Mario Vanhaeren sluit directeurschap Oostrem af met een spetterend feest

Terug

Op 31 augustus 1982 startte Mario Vanhaeren zijn carrière bij Oostrem. Exact 44 jaar, en een indrukwekkend palmares aan impactvolle en vernieuwende projecten later, vierden we op 29 augustus in een overvolle zaal en met veel ambiance zijn pensioen.



Mario stelde zijn boek over de geschiedenis van Oostrem voor. Zoals het onze eigenwijze, wijze directeur betaamt, hield hij op geheel eigen wijze een warm afscheidswoord:


Hier sta ik dan op mijn eigen uitvaartplechtigheid, na exact 44 jaar engagement voor Oostrem. Dat lijkt voor jullie misschien een eeuwigheid, maar de jaren vlogen voorbij. Dat gaat zo als je de kans krijgt om verantwoordelijkheid te dragen, te experimenteren, te innoveren en risico’s te nemen.

Als ik mezelf zou omschrijven, wars van alle complimenten waarmee jullie mij bewierrookten, ‘van de doden immer niks dan goeds’, dan vind ik mij terug in het voorwoord dat Mohamed Ridouani over de oud-burgemeester Louis Tobback schreef in het boek
’De metamorfose van Leuven. ‘Wat mij bij Louis Tobback altijd treft, is zijn gave om een complexe problematiek te herleiden tot zijn naakte essentie en waarheid. Hij kan iets complex heel eenvoudig en duidelijk uitleggen, zonder dat het aan diepgang verliest.
Zoals er een tijd van praten is, is er ook een tijd van beslissen. Hij liet voldoende ruimte voor inbreng en debat, maar hij vond dat de zorg voor interactie en betrokkenheid gecombineerd moest worden met besluitvaardigheid’.

In die woorden van Mohamed erkende ik mij volledig. Misschien zit er toch iets in het Leuvens water dat ons verbindt. Mijn collega’s zeiden het vaak: ‘Je weet wat je aan Mario hebt, hij is altijd duidelijk’.

Marc, een van onze trouwe logistieke medewerkers, verwoordde het zo: ‘Bedankt voor het vertrouwen de afgelopen 29 jaar dat ik in Oostrem werk. ‘Wat niet altijd zo simpel was, kon jij simpel maken’.

Geert, de eerste orthoagoog en nadien bestuurder van Oostrem, stuurde mij gisteren het volgende door: ‘Je kon complexe zaken scherp verwoorden en tegelijk de essentie bewaren’.

Dat heb ik altijd als een compliment ervaren.

Als afscheidscadeau schreef ik de afgelopen jaren aan een boek dat de geschiedenis van het zestigjarige bestaan van onze voorziening weergeeft. Het groeide uit tot een rijk geïllustreerde uitgave, vol anekdotes, foto's en korte interviews. Het boek ademt het DNA van Oostrem: steeds stonden de vragen en verwachtingen van gebruikers en hun netwerk centraal. Doorheen de jaren evolueerde Oostrem van een kwaliteitsvolle voorziening tot een sociale onderneming en een netwerkorganisatie, waarbij telkens opnieuw nieuwe samenwerkingsverbanden werden opgebouwd.

Mijn bedoeling was een toegankelijk boek te maken dat uitnodigt om te lezen, te ontdekken en mee de schouders onder Oostrem te blijven zetten. Ik schreef het vanuit mijn herinneringen. Een kritische lezer zal hier en daar misschien een onvolkomenheid opmerken, want uit het verleden werd helaas maar weinig systematisch gearchiveerd.

In Knack (nr. 29, jaargang 2026) las ik een interview met de Franse auteur Emma Doude van Troostwijk. Zij stelt dat elk verhaal in zekere zin fictie is. Vanaf het moment dat je een verhaal schrijft, tu entres dans le monde de la fiction – je treedt binnen in de wereld van de fictie. Zelfs wanneer je een verhaal zo waarheidsgetrouw mogelijk probeert weer te geven, blijft het een interpretatie. De manier waarop je gebeurtenissen beschrijft, wat je vertelt en wat je weglaat, het perspectief dat je kiest: al die elementen maken dat je uiteindelijk altijd een verhaal vertelt.

Aanvankelijk was het mijn bedoeling om dit boek volledig in eigen beheer, samen met een redactieraad, af te werken. Gelukkig had ik de wijsheid om mij professioneel te laten begeleiden door Bram, Tine en Kris. Dankzij hun inzet groeide het uit tot een mooi en verzorgd geheel, met een prachtige vormgeving.

Ik waag mij er niet aan iedereen die aan dit boek heeft bijgedragen afzonderlijk bij naam te noemen. Zij weten hoe dankbaar ik ben voor hun betrokkenheid, steun en bijdrage.

Mijn bijzondere erkentelijkheid gaat uit naar Lions Leuven, die deze uitgave financieel mee mogelijk maakte. Doorheen de jaren groeide mijn band met de clubleden uit tot een hechte vriendschap.
Daarnaast zijn er ontelbaar veel mensen die in de voorbije zestig jaar hebben meegeschreven aan het rijke en boeiende verhaal van Oostrem.

Dat geldt evenzeer voor mijn eigen familie. Zij schreven softwareprogramma’s, verrichtten kinderarbeid bij de opstart van Dé Werkplaats, hielpen mee aan kaas- en wijnavonden, maakten flyers, zetten sponsoracties op en ontwierpen huisstijlen en logo’s.
Ik wil ook de bestuurders van Oostrem danken. Zij vormen de stille, vaak anonieme krachten die onbezoldigd de eindverantwoordelijkheid dragen. Hun engagement kent zijn gelijke niet.

Mijn grootste dankbaarheid gaat echter uit naar de ‘gasten’: de bewoners, bezoekers van het dagcentrum, begeleidwerkers, hun families en netwerken, die ons hun vertrouwen schonken. Wij hebben hen nooit herleid tot ‘cliënten’ of ‘klanten’, omdat onze relatie daarvoor veel te wederkerig en te hecht was.

Zij verdienen veeleer de titel van opdrachtgever of werkgever. Elk van hen draag ik, stuk voor stuk, in mijn hart.

-- Mario


 

PS: Wie nog op zoek is naar een attentie voor mijn pensioen of de realisatie van dit boek mee wil financieren, kan een gift storten aan Oostrem met vermelding ‘Gift pensioen Mario’.

Giften vanaf 40 € zijn fiscaal aftrekbaar.

08/09/2026

Meer nieuws

Kristien en Katrien, onze nieuwe directeurs
Mario Vanhaeren neemt voor de laatste keer het woord als directeur
Een generatie zwaait af…