoofd van de medische dienst en de artsen, staan continu met elkaar in contact. De gsm’s zijn steeds in de buurt of worden kort bij een huisgenoot (bv. bij het douchen) in bewaring gegeven. Elke ziektemelding, elk kuchje, elke koortsopstoot wordt besproken, geanalyseerd en gecatalogiseerd. Elke dag zonder aantoonbare besmetting is een gewonnen dag. Elke dag groeit de hoop dat er medicijnen gevonden worden die de scherpe kantjes van het virus kunnen afvijlen. De garantie dat wij het virus buiten kunnen houden, is er niet. Het virus zal nog heel lang rond dwalen en de kans dat een bewoner of begeleider op een dag besmet raakt, is meer dan reëel.

Elke gewonnen dag laat toe om het beleid in de voorziening bij te kleuren en aan te passen. Intussen werken alle begeleiders met een mondmasker. Verpleegschorten vinden meer en meer ingang.
De hygiënische maatregelen worden aangescherpt.

Vorige donderdag kregen wij waardevolle tips van een medewerker ziekenhuishygiëne die wij maximaal integreren. Zij raakte overtuigd van ons kunnen, maar ook van de grenzen waar wij tegen aanlopen.

Zo behoort het installeren van een COVID-afdeling niet echt tot de mogelijkheden. Vandaar dat er ook al verschillende positieve contacten gelegd werden met het Universitaire Ziekenhuis Leuven. Gasthuisberg waarborgt dat zij zullen instaan voor de opvang van bewoners die besmet raken of die onmogelijk in Oostrem onder quarantaine kunnen geplaatst worden.

Tegelijk bekijken wij of wij in beperkte opvang kunnen voorzien van besmette bewoners, na testing, die geen klachten vertonen. Deze opvang moet dan strikt gescheiden gebeuren van de andere werkingen. Je merkt het. Het coronavirus is niet alleen onze contreien binnengedrongen, maar neemt nagenoeg al onze tijd in beslag.

Hier en daar blijft er gelukkig toch nog wat ruimte voor wat andere opdrachten, maar daarover schrijf ik later meer.

Dinsdag 21 april

‘Stad Leuven bezorgt elke Leuvenaar een gratis herbruikbaar mondmasker. Deze mondmaskers zullen een grote rol spelen in geleidelijke afbouw’

‘Dovy Keukens Roeselare startte gisteren terug op, weliswaar met minder werknemers en met respect voor social distancing en met mondmaskers’

‘Drastisch minder bezoekers, twee shifts en mondmaskers: zo ziet Studio 100 de pretparkzomer’

Het dragen van mondmaskers zullen het ultieme hulpmiddel worden om de samenleving geleidelijk aan terug op te starten. Het zal niet lang meer duren vooraleer trendy maskertjes in alle kleuren beschikbaar worden. We kijken er reikhalzend naar uit en zien deze maskertjes al een beetje als het nieuwe normaal.

Het zorgpersoneel weet wel beter. Een mondmasker is geen leuk hebbeding, maar een levensnoodzakelijk beschermingsmiddel. Het is vooral zeer weinig comfortabel, want het moet er voor zorgen dat speekselpartikels zich niet verspreiden. In stoffen maskers moet een papieren zakdoek of een koffiefilter gestoken worden die de luchtstroom afsnijdt. Het gevolg is dat begeleiders klagen over hoofdpijn en irritatie. Een collega, met hoorapparaat, heeft last van een continue fluittoon door de druk van de elastiek. Een mondmasker is ook maar effectief als het de mond en neus volledig afschermt. Dat kan het best op een gladde kin. Mannen met baarden zullen er aan geloven.

Het zal niet lang duren vooraleer deze maskertjes vervloekt worden en het dragen ervan tot een minimum herleid wordt. Het wordt een ideaal hulpmiddel om het openbaar vervoer te nemen, snel een boodschap te doen, maar ik zie er ons nog niet mee op het strand liggen of rondjes draaien in een pretpark.

Ik stel voor dat al diegenen die een mondmaskertje hebben liggen dat gedurende vier uur onafgebroken aanhouden. Op die manier wordt iedereen ervaringsdeskundige. Wees maar zeker dat het avondapplaus voor het zorgpersoneel nog veel luider zal klinken.

Woensdag 22 april

Als ik gisterenmorgen in Oostrem toekwam, stond de MUG en de ziekenwagen voor de deur. Het viel gewoon niet te ontkennen dat het om een ernstige situatie ging. Mijn vermoeden werd bewaarheid. K, bewoner van De Wilg, had ’s ochtends hoge koorts, de saturatiewaarde (het zuurstofgehalte in het bloed) was extreem laag en er was nauwelijks nog bewustzijn. K. werd ter plaatse geïntubeerd (het inbrengen van een buis in de luchtpijp ten behoeve van beademingsapparatuur) en nadien naar het ziekenhuis gevoerd. En daar sta je dan. Een troostende arm op de schouder leggen van het verzorgend personeel, even een woordje richten naar de aanwezige bewoners, … het mag allemaal niet. Het beperkt zich tot het aanwezig blijven op de parking vooraan, een woordje van inleving richten naar de aanwezige verpleegkundige en een aantal personen snel op de hoogte brengen. En dan het zoveelste overleg om de situatie correct proberen in te schatten. Net voor de middag vernemen wij dat K. negatief test op Covid-19 en dat hij op de ‘gewone’ intensieve afdeling ligt. Dat maakt de situatie in Oostrem terug beheersbaar, maar ontkent de zeer zwakke gezondheidstoestand van onze dierbare bewoner niet. En dan begint het bange afwachten. Wat moet dat niet zijn voor zijn ouders én kinderen die zelfs niet naar het ziekenhuis kunnen afzakken.

Vechten, man, blijven vechten, roept onze verpleegkundige nog na als K. in de ziekenwagen ligt. En ik denk: Doe voor voor jou, doe het voor je familie en doe het aub ook voor ons.

Donderdag 23 april

Soms lijkt het er op dat Oostrem herschapen werd tot één groot amateurtoneel. De meest vreemde creaturen bevolken de bühne van onze woonhuizen. Dat heeft nog steeds te maken met een gebrek aan het juiste beschermingsmateriaal. We proberen bestellingen te plaatsen, maar dat lukt maar met mondjesmaat. Begeleiders dragen boven hun eigen kleding opgeknoopte operatiekleedjes (je kent die wel; die kleedjes lekker fris achteraan) bij de verzorging. Leveringen zoals verpleegschorten lopen telkens vertraging op. Recent plaatsten wij dan maar de bestelling van witte T-Shirts, op 60°C wasbaar. Dan kunnen de begeleiders toch minstens een T-Shirt aantrekken en die na het werk in de wasmand deponeren; kwestie van besmettingen niet binnen te brengen en buiten te houden. Door de aanleveringen van de overheid beschikken wij nu wel over voldoende chirurgische mondmaskers om twee maanden toe te komen. Die worden nu door al onze begeleiders gebruikt. Handschoenen en alcogels zijn er ook, maar daar blijft het bij. Intussen blijft het behelpen en moet iedereen creatief aan de slag. Het blijft ploeteren.

Onze bewoners gaan nog steeds erg rustig met dit hele circus om. Nu zijn zij niet de enigen die er ‘eigen’’aardig’ uit zien en soms vreemd gedrag vertonen.

(K. ademt terug zelfstandig en de antibiotica slaat aan; duimen voor een goed verloop)

Vrijdag 24 april

In alle luwte werken wij strategieën uit om bezoek toe te laten en het dagcentrum geleidelijk terug op te starten. Wij overlegden met onze KWAITO-partners (www.kwaito.be) en stelden de volgende criteria voorop: PERSPECTIEF – MAATWERK – VEILIGHEID.

We beseffen dat iedereen nood heeft aan perspectief, aan lichtpuntjes aan het einde van de tunnel. Als wij zonder perspectief verder moeten, bestaat het gevaar dat de meest noodzakelijke maatregelen niet langer opgevolgd worden. Hopelijk houdt de Nationale Veiligheidsraad daar vandaag rekening mee.

Uiteraard staat veiligheid voorop, zowel voor de personen die wij ondersteunen als voor onze medewerkers.

Maatwerk houdt in dat de regelingen per persoon, per werking anders moeten ingevuld worden. Elke werking is uniek en dat geldt ook voor onze gebruikers.

We bouwen ook terugval in. Als een werking gecontamineerd raakt door besmettingen, dan kan bezoek daar niet langer toegelaten worden. We zetten stapjes vooruit, maar houden er rekening mee dat er af en toe een stapje moet teruggezet worden.

Wij gaan er nog steeds van uit dat de bezoekregeling vanaf 4 mei opstart. Voor de geleidelijke opstart van het dagcentrum stellen wij 11 mei voorop.

Wij laten onze voorstellen vooraf bekrachtigen door de bevoegde overheden. Meer nog, zij vragen naar analogie van het onderwijs, dat wij onze exit-strategieën delen om tot een globaal plan van aanpak te komen.

(nvdr. De Paaschocolade-actie bracht in deze Coronatijden toch nog € 2000 op. Bedankt iedereen die chocolade aankocht of chocolade wegschonk aan de Helden van de Zorg)

Zaterdag 25 april

In afwachting van de persconferentie van de Nationale Veiligheidsraad keek ik naar de seizoensafsluiter van Thuis. Ik beken. De weinige avonden dat ik, in normale omstandigheden, thuis ben, ben ik een trouwe kijker. Ik zag Tamara van een stuntelige actrice uitgroeien tot een zeer goede actrice. Ik heb het stille vermoeden dat Louieke in het echte leven ook een koleriek manneke moet zijn en ik vraag mij af of Waldek in het echte leven ook alles met een ‘oe’klank uitspreek. Zoals de verwachten liep de laatste aflevering, die met zeer veel bravoure aangekondigd werd, met een sisser af. Er gebeurde nauwelijks iets. Nancy en Dieter hebben zicht terug verzoend en er moet iemand overleden zijn. En het is iemand die flik Tim persoonlijk kent. Saai!

Maar dan ga ik op het puntje zitten voor het uur van de waarheid. De Nationale Veiligheidsraad, spreekbuis van de Redders des Vaderlands, zal duidelijk maken hoe zij het Corona-virus de volgende weken het hoofd zal bieden. Er werd zelfs een geheim wapen boven gehaald, nl. de Powerpoint.

Voor diegene die dit ultramoderne communicatiemiddel nog niet kennen, geef ik kort toelichting. Een powerpoint heeft de bedoeling om aan de hand van een presentatie de kernboodschap van een spreker visueel in beeld te brengen. Elke trouwe gebruiker weet dat de puntjes zeer kort moeten zijn en enkel dienen om helderheid te creëren. Het is enkel bedoeld als een ondersteunend medium die een boodschap kracht moet bijzetten.

Ik gebruik het steevast als ondersteuning van de agenda van de Raad van Bestuur van Oostrem waardoor wij er in slagen om elke vergadering op maximaal twee uur te besluiten. Heel even heb ik overwogen om naar Presi over te schakelen, maar dat programma stierf, hopelijk, een snelle dood. Ik werd er gewoon zeeziek van. Dit alles doet niet ter zake, maar als opbouw naar een spannende finale kan het wel tellen.

Wat volgt is een uren durende uitleg door de prominenten van het land. Iedereen mag zijn zegje doen en het ene gedoddel vloeit over in het andere (doddelen = verspreken, stotteren, met een dubbele, dikke of zware tong spreken). Alles wordt simultaan vertaald door de Nederlandstalige en Franstalige tolk. De Duitstalige gemeenschap moet het zonder doen. Misschien heeft dat te maken met het zeer beperkte gewicht van de Duitse gebieden in ons land ofwel omdat den Duits toch nog altijd een oorlogsschuld moet betalen.

De aangekondigde powerpointpresentatie is één grote klucht. Ik waan mij terug in een magnifieke aflevering van ‘In de Gloria’. Ik speur het scherm af om te kijken of ik Jan Eelen niet ergens in de coulissen van de Wetstraat waarneem.

Het wordt een zodanig groot lachstuk (mijn echtgenote kroop op bepaalde momenten bijna in het scherm om de tekst op de powerpoint te lezen) dat alle inhoud ons ontgaat.

In het Nationaal Belang laat ik jullie vandaag ook op jullie honger zitten. Over de inhoud van het akkoord zal ik in dit stukje met geen woord reppen. Dat doe ik vanaf morgen wel.

Zondag 26 april

Het zal zeker al meer dan een maand geleden zijn dat ik via een federale overheidssite het tekort aan beschermingsmateriaal in Oostrem aankaartte. Ik gaf onze noden door in de hoop dat er snel leveringen zouden volgen. Ik leefde zelfs een beetje op hoop omdat er de voorbije weken vanuit het Vlaamse Agentschap (VAPH) chirurgische mondmaskers geleverd werden.

Vrijdagavond, 23u03, kreeg ik eindelijk antwoord op mijn mail. Ik publiceer dit zonder commentaar, maar één zaak is duidelijk: ‘Wij zijn hoofdzakelijk op onszelf aangewezen’.

Beste,

Bedankt om uw behoefte naar persoonlijk beschermingsmateriaal of medische hulpmiddelen in te dienen.

Ondanks alle inspanningen, federaal en regionaal, is het helaas niet mogelijk om te voldoen aan alle noden van de hulpvragende sectoren, gezien de schaarste en de onzekerheid aan medisch materiaal op de markt. De gesignaleerde noden leiden, met andere woorden, niet automatisch tot een “bestelling” van individueel beschermingsmateriaal of medische hulpmiddelen.

Niettemin blijft deze informatie essentieel en erg waardevol in onze strijd tegen COVID-19, niet alleen om een reële inschatting van de behoefte aan individueel beschermingsmateriaal of medische hulpmiddelen te blijven maken (in overeenstemming met de evoluties van deze pandemie), maar ook om leermomenten te identificeren en een meer gerichte aanpak te realiseren.

Dit neemt niet weg dat we, in de mate van het mogelijke, bepaalde noden kunnen invullen. In voorkomend geval, ontvangt u verdere berichtgeving omtrent levering of contacteren we u om mogelijke oplossingen voor een tekort aan medische hulpmiddelen aan te reiken.

We danken u voor al uw inspanningen in de strijd tegen Covid-19.

Maandag 27 april

Het ziet er naar uit dat ons bevoegd agentschap ons snel een aantal richtlijnen/vuistregels zal bezorgen voor het opstellen en opstarten van een bezoekregeling. Aan de basis zal een ethisch kompas liggen dat door experten zoals Yvonne Denier, Marc Vlaeminck en Ignaas Devisch wordt voorbereid. De kernvraag is: ‘Hoe bevorderen onze keuzes het welzijn en waardigheid van elke unieke persoon in afweging met het algemene belang van de samenleving?’. Met dat principe in het achterhoofd mag elke voorziening aan de slag. Er komt dus geen algemene strikte richtlijn, maar elke voorziening moet zelf afwegingen maken, rekening houdend met de eigenheid van de doelgroep, beschikbaar materiaal en personeel. Een voorziening zoals Oostrem die, tot vandaag, geen besmettingen telt, kan dus een andere regeling uitwerken dan een voorziening met een ernstige uitbraak. Zoals reeds eerder aangekondigd, werkt elk woonhuis momenteel aan een bezoekplan vertrekkend vanuit drie principes: Perspectief – Maatwerk – Veiligheid. Nog even volhouden en het familiale contact wordt hersteld.

Dinsdag 28 april

Dat zullen wij waarschijnlijk niet meer doen, zegt Van Ranst met zachte vastberadenheid. Ik wil op zijn Jambon’s zeggen ‘Dagadegijniebepalen’ maar mijn woorden vallen stil omwille van zijn natuurlijke autoriteit en zijn welgemeende bedoelingen. Geen handen meer geven, geen zieke kinderen naar de grootouders, maar wel automatisch meer afstand bewaren en bij het minste kuchje een mondmasker dragen. Werknemers met milde ziekteklachten horen sowieso thuis te blijven om hun collega’s niet aan te steken.

Ik kon het niet laten om op zoek te gaan naar de gezinssituatie van Van Ranst. Hij is 54 jaar en zijn zoontje 10 jaar. Waarschijnlijk zijn de grootouders om en bij de 80 jaar. Hun rol in de opvoeding van de kleinkinderen zal waarschijnlijk niet meer zo groot zijn, maar heel wat jonge grootouders springen dagelijks in de bres voor hun oogappels. Zij doen dit net op de momenten dat de kleinkinderen niet naar de dagopvang of school kunnen, als zij ziek zijn of tijdens de vakantiemaanden. Zij doen het ook vaak om de kost van de jonge gezinnen te helpen drukken. Het is de generatie van de 60-plussers die zowel een belangrijke rol spelen in het leven van de kleinkinderen als van hun eigen hoogbejaarde ouders. Het is die generatie die alsmaar langer aan het werk moet en heel wat verschillende taken en verwachtingen moeten afstemmen. Het zijn topmanagers die zich niet onttrekken aan hun dagelijkse verantwoordelijkheden. Het zijn vaak de ideale mantelzorgers die er mee voor zorgen dat het economische systeem niet ontwricht raakt. Stel je voor dat zieke kinderen niet meer naar de grootouders kunnen? Waar kunnen zij dan wel terecht? Gaan werkgevers bereid zijn om hun jonge werknemers te pas en te onpas vrij te geven als zij komen aandraven met een ziektebriefje van hun kind?

Vermaatschappelijking van de zorg, de kracht van de informele zorg zijn kernbegrippen die de laatste jaren steeds meer opwachting vonden. ‘De kracht van de informele zorg moet gemobiliseerd worden’, was het adagio van Jo Vandeurzen, de vorige minister van Welzijn. Iedereen moet proberen om zelf zijn zorg te organiseren, terwijl de overheid zich meer en meer terugtrekt. Staat heel deze zienswijze nu ter discussie? Is er toch nog een plaats weggelegd voor een sterke overheid die reguleert en anonieme solidariteit organiseert? Is het toeval dat de overheid telkens moet bijspringen in crisissituaties en banken en bedrijven moet redden als het misgaat? Zou het dat zijn wat Van Ranst bedoelt?

Woensdag 29 april

Loon naar werk, met meer aan het werk’. Met deze slogan trok de Witte Woede zich eind jaren 80, begin jaren 90 (van de voorbije eeuw) op gang. Eigenlijk heeft deze slogan nog niets aan waarde ingeboet. Door corona wordt duidelijk welke beroepsgroepen tot de essentiële sectoren van onze samenleving behoren. Het zijn de postbodes die nog elke dag pakjes bezorgen, de vuilnismannen die nadien de verpakkingen komen ophalen, de voedingswinkels die nog steeds open blijven, de vervoersmaatschappijen die onverminderd blijven rijden, het onderwijzend personeel dat zeer creatief les blijft geven en het zorgpersoneel dat er elke dag staat. Al deze beroepsgroepen dragen zorg voor anderen en maken deel uit van het zorgpersoneel. Zonder onderscheid!

Zij doen dat niet om dagelijks applaus te krijgen, maar zij zijn zich wel bewust van hun meerwaarde voor de samenleving. Hopelijk geraken de andere beroepsgroepen en de politici daar ook van overtuigd. Gelukkig maar dat het voorstel om het zorgpersoneel een eenmalige premie (een aflaat?) toe te kennen een stille dood sterft. Een beter voorstel is om de barema’s van deze personeelsleden structureel op te hogen en vooral om voldoende personeel aan deze sectoren toe te kennen.

Misschien blijven er dan geen duizenden vacatures openstaan, zoals minister Beke beweert (ik zal zeker ook nog iets schrijven over besparingen die geen besparingen zijn, maar die er feitelijk wel zijn).

Eén zaak voel ik feilloos aan. De Witte Woede zal, na corona, terug opborrelen zoals nooit tevoren. Nu wordt er keihard gewerkt, maar nadien komt de ontlading. Dat wordt dan de volgende crisis die wij, en de overheden, zullen moeten beteugelen.

Donderdag 30 april

Ook onze vrijwilligers staan in de kou. We kregen al enkele keren de vraag op welke wijze zij een bijdrage kunnen leveren en ons antwoord blijft uit. Dit is uiteraard erg frustrerend, want zij verhogen op gewone dagen het Bruto Nationaal Geluk van de bewoners en begeleiders van Oostrem. In ruil krijgen zij waardering terug, zonder dat er een eurocent verplaatst wordt. Zij zorgen voor de kers op de taart, maar nu even niet. Nochtans hopen dat wij snel terug op hen een beroep kunnen doen. Misschien zal de vorm er wat anders uit zien, maar het zou op termijn toch moeten mogelijk zijn dat een vrijwilliger een wandeling of een fietstocht met één van de bewoners maakt. Dat moet lukken met inachtneming van alle veiligheidsvoorschriften. Daarnaast willen wij binnenkort Dé Werkplaats, met mondjesmaat, terug open stellen. Dan maken wij graag terug gebruik van onze vrijwillige chauffeurs om goederen op te halen en af te leveren. Wij beseffen meer dan ooit dat wij hen nodig blijven hebben.

En dan toch twee-goed-nieuws berichtjes:

Vanaf 4 mei starten wij effectief op met bezoek. Het agentschap gaf groen licht en hield rekening met de argumenten die wij vanuit Kwaito (www.kwaito.be) aanbrachten. Wij zorgden ook voor een inbreng over het geleidelijk heropstarten van de dagwerkingen en van ambulant/mobiele begeleidingen.

Ondanks de ongewone tijden konden wij de Paaschocolade-actie succesvol afronden met een netto opbrengst van € 2000.